Examen terreinverkenning
2. agentschap opgroeien
2.1 agentschap ‘opgroeien’
Opgroeien bundelt de krachten van kind en gezien, jeugdhulp en een deel van het aanbod van het
Vlaamse Agentschap voor personen met een handicap (VAPH)
Visie:
Ouders ondersteunen
Veiligheid van de kinderen staat centraal
Kernopdrachten:
1. Het ondersteunen van individuele, geïntegreerde ontwikkelingstrajecten
Voor alle kinderen en alleenstaande ouders
Voor kwetsbare kinderen, jongeren en gezinnen
Voor kinderen en jongeren die nood hebben aan jeugdhulp
Voor jongeren die een delict pleegden
2. Het stimuleren van een positieve, brede en rijke leefomgeving
Het stimuleren van maatschappelijke participatie
Bruggen bouwen met onderwijs, wonen, vrije tijd
Het erkennen, subsidiëren en vergunnen van partners
3. Het faciliteren van het recht op materiële en financiële ondersteuning
De regie van het groeipakket
De zorgtoeslag
2.2 kind en gezin
Ze volgen voor, tijdens en na de geboorte op hoe de ontwikkeling van het kind loopt en welke
vragen er bij ouders leven.
2.2.1 prenatale ondersteuning: ondersteuning tijdens de zwangerschap
Als aanstaande ouder kan je hier terecht voor allerlei vragen. Je kan hierbij terecht als je drempels
ervaart bij de toegang tot gezondheidszorg. Het is volgens de eigen behoefte van de ouder. Je
wordt eerst onthaald door vrijwilligers en daarna wordt je begeleid door een verpleegkundige en/ of
arts. (wat moet de mama eten tijdens de zwangerschap)
2.2.2 postnatale ondersteuning
Er zijn 2 huisbezoeken en 10 consultatiemomenten, die worden gedaan door een verpleegster.
Tijdens de consultatiemomenten kunnen er vragen gesteld worden en het kind kan ook tijdens
worden gevaccineerd, er wordt ook een gehoortest en een oogtest gedaan.
2.2.3 opvoedingsondersteuning
Je kan er niet enkel terecht voor medische hulp, je kan ook opvoedingsvragen stellen ( kind slaapt
niet en is agressief, waarom?, welk speelgoed). Ze bieden ondersteuning op verschillende vlakken.
Een tweede partner is een CKG -> zij bieden hulp aan ouders die op eigen kracht willen verandering
brengen in een opvoedingsprobleem.
Tijdelijke hulpverlening door mobiele en ambulante begeleidingen, crisisopvang en korte
residentiële opvang.
Rechtstreeks toegankelijk voor ouders
Vertrekt vanuit de bereidheid van de ouders om hieraan mee te werken
Ze bieden ook lange residentiële opvang, maar deze is niet rechtstreeks toegankelijk
,2.2.4 kinderopvang
Ze volgen de kwaliteit van de kinderopvang op, dit doen ze door MeMoQ. Dit is om de kwaliteit door
de werknemers en pedagogische begeleiders van de kinderopvang zelf te monitoren ( welke
taalondersteuning is er)
Kinderopvang is niet voor iedereen betaalbaar, daarom kunnen ze een attest aanvragen. Dit is
maximaal per jaar 250 euro of zelfs 50 euro, het is afhankelijk van de financiële situatie
Per begeleider zijn er 9 kinderen
2.2.5 adoptie in samenwerking met Vlaams centrum voor adoptie
Het Vlaams centrum voor adoptie is er voor elke fase in de adoptie. Ze zijn er voor kandidaat –
adoptanten, mensen die zelf geadopteerd werden. En iedereen die van ver te maken krijgt met
adoptie.
Kind en gezin ondersteunt deze werking
Er zijn 3 vormen van adoptie:
1. Een kind die je al kent
2. Kind van familie in het buitenland
3. Binnenlandse of buitenlandse adoptie
2.3 jeugdhulp
! examenvraag over jeugdhulp en schema !
Integrale jeugdhulp -> er is 1 traject die iedereen volgt om naar de jeugdhulp te gaan. Vroeger kon
je bellen naar daar maar te lange wachtlijsten, sneller en efficiënter aan de juiste hulp geraken.
