VERPLEEGPLAN
EVL 2.1. Klinisch redeneren
,Inhoudsopgave
Inleiding Blz. 2
1. Casus Blz. 3
1.1. Relevante medische voorgeschiedenis
1.2. Achtergrondinformatie
1.3. Huidige situatie
2. Verpleegkundige diagnoses Blz. 4
3. Diagnose 1 Blz. 5
3.1. Motivatie voor diagnose 1
3.2. Doel
3.3. Interventies
3.4. Interventie Observeer op non-verbale aanwijzingen
van ongemak (middels PAIC-15) EBP onderbouwt
3.5. Evaluatie
4. Diagnose 2 Blz. 8
4.1. Motivatie voor diagnose 2
4.2. Moreel dilemma
4.3. Doel
4.4. Interventies
4.5. Interventie mogelijkheden aanbieden om cognitieve vaardigheden
te behouden EBP onderbouwt
4.6. Evaluatie
5. Diagnose 3 Blz. 11
5.1. Motivatie voor diagnose 3
5.2. Doel
5.3. Interventies
5.4. Interventie communicatietechnieken en logopedie bij
mensen met dementie EBP onderbouwt
5.5. Evaluatie
6. Nawoord/proces evaluatie Blz. 13
7. Literatuurlijst Blz. 14
Bijlagen
Bijlage 1. Verpleegkundige anamnese
Bijlage 2. VAS score
Bijlage 3. Protocol pijnbestrijding
Bijlage 4. E-learning PAIC-15
Bijlage 5. Document kwaliteitshandboek, visie op zorgtechnologie Coloriet
Bijlage 6. Feedbackformulier van de werkbegeleider
1
, Inleiding
Mijn naam is … en ik ben momenteel werkzaam bij Coloriet op een gesloten afdeling voor mensen met
dementie. Dit is een kleinschalige woonvorm waar zeven à acht zorgvragers per woning verblijven. De
meeste zorgvragers die bij ons wonen zitten in de palliatieve fase. Coloriet vindt het dan ook belangrijk
om bij te dragen aan een waardevol leven en samen een zinvol bestaan te creëren door elkaar te zien, te
horen en te kennen (Coloriet, z.d.). Dit sluit aan bij mijn kijk op de zorg. Ik probeer altijd naar de
mogelijkheden te kijken i.p.v. de beperkingen.
Volgens de definitie van de World Health Organization (WHO) is iemand alleen gezond bij het ontbreken
van ziekte. Echter past de nieuwe definitie van Machteld Huber beter bij mijn visie op gezondheid. De
visie van Machteld Hubert is meer gericht op het aanpassingsvermogen van de individu en benadrukt
dat gezond zijn ook mogelijk is als er sprake is van ziekte (Remmelink, 2021).
Dit verslag is gemaakt voor een opdracht van EVL 2.1, klinisch redeneren. Dit verpleegplan is volgens het
verpleegkundig proces opgesteld en in samenwerking met de zorgvrager en diens naasten. Hierbij is
rekening gehouden met de AVG.
Voor deze opdracht heb ik een casus gekozen met een complexe zorgvraag. De problemen komen voor
op zowel lichamelijk-, psychisch-, functioneel- en sociaal domein. Op dit moment sluit de zorg niet
geheel aan bij de behoefte van de zorgvrager en naasten, wat deze zorgvraag complex maakt (Ministerie
van volksgezondheid, z.d.).
Om het verpleegplan op te stellen zal ik via een classificatiesysteem alle gegevens verzamelen en
ordenen. Prioriteiten stellen en de meest belangrijke verpleegkundige diagnoses uitwerken via de PES-
methode. Hieruit worden haalbare SMART doelen opgesteld met passende verpleegkundige
interventies. Om tot een Evidence Based Practice verpleegplan te komen zal ik gebruik maken van
verschillende boeken, waaronder het zakboek verpleegkundige diagnoses van Carpenito (2018). Ook zal
ik gebruik maken van verschillende databanken om wetenschappelijk onderbouwde literatuur op te
zoeken.
In de organisatie waar ik werk wordt bij het opstellen van het verpleegplan gebruik gemaakt van het
Omaha classificatiesysteem. Hedwig Schlötjes-Belle (z.d.), zegt het volgende over de verschillen tussen
Omaha System en de 11 gezondheidspatronen van Gordon:
Omaha richt zich op de maatschappelijke gezondheidszorg en is breed inzetbaar. Dat is anders dan
bijvoorbeeld Gordon en de Nanda. Die zijn gebaseerd op de verpleegkundige diagnose. Omaha
system is niet moeilijk, maar het is vooral wel heel erg anders dan Gordon of de Nanda, juist omdat
die verpleegkundige diagnose ontbreekt.
Ik heb gekozen om gebruik te maken van de 11 gezondheidspatronen van Gordon, omdat ik mijn
verpleegplan opstel aan de hand van verpleegkundige diagnoses. Ook vind ik het belangrijk dat de
zorgvrager regie behoudt over de ernst van zijn/haar zorgvragen of behoeften. Gordon geeft een
volledig beeld van de zorgvraag, maar houdt ook rekening met de wensen van de zorgvrager.
