Samenvatting MK week 12
Anatomie en fysiologie
Hoofdstuk 10 De huid
Klinische pathologie
Hoofdstuk 12 Huid, thermobalans, wonden
Anatomie en fysiologie
Hoofdstuk 10 Huid
Dikte van de huid is ongeveer 1 tot 3 millimeter. Totale huidoppervlak is 1,5 vierkante meter.
10.1 Functies van de huid
De huid is zowel het contactmedium als de grens tussen het lichaam en de buitenwereld.
De functies van de huid zijn veelzijdig:
Bescherming
- Belangrijke functie
- Bescherming tegen waterverlies en warmteverlies
- Zonder huid zouden inwendige organen en structuren erg kwetsbaar zijn voor
beschadiging door mechanische krachten (krassen, schuren enz.), chemische invloeden
(zuur, verf), binnendringen ziekteverwekkende micro-organismen (bacteriën), te veel
ultravioletta straling (UV) van de zon, uitdroging.
Warmteregulatie
- Huid en onderhuidse bindweefsel vormen warmte-isolerende laag.
- Temperatuur te hoog? huid zorgt voor afkoeling door toename doorbloeding van de
huid en zweetproductie
- Temperatuur te laag? huid zorgt voor mindere doorbloeding en minder uitscheiding
van zweet.
Uitscheiding
- Via klieren in de huid verdampt er water (zweet) en bepaalde zouten.
- Uitscheiden van water (transpireren) staat in verband met de warmteregulatie.
- Gespecialiseerde klieren in de borsten van de zogende vrouw scheiden moedermelk uit.
Waarneming
- Zodra huid ergens me in contact komt, worden verschillende soorten sensoren
(zintuigcellen) geprikkeld.
- Deze sensoren hebben elk een eigen gevoeligheid, onder andere voor warmte, koude,
pijn, trillingen, druk, harde en zachte oppervlakken.
- Waarnemingsfunctie ondersteunt de beschermende functie van de huid.
Aanmaak vitamine D
- 2 belangrijkste vormen vitamine D2 en vitamine D3
- Vitamine D2 krijg je via plantaardige voedingsmiddelen binnen. Klein deel van wat het
lichaam nodig heeft.
- Meeste vitamine D wordt in de huid gemaakt. Onder invloed van UV straling wordt een
op cholesterol lijkende stof in de huid omgezet in vitamine D 3 .
- In lever en nieren wordt vitamine D omgezet in hormoon dat de calciumopname vanuit
de darm en terugresorptie van calcium in de nieren bevordert.
- Vitamine D is nodig voor botstofwisseling en de spierfunctie.
, 10.2 Bouw van de huid
Huid : cutis
Bestaat uit 2 lagen: de opperhuid en de lederhuid.
- Onderhuids bindweefsel vormt de beweeglijke verbinding tussen de cutis en eronder
liggende structuren, zoals algemene fascie en spieren.
- Onderhuids bindweefsel hoort strikt genomen niet tot de huid.
10.2.1 Epidermis
Epidermis : lederhuid
Bestaat uit meerlagig plaveiselepitheel.
Belangrijkste functie: weerstand bieden aan mechanische, biologische en chemische invloeden van
buitenaf.
- Buitenste laag epidermis heeft een slijtfunctie: hij bestaat uit afgestorven cellen die na
verloop van tijd los laten. Vanuit binnenuit worden continu nieuwe cellen aangevoerd.
De hele opperhuid wordt geleidelijk in ong. 28 dagen compleet vervangen.
Epidermis is niet doorbloed en bevat geen lymfevaten.
Vanuit bloedvaten in de lederhuid wordt de epidermis voorzien van zuurstof en
voedingsstoffen.
Epidermis bestaat uit 5 lagen:
Stratum basale (basale laag)
- Diepst gelegen laag.
- Cellen zitten verankerd in basaalmembraan, een dun laagje dat de epidermis en
lederhuid scheidt.
- Voornamelijk huidstamcellen. Blijven hun hele leven nieuwe opperhuidcellen vormen.
Nieuwe cellen stuiven naar de oppervlakte van de epidermis toe.
- Bevat ook melanocyten (pigmentcellen). Ze vormen melanine, een bruinzwart pigment.
Pigmentcellen geven pigment via hun uitlopers af aan de opperhuidcellen in het stratum
spinosum.
Stratum spinosum (stekelcellenlaag)
- Bestaat uit cellen die via uitsteeksel (spinae) verbindingen hebben met naburige
Cellen.
- Aan deze laag ontleent groot deel van stevigheid.
- Bij beschadiging kan het door celdeling nieuwe epidermiscellen vormen. Gebeurt onder
invloed van histamine.
- Stratum basale en stratum spinosum worden samen ook wel stratum germinativum
(kiemlaag) deze naam geeft aan dat het om levende cellen gaat die het vermogen
hebben om zich te delen.
Stratum granulosum (korrellaag)
- Opgebouwd uit 1 tot 5 lagen cellen.
- Cellen zijn wat afgeplat en bevatten doorzichtige granulae (korrels), die in een later
stadium gebruikt worden bij vorming van keratine (hoornstof)
Stratum lucidum (heldere laag)
- De cellen zijn vrijwel plat en bevatten ze het nog kleurloze voorstadium van keratine. De
cellen zijn bezig af te sterven.
Stratum corneum (hoornlaag)
- Meest oppervlakkig gelegen laag.