Van rechtstreeks toegankelijk, wachtlijsten,… naar een nieuwe manier van organisatie…
Nu: ofwel rechtstreeks ofwel niet rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp.
2.3.1 rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp (RTJ)
Rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp is waar je naar toe kan zonder
doorverwijzing of afspraak.
Dit zijn de organisaties :
Eerstelijnsdiensten (huisartsen, ziekenhuizen, OCMW,…) ->
De "eerste lijn" zijn de lokale zorg- en hulpverleners die het
dichtst bij de persoon met een zorg- of ondersteuningsnood
staan. Zij zijn het eerste aanspreekpunt voor personen met
, zorg- en welzijnsvragen. Voorbeelden zijn huisartsen, apothekers, kinesitherapeuten,
thuisverplegers, psychologen, welzijnswerkers…
De diensten ‘brede instap’ waar je heen kan met een vraag of probleem zoals
De inloopteams en preventieteams kind en gezin, clb, CAW en JAC
Er zijn ook diensten die wel voor iedereen toegankelijk zijn, maar toch gespecialiseerd :
Centra voor geestelijke gezondheidszorg (CGG)
Centra voor kinderzorg en gezinsondersteuning (CKG)
Rechtstreeks toegankelijke hulp en diensten ondersteuningsplan (DOP) van het (VAPH)
2.3.1.1 brede instap
Met eender welke hulpvraag kan je terecht bij de brede instap. Dit zijn de hulpverleners van kind en
gezin, de centra voor leerlingenbegeleiding (CLB) en de centra voor algemeen welzijnswerk (CAW).
Dit is meestal info en advies, als er nood is aan specifieke ondersteuning wordt er door verwezen.
Er zijn 4 mogelijke acties : onthaal(luisteren naar de vraag), informatie geven(workshops),
vraagverheldering(wat is de achterliggende vraag, wat zijn de redenen waarom het kind niet goed
slaapt) en verwijzing (eetprobleem -> doorverwijzen door de toegangspoort)
Het is zo laagdrempelig mogelijk !
2.3.1.2 probleem gebonden hulp
Bv. drughulpverlening -> geen toegang nodig van de welzijnspoort, je hoeft niet te wachten om
naar daar te gaan. Je krijgt direct hulp.
Soms is meer nodig, dan wordt er beroep gedaan op de geestelijke gezondheidszorg (CGG), CKG,
vluchthuizen -> je wordt fysiek gelsagen waardoor je naar hier wordt gestuurd, het is een veilige
omgeving ( AWW) en diensten RTH van het VAPH.
Ofwel doorverwezen ofwel rechtsreeks. Bv. een vriendin van je is 18 en drinkt super veel en het is
een probleem aan het worden. Ofwel beseft ze het zelf en gaat ze hulp zoeken, ze klopt aan bij het
ziekenhuis en wordt daar geholpen (rechtstreeks) of vriendin gaan mee en gaat naar een CAW en
zij zeggen waar je naar toe kan gaan -> doorverwezen
Het is hulp dat is gericht op een doelgroep met een specifieke hulpvraag. Het is een specifiek
aanbod. Zoals :
Therapeutische begeleiding
Psychologische begeleiding van jongeren
Kortdurende opvang in een centrum voor kinderzorg en gezinsondersteuning
Thuisbegeleiding vlaams agentschap voor personen met een handicap
Ondersteunende pleegzorg kind en gezin
2.3.1.3 multidisciplinair team
Er is ingrijpende hulp of diagnose nodig, er zitten in zo een team :
psychiaters, psychologen, ergotherapeuten. Je hoeft niet
doorverwezen te worden. Het is rechtstreeks toegankelijk. Een
aanvraag voor niet- rechtstreeks hulp wordt door hun gedaan.
Ze doen voorstellen aan de toegangspoort. Het is niet verplicht,
moet niet als ouder.
