100% de satisfacción garantizada Inmediatamente disponible después del pago Tanto en línea como en PDF No estas atado a nada 4,6 TrustPilot
logo-home
Resumen

Samenvatting - Gedragswetenschappen 2

Puntuación
-
Vendido
-
Páginas
29
Subido en
17-01-2025
Escrito en
2024/2025

Samenvatting gedragswetenschappen 2: Hoofdstuk 25 - individu en systeem, Hoofdstuk 27 - groepsdynamica, Hoofdstuk 23 - gehoorzaamheid, Hoofdstuk 26 - conformisme, Hoofdstuk 28 - agressie, Hoofdstuk 37 - liefde en intieme relaties, Hoofdstuk 16 - klassiek conditioneren, Hoofdstuk 17 - operant conditioneren, Hoofdstuk 18 - sociaal leren, Hoofdstuk 19 - cognitieve dissonantie, Hoofdstuk 20 - Attributie, Hoofdstuk 21 - belemmerende gedachten, Hoofdstuk 24 - motivatie, Hoofdstuk 34 - zingeving, Hoofdstuk 35 - flow, Hoofdstuk 33 - veerkracht, Hoofdstuk 38 - zelfeffectiviteit, Hoofdstuk 39 - zelfcompassie

Mostrar más Leer menos
Institución
Grado










Ups! No podemos cargar tu documento ahora. Inténtalo de nuevo o contacta con soporte.

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

Subido en
17 de enero de 2025
Número de páginas
29
Escrito en
2024/2025
Tipo
Resumen

Temas

Vista previa del contenido

25 – Individu en systeem
Systeembenadering/Attributie
De verklaringen die mensen geven voor de oorzaken van gedrag of
gebeurtenissen, toekennen aan.
o Situationisme: de oorzaak voor een gebeurtenis in de omstandigheden.
(lineair)
o Dispositionisme: de oorzaak voor een gebeurtenis in de kenmerken van
een persoon. (lineair)
o Interactionisme: een combinatie van de bovenste 2. (circulair)

Volgens de algemene systeemtheorie, waar verschijnselen in zijn geheel
en in samenspel met elkaar worden bekeken, is een systeem een geheel
van elementen die elkaar wederzijds beïnvloeden en die op een bepaalde
manier geordend zijn. Systemen zijn altijd doelgericht. Systeemtheorie werd
toegepast door Palo Alto-groep: gezinstherapie. Ze gebruikten het als
basis voor gezinsbehandelingen. Je bent onderdeel van verschillende
systemen en hebt hierin rollen.
 Grootte van systemen
 Homeostase en overgangsfasen
= Systeem streeft naar stabiele en evenwichtige toestand. Er is dan een
patroon gevonden waarbinnen het systeem z’n manier van leven heeft
ontwikkeld.
= Aanpassen aan elkaars gedrag om stabiliteit te bewaren. Een periode
waarin een verandering het systeem uit evenwicht brengt.

Input, throughput en output
--> alle prikkels die in een systeem binnenkomt
--> het proces van verwerking in het systeem, wat doet het systeem met de
informatie die binnenkomt
--> het resultaat van de verwerking
Output kan ook weer een bron zijn voor een nieuwe input.
Interactiepatronen: verschillende dynamieken waardoor we in systemen
kunnen leven.
Dominant vs leidend. Meegaand vs star.

Circulaire causaliteit
Lineaire causaliteit: rechtlijnig – oorzaak A leidt tot gevolg B.
Circulaire causaliteit: dynamische wisselwerking tussen
onderdelen van systeem.

Gestalt
Een systeem is niet te begrijpen door de individuen als losse onderdelen te
zien. Dit principe komt uit de Gestaltpsychologie. Dit toont aan dat onze
hersenen de neiging hebben om van losse betekenisloze indrukken altijd één
betekenisvol geheel te maken, een ‘Gestalt’. Zondebok: men ziet dan niet
meer dat er ook nog figuren op de achtergrond meedoen. Als we door een
systeembril kijken dan zien we gedrag van individuen binnen de context van
relaties.


Waarom is het belangrijk dat een sw’er deze kennis heeft?
Het is gericht op het versterken van sociale kwaliteit, op het vergroten van
de kwaliteit van het leven van individuele mensen in wisselwerking met de
kwaliteit van hun sociale omgeving.

,De systeembenadering past bij het sociaal werk omdat het wijst op de
complexe dynamiek in een systeem. Het laat zien dat er niet één oorzaak
aan te wijzen is, maar dat er sprake is van complexiteit: op diverse niveaus
spelen diverse factoren in wisselwerking met elkaar een rol.

Hoe past een sociaal werker deze kennis toe?
Probeer geen lineaire causaliteit te gebruiken, maar vraag je af wat de rol is
van de context en van het systeem waarbinnen deze persoon problemen
heeft. De veronderstelt dat je een houding aanneemt die we meerzijdige
partijdigheid noemen. Dit betekent dat je oog hebt voor alle perspectieven
van de leden van een systeem en niet op zoek gaat naar die ene oorzaak
van het probleem, maar naar de wisselwerking.

Daarnaast kan je vanuit een systeembenadering de interactiepatronen en
de regels binnen een systeem bespreekbaar maken. Als mensen zich bewust
worden van de interacties, dan kunnen zij bepalen of zij deze interacties
willen veranderen. Ze kunnen bijvoorbeeld nieuwe communicatieregels
maken, waardoor alle systeemleden beter tot hun recht komen.


27 - Groepsdynamica
Groepsdynamica is de theorie over krachten in een groep mensen. Het zijn
de paren aantrekking-afstoting en macht-onderwerping. Timothy Leary heeft
een schema ontworpen om groepskrachten af te
beelden, de Roos van Leary. Mensen trekken
elkaar aan of juist niet (samen-tegen) en mensen
domineren elkaar of juist niet (boven-onder).

Verbanden
Dominant gedrag (boven) zal vaak volgend gedrag
(onder) oproepen en omgekeerd. Competitief
gedrag (tegen) zal vaak tegengedrag oproepen.
Coöperatief gedrag (samen) zal eerder bij anderen ook coöperatief gedrag
uitlokken. Je neemt dus een bepaalde rol aan, aan de hand van het gedrag
van de ander.

Groepsvorming
Psychologisch gezien is er sprake van een groep als er een wij-gevoel
bestaat. Groepsvorming is een proces waarbij een verzameling individuen
steeds meer een echte groep wordt. Dat betekent dat er verbondenheid
ontstaat, cohesie. Vijf fasen:
 Forming (ontstaansfase) - Er is nog geen groepsgevoel. Iedereen kijkt de
kat uit de boom en er is iemand die de leiding neemt.
 Storming (conflictfase) - Mensen nemen posities in, hun meningen,
wensen, eisen en voorstellen kunnen wel of niet overeenkomen met die van
anderen en dat resulteert in een strijd. Dit is nuttig voor stabiliteit en
duidelijkheid.
 Norming (normfase) - De posities, rollen, gang van zaken en de
groepsdoelen zijn nu duidelijk geworden en geaccepteerd.
 Performing (prestatiefase) - De groep is echt op dreef en werkt samen om
doelen te bereiken.
 Adjourning (uit elkaar gaan/afscheidsfase) - De groep laat elkaar weer los.

Groepsbehoeften

, 1. Veiligheid; Deze behoefte is dominant in het begin van
groepsvorming. Je bent in een vreemde omgeving en moet je plek nog
vinden. Je moet steeds, dus niet alleen aan het begin van een groep,
oppassen voor gevaren waardoor je positie in de groep achteruit kan gaan.
2. Invloed; Wanneer je je redelijk op je gemak kunt voelen in een
groep, wil je een rol gaan spelen in hoe het in de groep eraan toegaat, wat
er nagestreefd wordt; je wilt je eigen belangen behartigen.
3. Affectie; Als mensen zich veilig voelen en hun positie in de groep
duidelijk en geaccepteerd is, dan is er de behoefte aan een persoonlijk meer
affectief contact. Mensen zoeken elkaars gezelschap en ze delen een zekere
intimiteit.

Pikorde
Bij kippen is sprake van een pikorde: hogere kippen pikken naar de lagere
kippen. Dit is ook het geval bij andere dieren. Ook bij mensen is sprake van
een rangorde. Het positieve effect is dat er orde is, zodat ieder zijn plaats
kent. Het gaat hierbij om status: waar iemand staat, boven of onder, of
gelijk.

Waarom is het belangrijk dat een sw’er deze kennis heeft?
Weet hebben van wat typerend is voor groepen – de krachten, processen –
maakt je deskundiger in het bereiken van groepsdoelen. Wees je bewust van
het rangordeverschijnsel, want dat speelt ook in een groepje van twee;
cliënt en hulpverlener.
Zowel cliënt als hulpverlener hebben macht. Macht kun je ontlenen aan je
positie. Macht hangt af van deskundigheid, charisma, relaties en feitelijk van
alles waarbij iemand op een bepaalde manier van een ander afhankelijk is.
Realiseer je dus van welke dingen je in een relatie afhankelijk bent van
elkaar.

Hoe past een sociaal werker deze kennis toe?
Door te kunnen inschatten in welke ontwikkelingsfase je je als groep
bevindt, ben je in staat om activiteiten te ontplooien. In de forming-fase toon
je leiderschap en ben je zelf een model. In de storming-fase bewaar je je
geduld en je vertrouwen. Geef confrontaties de ruimte, maar bewaak de
grenzen. In de norming-fase zorg je dat de normen aansluiten bij de
groepsdoelen. In de performing-fase geef je de groep de ruimte om te doen
wat gedaan moet worden. Zorg voor evenwicht in invloed en macht.

Theorieën en oefeningen
Het Johari-raam: (on)bekend aan jezelf/anderen
De Belbin-rollen: geleidelijk bepaalde rollen in het team krijgen.
Sociogram: pijlen de relatie tussen groepsleden aangeven.
$9.52
Accede al documento completo:

100% de satisfacción garantizada
Inmediatamente disponible después del pago
Tanto en línea como en PDF
No estas atado a nada

Conoce al vendedor
Seller avatar
xavimosterd

Conoce al vendedor

Seller avatar
xavimosterd Hogeschool Windesheim
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
0
Miembro desde
11 meses
Número de seguidores
0
Documentos
2
Última venta
-

0.0

0 reseñas

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recientemente visto por ti

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes