100% de satisfacción garantizada Inmediatamente disponible después del pago Tanto en línea como en PDF No estas atado a nada 4,6 TrustPilot
logo-home
Notas de lectura

Uitgebreide lesnotas van 'Hart en vaten 1' bachelor geneeskunde

Puntuación
-
Vendido
-
Páginas
387
Subido en
05-03-2025
Escrito en
2020/2021

Uitgebreide lesnota's van alle lessen 'Hart en vaten I', gegeven in de bachelor geneeskunde, inclusief uitgewerkte casussen. Met figuren over anatomie etc bijgevoegd. Met deze lesnota's heb ik een 16 gehaald.

Institución
Grado

Vista previa del contenido

Les 1: introductie: het cardiovasculaire systeem
21/10/2019
Niet alles uit boekje moet gekend zijn. Leerstofoverzicht staat op BB. Examen is MCQ met
giscorrectie.

1. Circulatie
Waarom is er een cardiovasculair systeem? Als je kijkt naar een uni cellulair organisme (bv
bacterie). Ze hebben een aanvoer van O 2 en afvoer van CO2 nodig. De gasuitwisseling gaat
aan de hand van actief transport of diffusie gebeuren. Ze hebben geen cardiovasculair
systeem aanwezig maar gewoon door uitwisseling met omgeving.
Bij complexere organismen gaan sommige cellen te ver verwijdert zijn van de omgeving. Er
is een deel nog in rechtstreeks contant met buitenwereld. Om te garanderen dat ze allemaal
contact hebben met buitenwereld is er een pompsysteem waarbij vloeistof wordt
rondgepompt in het organisme. Deel hiervan in contact met de buitenwereld om aan
gasuitwisseling te kunnen doen. De vloeistof gaat hier de buitenwereld vervangen want gaat
in buurt van alle cellen komen. Er is een pompfunctie nodig om de vloeistof te doen
circuleren. De pomp gaat op de buis die de circulatie is gezet worden en gaat samentrekken.
In bv de mens is de circulatie complexer want het bestaat uit 2 pompen/ circuits. Bij
zoogdieren is er een dubbele pomp.
Mens: Er is een circulatie (de kleine circulatie, bronchiale circulatie) die gaat zorgen dat
longen een bloedtoevoer hebben zodat er gasuitwisseling kan plaatsvinden en het bloed
geoxygeneerd wordt. Andere circulatie (de systeemcirculatie) is om het bloed naar de
weefsels te brengen en deze vertrekt vanuit het linker hart en gaat het bloed langs andere
aspecten van de buitenwereld brengen zoals bv de nieren, darmstelsel.



2. Het cardiovasculaire systeem
Het hart en de bloedvaten gaan een functioneel systeem vormen. Ze gaan elkaar afregelen
en controleren. Hart is een pomp en zorgt dat bloed/ vocht door lichaam gepompt wordt.
Linker hart gaat vloed naar het vaatbed van verschillende weefsels pompen. In alle organen
zijn er capillairen (kleine vertakkingen) waar de uitwisseling tussen weefsel en bloed gaat
plaatsvinden (=de essentie van cardiovasculaire systeem).
Lymfatisch systeem is een tweede soort vaatsysteem dat vanuit de verschillende organen en
spieren vertrekt. Het is een soort overvloei systeem: als er vocht in de weefsels blijft staan (is
intrinsiek vaak het geval) dat gaat het door het lymfatisch systeem opvangen worden en zal
het worden terug gebracht naar de bloedvatcirculatie (ter hoogte van de grote vaten ter
hoogte van rechter atrium). Het lymfatisch systeem heeft geen pomp maar gaat functioneren
door samentrekken van spieren en doordat de vaten klepjes bevatten die het vocht naar
rechter hart gaan pompen.
Als lymfevaten niet goed werken zullen bepaalde delen van het lichaam zwellen. Overloop
functie gaat dan niet meer goed werken en het vocht gaat in de weefsels opstapelen.