Niet alle diagnoses zijn altijd overal mogelijk … -> elk team is
gespecialiseerd in iets anders. Een diagnose kan nodig zijn voor
de aanvraag van een A- document
2.3.1.4 jeugdhulpverleners buiten het toepassingsgebied
Dit zijn de huisarts, kinderpsychiatrische dienst, drughulpverlening,
zelfstandig paramedici zoals logopedist, kinesist,… ; privé- psycholoog,
mutualiteiten. -> rechtstreeks toegankelijk
, Crisisjeugdhulp en continuïteit
Beiden zijn ondersteunend en altijd raadpleegbaar
Crisisjeugdhulp -> direct hulp nodig, bv. zelfmoordgevaar
Continuïteit -> als de jeugdhulp stopt wanneer ze 18 zijn.
Hoe kunnen we ze terug naar een gezin/ maatschappij laten
gaan?
2.3.2 niet- rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp
Bepaalde vormen van hulp zijn zeer ingrijpend zoals een langdurige behandeling. Deze zijn vaak
ook duur en daarom niet zomaar toegankelijk.
Ouders kunnen daar op eigen initiatief geen beroep op doen. Er moet een akkoord en een
tussenkomst zijn van de intersectorale toegangspoort. Er is dus sprake van niet rechtstreeks
toegankelijke hulp
2.3.2.1 intersectorale toegangspoort
Het regelt de toegang tot de niet- rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp.
Een aanvraag kan door elke hulpverlener gebeuren, en ook door een
multidisciplinair team. Een MDT levert een diagnose en kan ook een
voorstel van identificatiestelling uitwerken waarin staat welke hulp
het meest aangewezen is.
De hulpverlener maakt een aanmelding door gebruik van het A-
document. De aanmelder wordt dan de contactpersoon- aanmelder,
waardoor hij bij de situatie van de cliënt betrokken blijft. Op basis
van het A- document gaat de toegangspoort beslissen welke hulp er
nodig is. De hulpverlener moet ook omschrijven welke hulp er al
geprobeerd is.
Elke ‘toegangspoort’ heeft 2 teams :
Indicatiestelling -> Ze gaan na of de omschrijving van de hulpvraag
voldoende duidelijk is en of de aangeleverde diagnostiek van goede
kwaliteit is
o Consensusdossier
SA
IMB
PAB -> persoonlijk assistentiebudget
2. agentschap opgroeien
2.1 agentschap ‘opgroeien’
Opgroeien bundelt de krachten van kind en gezien, jeugdhulp en een deel van het aanbod van het
Vlaamse Agentschap voor personen met een handicap (VAPH)
Visie:
Ouders ondersteunen
Veiligheid van de kinderen staat centraal
Kernopdrachten:
1. Het ondersteunen van individuele, geïntegreerde ontwikkelingstrajecten
Voor alle kinderen en alleenstaande ouders
Voor kwetsbare kinderen, jongeren en gezinnen
Voor kinderen en jongeren die nood hebben aan jeugdhulp
Voor jongeren die een delict pleegden
2. Het stimuleren van een positieve, brede en rijke leefomgeving
Het stimuleren van maatschappelijke participatie
Bruggen bouwen met onderwijs, wonen, vrije tijd
Het erkennen, subsidiëren en vergunnen van partners
3. Het faciliteren van het recht op materiële en financiële ondersteuning
De regie van het groeipakket
De zorgtoeslag
2.2 kind en gezin
Ze volgen voor, tijdens en na de geboorte op hoe de ontwikkeling van het kind loopt en welke
vragen er bij ouders leven.
2.2.1 prenatale ondersteuning: ondersteuning tijdens de zwangerschap
Als aanstaande ouder kan je hier terecht voor allerlei vragen. Je kan hierbij terecht als je drempels
ervaart bij de toegang tot gezondheidszorg. Het is volgens de eigen behoefte van de ouder. Je
wordt eerst onthaald door vrijwilligers en daarna wordt je begeleid door een verpleegkundige en/ of
arts. (wat moet de mama eten tijdens de zwangerschap)
2.2.2 postnatale ondersteuning
Er zijn 2 huisbezoeken en 10 consultatiemomenten, die worden gedaan door een verpleegster.
Tijdens de consultatiemomenten kunnen er vragen gesteld worden en het kind kan ook tijdens
worden gevaccineerd, er wordt ook een gehoortest en een oogtest gedaan.
2.2.3 opvoedingsondersteuning
Je kan er niet enkel terecht voor medische hulp, je kan ook opvoedingsvragen stellen ( kind slaapt
niet en is agressief, waarom?, welk speelgoed). Ze bieden ondersteuning op verschillende vlakken.
Een tweede partner is een CKG -> zij bieden hulp aan ouders die op eigen kracht willen verandering
brengen in een opvoedingsprobleem.
Tijdelijke hulpverlening door mobiele en ambulante begeleidingen, crisisopvang en korte
residentiële opvang.
Rechtstreeks toegankelijk voor ouders
Vertrekt vanuit de bereidheid van de ouders om hieraan mee te werken
Ze bieden ook lange residentiële opvang, maar deze is niet rechtstreeks toegankelijk
,2.2.4 kinderopvang
Ze volgen de kwaliteit van de kinderopvang op, dit doen ze door MeMoQ. Dit is om de kwaliteit door
de werknemers en pedagogische begeleiders van de kinderopvang zelf te monitoren ( welke
taalondersteuning is er)
Kinderopvang is niet voor iedereen betaalbaar, daarom kunnen ze een attest aanvragen. Dit is
maximaal per jaar 250 euro of zelfs 50 euro, het is afhankelijk van de financiële situatie
Per begeleider zijn er 9 kinderen
2.2.5 adoptie in samenwerking met Vlaams centrum voor adoptie
Het Vlaams centrum voor adoptie is er voor elke fase in de adoptie. Ze zijn er voor kandidaat –
adoptanten, mensen die zelf geadopteerd werden. En iedereen die van ver te maken krijgt met
adoptie.
Kind en gezin ondersteunt deze werking
Er zijn 3 vormen van adoptie:
1. Een kind die je al kent
2. Kind van familie in het buitenland
3. Binnenlandse of buitenlandse adoptie
2.3 jeugdhulp
! examenvraag over jeugdhulp en schema !
Integrale jeugdhulp -> er is 1 traject die iedereen volgt om naar de jeugdhulp te gaan. Vroeger kon
je bellen naar daar maar te lange wachtlijsten, sneller en efficiënter aan de juiste hulp geraken.
Van rechtstreeks toegankelijk, wachtlijsten,… naar een nieuwe manier van organisatie…
Nu: ofwel rechtstreeks ofwel niet rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp.
2.3.1 rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp (RTJ)
Rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp is waar je naar toe kan zonder
doorverwijzing of afspraak.
Dit zijn de organisaties :
Eerstelijnsdiensten (huisartsen, ziekenhuizen, OCMW,…) ->
De "eerste lijn" zijn de lokale zorg- en hulpverleners die het
dichtst bij de persoon met een zorg- of ondersteuningsnood
staan. Zij zijn het eerste aanspreekpunt voor personen met
, zorg- en welzijnsvragen. Voorbeelden zijn huisartsen, apothekers, kinesitherapeuten,
thuisverplegers, psychologen, welzijnswerkers…
De diensten ‘brede instap’ waar je heen kan met een vraag of probleem zoals
De inloopteams en preventieteams kind en gezin, clb, CAW en JAC
Er zijn ook diensten die wel voor iedereen toegankelijk zijn, maar toch gespecialiseerd :
Centra voor geestelijke gezondheidszorg (CGG)
Centra voor kinderzorg en gezinsondersteuning (CKG)
Rechtstreeks toegankelijke hulp en diensten ondersteuningsplan (DOP) van het (VAPH)
2.3.1.1 brede instap
Met eender welke hulpvraag kan je terecht bij de brede instap. Dit zijn de hulpverleners van kind en
gezin, de centra voor leerlingenbegeleiding (CLB) en de centra voor algemeen welzijnswerk (CAW).
Dit is meestal info en advies, als er nood is aan specifieke ondersteuning wordt er door verwezen.
Er zijn 4 mogelijke acties : onthaal(luisteren naar de vraag), informatie geven(workshops),
vraagverheldering(wat is de achterliggende vraag, wat zijn de redenen waarom het kind niet goed
slaapt) en verwijzing (eetprobleem -> doorverwijzen door de toegangspoort)
Het is zo laagdrempelig mogelijk !
2.3.1.2 probleem gebonden hulp
Bv. drughulpverlening -> geen toegang nodig van de welzijnspoort, je hoeft niet te wachten om
naar daar te gaan. Je krijgt direct hulp.
Soms is meer nodig, dan wordt er beroep gedaan op de geestelijke gezondheidszorg (CGG), CKG,
vluchthuizen -> je wordt fysiek gelsagen waardoor je naar hier wordt gestuurd, het is een veilige
omgeving ( AWW) en diensten RTH van het VAPH.
Ofwel doorverwezen ofwel rechtsreeks. Bv. een vriendin van je is 18 en drinkt super veel en het is
een probleem aan het worden. Ofwel beseft ze het zelf en gaat ze hulp zoeken, ze klopt aan bij het
ziekenhuis en wordt daar geholpen (rechtstreeks) of vriendin gaan mee en gaat naar een CAW en
zij zeggen waar je naar toe kan gaan -> doorverwezen
Het is hulp dat is gericht op een doelgroep met een specifieke hulpvraag. Het is een specifiek
aanbod. Zoals :
Therapeutische begeleiding
Psychologische begeleiding van jongeren
Kortdurende opvang in een centrum voor kinderzorg en gezinsondersteuning
Thuisbegeleiding vlaams agentschap voor personen met een handicap
Ondersteunende pleegzorg kind en gezin
2.3.1.3 multidisciplinair team
Er is ingrijpende hulp of diagnose nodig, er zitten in zo een team :
psychiaters, psychologen, ergotherapeuten. Je hoeft niet
doorverwezen te worden. Het is rechtstreeks toegankelijk. Een
aanvraag voor niet- rechtstreeks hulp wordt door hun gedaan.
Ze doen voorstellen aan de toegangspoort. Het is niet verplicht,
moet niet als ouder.
Niet alle diagnoses zijn altijd overal mogelijk … -> elk team is
gespecialiseerd in iets anders. Een diagnose kan nodig zijn voor
de aanvraag van een A- document
2.3.1.4 jeugdhulpverleners buiten het toepassingsgebied
Dit zijn de huisarts, kinderpsychiatrische dienst, drughulpverlening,
zelfstandig paramedici zoals logopedist, kinesist,… ; privé- psycholoog,
mutualiteiten. -> rechtstreeks toegankelijk
, Crisisjeugdhulp en continuïteit
Beiden zijn ondersteunend en altijd raadpleegbaar
Crisisjeugdhulp -> direct hulp nodig, bv. zelfmoordgevaar
Continuïteit -> als de jeugdhulp stopt wanneer ze 18 zijn.
Hoe kunnen we ze terug naar een gezin/ maatschappij laten
gaan?
2.3.2 niet- rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp
Bepaalde vormen van hulp zijn zeer ingrijpend zoals een langdurige behandeling. Deze zijn vaak
ook duur en daarom niet zomaar toegankelijk.
Ouders kunnen daar op eigen initiatief geen beroep op doen. Er moet een akkoord en een
tussenkomst zijn van de intersectorale toegangspoort. Er is dus sprake van niet rechtstreeks
toegankelijke hulp
2.3.2.1 intersectorale toegangspoort
Het regelt de toegang tot de niet- rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp.
Een aanvraag kan door elke hulpverlener gebeuren, en ook door een
multidisciplinair team. Een MDT levert een diagnose en kan ook een
voorstel van identificatiestelling uitwerken waarin staat welke hulp
het meest aangewezen is.
De hulpverlener maakt een aanmelding door gebruik van het A-
document. De aanmelder wordt dan de contactpersoon- aanmelder,
waardoor hij bij de situatie van de cliënt betrokken blijft. Op basis
van het A- document gaat de toegangspoort beslissen welke hulp er
nodig is. De hulpverlener moet ook omschrijven welke hulp er al
geprobeerd is.
Elke ‘toegangspoort’ heeft 2 teams :
Indicatiestelling -> Ze gaan na of de omschrijving van de hulpvraag
voldoende duidelijk is en of de aangeleverde diagnostiek van goede
kwaliteit is
o Consensusdossier
SA
IMB
PAB -> persoonlijk assistentiebudget