Anatomie en fysiologie
Hoofdstuk 10 De huid
Klinische pathologie
Hoofdstuk 12 Huid, thermobalans, wonden
Anatomie en fysiologie
Hoofdstuk 10 Huid
Dikte van de huid is ongeveer 1 tot 3 millimeter. Totale huidoppervlak is 1,5 vierkante meter.
10.1 Functies van de huid
De huid is zowel het contactmedium als de grens tussen het lichaam en de buitenwereld.
De functies van de huid zijn veelzijdig:
Bescherming
- Belangrijke functie
- Bescherming tegen waterverlies en warmteverlies
- Zonder huid zouden inwendige organen en structuren erg kwetsbaar zijn voor
beschadiging door mechanische krachten (krassen, schuren enz.), chemische invloeden
(zuur, verf), binnendringen ziekteverwekkende micro-organismen (bacteriën), te veel
ultravioletta straling (UV) van de zon, uitdroging.
Warmteregulatie
- Huid en onderhuidse bindweefsel vormen warmte-isolerende laag.
- Temperatuur te hoog? huid zorgt voor afkoeling door toename doorbloeding van de
huid en zweetproductie
- Temperatuur te laag? huid zorgt voor mindere doorbloeding en minder uitscheiding
van zweet.
Uitscheiding
- Via klieren in de huid verdampt er water (zweet) en bepaalde zouten.
- Uitscheiden van water (transpireren) staat in verband met de warmteregulatie.
- Gespecialiseerde klieren in de borsten van de zogende vrouw scheiden moedermelk uit.
Waarneming
- Zodra huid ergens me in contact komt, worden verschillende soorten sensoren
(zintuigcellen) geprikkeld.
- Deze sensoren hebben elk een eigen gevoeligheid, onder andere voor warmte, koude,
pijn, trillingen, druk, harde en zachte oppervlakken.
- Waarnemingsfunctie ondersteunt de beschermende functie van de huid.
Aanmaak vitamine D
- 2 belangrijkste vormen vitamine D2 en vitamine D3
- Vitamine D2 krijg je via plantaardige voedingsmiddelen binnen. Klein deel van wat het
lichaam nodig heeft.
- Meeste vitamine D wordt in de huid gemaakt. Onder invloed van UV straling wordt een
op cholesterol lijkende stof in de huid omgezet in vitamine D 3 .
- In lever en nieren wordt vitamine D omgezet in hormoon dat de calciumopname vanuit
de darm en terugresorptie van calcium in de nieren bevordert.
- Vitamine D is nodig voor botstofwisseling en de spierfunctie.
, 10.2 Bouw van de huid
Huid : cutis
Bestaat uit 2 lagen: de opperhuid en de lederhuid.
- Onderhuids bindweefsel vormt de beweeglijke verbinding tussen de cutis en eronder
liggende structuren, zoals algemene fascie en spieren.
- Onderhuids bindweefsel hoort strikt genomen niet tot de huid.
10.2.1 Epidermis
Epidermis : lederhuid
Bestaat uit meerlagig plaveiselepitheel.
Belangrijkste functie: weerstand bieden aan mechanische, biologische en chemische invloeden van
buitenaf.
- Buitenste laag epidermis heeft een slijtfunctie: hij bestaat uit afgestorven cellen die na
verloop van tijd los laten. Vanuit binnenuit worden continu nieuwe cellen aangevoerd.
De hele opperhuid wordt geleidelijk in ong. 28 dagen compleet vervangen.
Epidermis is niet doorbloed en bevat geen lymfevaten.
Vanuit bloedvaten in de lederhuid wordt de epidermis voorzien van zuurstof en
voedingsstoffen.
Epidermis bestaat uit 5 lagen:
Stratum basale (basale laag)
- Diepst gelegen laag.
- Cellen zitten verankerd in basaalmembraan, een dun laagje dat de epidermis en
lederhuid scheidt.
- Voornamelijk huidstamcellen. Blijven hun hele leven nieuwe opperhuidcellen vormen.
Nieuwe cellen stuiven naar de oppervlakte van de epidermis toe.
- Bevat ook melanocyten (pigmentcellen). Ze vormen melanine, een bruinzwart pigment.
Pigmentcellen geven pigment via hun uitlopers af aan de opperhuidcellen in het stratum
spinosum.
Stratum spinosum (stekelcellenlaag)
- Bestaat uit cellen die via uitsteeksel (spinae) verbindingen hebben met naburige
Cellen.
- Aan deze laag ontleent groot deel van stevigheid.
- Bij beschadiging kan het door celdeling nieuwe epidermiscellen vormen. Gebeurt onder
invloed van histamine.
- Stratum basale en stratum spinosum worden samen ook wel stratum germinativum
(kiemlaag) deze naam geeft aan dat het om levende cellen gaat die het vermogen
hebben om zich te delen.
Stratum granulosum (korrellaag)
- Opgebouwd uit 1 tot 5 lagen cellen.
- Cellen zijn wat afgeplat en bevatten doorzichtige granulae (korrels), die in een later
stadium gebruikt worden bij vorming van keratine (hoornstof)
Stratum lucidum (heldere laag)
- De cellen zijn vrijwel plat en bevatten ze het nog kleurloze voorstadium van keratine. De
cellen zijn bezig af te sterven.
Stratum corneum (hoornlaag)
- Meest oppervlakkig gelegen laag.