,3. Schikking van de organen/ vaatbedden
Alle haarvaatsystemen zitten in een parallelle organisatie. De enige uitzondering hierop is de
lever en de darmen: hierbij gaat het haarvatsysteem in serie staan. De lever krijgt bloed van
de darmen via de portale circulatie. Grootste deel lever staat in serie dat door de damen
gaat.
Waarom staan de haarvaatsystemen in parallel? Als er een probleem is in 1 orgaan of
lidmaat dan heeft het een minder groot effect op de rest van het lichaam tegenover wanneer
het in serie zou staan. Als je in serie zit dan heb je een probleem: als er geen doorbloeding
van de weefsels, dan gaan de achterliggende weefsels ook geen bloed krijgen. Het voorkomt
dat verandering in doorbloeding van één orgaan de doorbloeding van de andere organen
niet gaat beïnvloeden.
In de kleine circulatie staat wel alles in serie. Wat er van hartdebiet door de ene circulatie
gaat, gaat ook door de andere. Als ene een te kleine perfusie heeft (te weinig kan
rondpompen) dan kan de andere ook te weinig rondpompen want ze staan in serie. Wat door
de ene gaat, gaat ook door de andere en omgekeerd. Bv ene longembolie, geen bloed in de
longen en daarom geen circulatie in het linker hart en zo mogelijks geen bloed rondgepompt.

4. Bloedstroom
Hoe verloopt de doorstroming? Er is een plek die een druk genegeerd (hart) en afhankelijk
of er weestand is op de vaten gaat er een bepaald debiet zijn. Als er geen druk is, dan is er
geen doorbloeding. De wet van Ohm gaat de weerstand van de verschillende organen
bepalen (wordt per orgaan bepaalt).
F = P/R waarbij R de weerstand van de vaten is, P de druk en F het debiet. Het debiet is
afhankelijk van de hartslag en van het slagvolume (wordt door de vulingsdruk bepaald). De
druk wordt door het soort vaatbed bepaalt.
Tonusverandering (weerstandsverandering) in het vaatbed van veneus systeem gaat de
vullingsdruk van het hart bepalen. Deze druk is een belangrijke maat voor de functie van ons
hart en hoe hij druk kan genereren en met welk debiet.
De weerstand van de vaatbedden in parallel: 1/R = (1/R1 + 1/R2 + 1/R3 …..1/Rx)
De weerstand van de vaatbedden in serie (bv de nier en lever): R3= R3a + R3b
De totale weerstand van het lichaam is afhankelijk van de parallelle doorstroming. Wanneer
er 1 weerstand verandert, heeft het een minder groot effect tegenover wanneer het in serie
zou staan.
Een vaatsysteem (lymfe) gaat weinig weerslag hebben op een ander vaatsysteem
(cardiovasculair).
In het arterieel systeem zit er weinig bloed,
het meeste bloed zit in venen. 70% van het
bloed zit in de venen, 15% in het hart en de
longen, 15% in de capillairen en 10% in het
arteriële systeem.
Een verlaagde bloeddruk:
- Het autonome zenuwstelsel gaat zorgen voor cardiale stimulatie en vasoconstrictie.
Dit is een snelle respons.

, - De nieren gaan het bloedvolume doen stijgen. Dit is een trage respons.

4. Vasculair systeem
Het vasculaire systeem gaat de bloedstroom doorheen het lichaam verdelen.
- Regelt de arteriële bloeddruk (via vasodilatatie en vasoconstrictie).
- Regelt de doorbloeding van de organen.
- Maakt de uitwisseling met de weefsels mogelijk.
De vrijzetting van vaso-actieve en andere substanties gaan invloed hebbe op de regeling van
de vaattonus en de doorbloeding van de weefsels. De humorale factoren die vanuit bepaalde
weefsels worden aangemaakt gaan invloed hebben op de doorbloeding van deze weefsels.
Speelt ook een rol bij hemostasis en inflammatoire reacties.

5. Wederzijdse afhankelijkheid
De orgaanfunctie is afhankelijk van de circulatoire functie door de aan en afvoer van gassen,
metabole bouwstenen en afbraakproducten.
Het cardiovasculaire functie en de orgaanfunctie zijn van elkaar afhankelijk. De hersenen
(regelmechanisme) gaan de hartpomp aansturen voor contractie wat voor circulatie zorgt. De
nieren hebben een volume regulerende functie en ze gaan de samenstelling van het
circulerende bloed ook kunnen veranderen. Als de hersenen het niet goed doen gaan de
volgende stappen ook niet kunnen gebeuren.

6. Basisprincipes van de circulatoire functie
De bloedflow naar elk orgaan in het lichaam is steeds precies in verhouding tot de metabole
behoefte van dit weefsel. Als het metabool erg actief is, gaat het meer O 2 toevoer en meer
afvoer van CO2 en afvalproducten hebben.
Het hartdebiet wordt hoofdzakelijk bepaald door de som van al de debieten van de lokale
weefseldoorbloeding.
De controle van de arteriële druk is grotendeels onafhankelijk van de regeling van de lokale
doorbloeding en van de regeling van het hartdebiet.

7. Neurale, humorale en lokale regulatie
De regeling van de doorbloeding is zowel
- Neuraal: hersenen die via zenuwen invloed hebben.
- Humoraal: stoffen die door organen worden afgegeven. (bv de nier die bepaalde
stoffen gaan afvoeren).
- Lokale regulatie: weefsels gaan zelf stoffen produceren die de doorbloeding gaat
beïnvloeden. Het vasculaire systeem wordt ook door de organen zelf beïnvloed, de
cardiovasculaire functie wordt grotendeels door de orgaanfunctie bepaalt.

, Les 2: cardiochirurgie ba 2: anatomie van het hart
en de grote bloedvaten (21/10/2019)

1. Anatomie van de thorax
Vooraanzicht van de thorax: hart meer naar links gelegen tegenover de middellijn. Het
rechter ventrikel ligt aan de voorzijde.
Topografie is erg belangrijk voor anesthesisten en artsen in het algemeen. Het is lang de
buitenkant bepalen welke structuren mogelijks geraakt kunnen zijn. Je gaat deze ‘landmarks’
preoperatief moeten kunnen aanduiden.
Belangrijke richtpunten zijn: het sternum, de aanhechtingen van de claviculae, de
cosctochindrale juncties, de ribben en de intercostaalruimten.
Het sternum bestaat uit het manubrium, corpus en
procesus xyphoid. De procesuus gaat bij de ene
bijna niet bestaand zijn en bij de andere een
knobbeltje. Het is kraakbeen en wordt weinig
doorbloed en kan hierdoor lang pijn doen. Het
sternum gaat langs de zijkanten insnoeringen
hebben waar de ribben op gaan aanhechten. De
bovenste insnoering (incisura claviculae) is voor de
aanhechting van de clavicula. Daaronder zijn er 7
insnoeringen voor de ribben. Op de laatste gaan rib
7-10 aanhechten. De laatste 2 ribben zijn de
zwevende ribben.


Het sternum gaat met sternumzaag doorgezaagd worden in het midden (= mediane
sternotomie). Na de operatie ga je in het midden met staaldraad hechten zodat het terug aan

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

Subido en
5 de marzo de 2025
Número de páginas
387
Escrito en
2020/2021
Tipo
Notas de lectura
Profesor(es)
Dr heibuchel
Contiene
Todas las clases

Temas

$146.86
Accede al documento completo:

100% de satisfacción garantizada
Inmediatamente disponible después del pago
Tanto en línea como en PDF
No estas atado a nada

Conoce al vendedor
Seller avatar
eileenvermeer

Conoce al vendedor

Seller avatar
eileenvermeer Universiteit Antwerpen
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
1
Miembro desde
11 meses
Número de seguidores
0
Documentos
13
Última venta
10 meses hace

0.0

0 reseñas

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes