Funbio samenvatting H.39 deels
Plantenhormonen zijn chemische signalen die één of meer specifieke fysiologische
processen (door de natuur bepaalde processen) in een plant wijzigen of regelen.
Plantenhormonen worden in zeer lage concentraties geproduceerd, maak kunnen grote
gevolgen hebben voor de groei en ontwikkeling. Elk hormoon heeft meerder effecten, maar
meerder hormonen kunnen een één enkel proces beïnvloeden. Plantenresponsen zijn
afhankelijk van hoeveelheid en concentraties van specifieke hormonen en vaak van de
combinatie van aanwezige hormonen.
Auxine
Aan het eind van de 19e eeuw voerden
Darwin en zijn zoon Francis experimenten
uit op fototropisme (de reactie van een plant
op licht). Ze observeerde dat een
graszaailing slecht in de richting van het
licht kon buigen als de top van de coleoptiel
aanwezig was. In 1933 werd aangetoond dat
dit kwam door een signaal met een mobiele
chemische substantie. En in Utrecht werd
Auxine gevonden (door Went en
Koningsberger).
De term auxine verwijst naar elke chemische stof die de verlenging van coleoptiel bevordert.
Indoleacetic acid (IAA) is een veelvoorkomende auxine in planten (in deze samenvatting
wordt met auxine IAA bedoeld). Auxine wordt in shoottips (topjes van de plant)
geproduceerd en door de stengel getransporteerd. Auxinetransporteiwitten verplaatsen het
hormoon van het basale uiteinde van één cel naar het apicale uiteinde van de naaste cel.
Auxine is polair transport (één richting op). Hierdoor ligt auxine ook aan de basale kant van
de cel (aan de onderkant).
Plantenhormonen zijn chemische signalen die één of meer specifieke fysiologische
processen (door de natuur bepaalde processen) in een plant wijzigen of regelen.
Plantenhormonen worden in zeer lage concentraties geproduceerd, maak kunnen grote
gevolgen hebben voor de groei en ontwikkeling. Elk hormoon heeft meerder effecten, maar
meerder hormonen kunnen een één enkel proces beïnvloeden. Plantenresponsen zijn
afhankelijk van hoeveelheid en concentraties van specifieke hormonen en vaak van de
combinatie van aanwezige hormonen.
Auxine
Aan het eind van de 19e eeuw voerden
Darwin en zijn zoon Francis experimenten
uit op fototropisme (de reactie van een plant
op licht). Ze observeerde dat een
graszaailing slecht in de richting van het
licht kon buigen als de top van de coleoptiel
aanwezig was. In 1933 werd aangetoond dat
dit kwam door een signaal met een mobiele
chemische substantie. En in Utrecht werd
Auxine gevonden (door Went en
Koningsberger).
De term auxine verwijst naar elke chemische stof die de verlenging van coleoptiel bevordert.
Indoleacetic acid (IAA) is een veelvoorkomende auxine in planten (in deze samenvatting
wordt met auxine IAA bedoeld). Auxine wordt in shoottips (topjes van de plant)
geproduceerd en door de stengel getransporteerd. Auxinetransporteiwitten verplaatsen het
hormoon van het basale uiteinde van één cel naar het apicale uiteinde van de naaste cel.
Auxine is polair transport (één richting op). Hierdoor ligt auxine ook aan de basale kant van
de cel (aan de onderkant).