Ik hoop dat ik na het maken van deze opdracht meer inzicht heb in het correct opstellen van een
verpleegplan op hbo-niveau. Ik leer hiermee om interventies te beargumenteren en wetenschappelijk te
2
EVL 2.1. Klinisch redeneren
,Inhoudsopgave
Inleiding Blz. 2
1. Casus Blz. 3
1.1. Relevante medische voorgeschiedenis
1.2. Achtergrondinformatie
1.3. Huidige situatie
2. Verpleegkundige diagnoses Blz. 4
3. Diagnose 1 Blz. 5
3.1. Motivatie voor diagnose 1
3.2. Doel
3.3. Interventies
3.4. Interventie Observeer op non-verbale aanwijzingen
van ongemak (middels PAIC-15) EBP onderbouwt
3.5. Evaluatie
4. Diagnose 2 Blz. 8
4.1. Motivatie voor diagnose 2
4.2. Moreel dilemma
4.3. Doel
4.4. Interventies
4.5. Interventie mogelijkheden aanbieden om cognitieve vaardigheden
te behouden EBP onderbouwt
4.6. Evaluatie
5. Diagnose 3 Blz. 11
5.1. Motivatie voor diagnose 3
5.2. Doel
5.3. Interventies
5.4. Interventie communicatietechnieken en logopedie bij
mensen met dementie EBP onderbouwt
5.5. Evaluatie
6. Nawoord/proces evaluatie Blz. 13
7. Literatuurlijst Blz. 14
Bijlagen
Bijlage 1. Verpleegkundige anamnese
Bijlage 2. VAS score
Bijlage 3. Protocol pijnbestrijding
Bijlage 4. E-learning PAIC-15
Bijlage 5. Document kwaliteitshandboek, visie op zorgtechnologie Coloriet
Bijlage 6. Feedbackformulier van de werkbegeleider
1
, Inleiding
Mijn naam is … en ik ben momenteel werkzaam bij Coloriet op een gesloten afdeling voor mensen met
dementie. Dit is een kleinschalige woonvorm waar zeven à acht zorgvragers per woning verblijven. De
meeste zorgvragers die bij ons wonen zitten in de palliatieve fase. Coloriet vindt het dan ook belangrijk
om bij te dragen aan een waardevol leven en samen een zinvol bestaan te creëren door elkaar te zien, te
horen en te kennen (Coloriet, z.d.). Dit sluit aan bij mijn kijk op de zorg. Ik probeer altijd naar de
mogelijkheden te kijken i.p.v. de beperkingen.
Volgens de definitie van de World Health Organization (WHO) is iemand alleen gezond bij het ontbreken
van ziekte. Echter past de nieuwe definitie van Machteld Huber beter bij mijn visie op gezondheid. De
visie van Machteld Hubert is meer gericht op het aanpassingsvermogen van de individu en benadrukt
dat gezond zijn ook mogelijk is als er sprake is van ziekte (Remmelink, 2021).
Dit verslag is gemaakt voor een opdracht van EVL 2.1, klinisch redeneren. Dit verpleegplan is volgens het
verpleegkundig proces opgesteld en in samenwerking met de zorgvrager en diens naasten. Hierbij is
rekening gehouden met de AVG.
Voor deze opdracht heb ik een casus gekozen met een complexe zorgvraag. De problemen komen voor
op zowel lichamelijk-, psychisch-, functioneel- en sociaal domein. Op dit moment sluit de zorg niet
geheel aan bij de behoefte van de zorgvrager en naasten, wat deze zorgvraag complex maakt (Ministerie
van volksgezondheid, z.d.).
Om het verpleegplan op te stellen zal ik via een classificatiesysteem alle gegevens verzamelen en
ordenen. Prioriteiten stellen en de meest belangrijke verpleegkundige diagnoses uitwerken via de PES-
methode. Hieruit worden haalbare SMART doelen opgesteld met passende verpleegkundige
interventies. Om tot een Evidence Based Practice verpleegplan te komen zal ik gebruik maken van
verschillende boeken, waaronder het zakboek verpleegkundige diagnoses van Carpenito (2018). Ook zal
ik gebruik maken van verschillende databanken om wetenschappelijk onderbouwde literatuur op te
zoeken.
In de organisatie waar ik werk wordt bij het opstellen van het verpleegplan gebruik gemaakt van het
Omaha classificatiesysteem. Hedwig Schlötjes-Belle (z.d.), zegt het volgende over de verschillen tussen
Omaha System en de 11 gezondheidspatronen van Gordon:
Omaha richt zich op de maatschappelijke gezondheidszorg en is breed inzetbaar. Dat is anders dan
bijvoorbeeld Gordon en de Nanda. Die zijn gebaseerd op de verpleegkundige diagnose. Omaha
system is niet moeilijk, maar het is vooral wel heel erg anders dan Gordon of de Nanda, juist omdat
die verpleegkundige diagnose ontbreekt.
Ik heb gekozen om gebruik te maken van de 11 gezondheidspatronen van Gordon, omdat ik mijn
verpleegplan opstel aan de hand van verpleegkundige diagnoses. Ook vind ik het belangrijk dat de
zorgvrager regie behoudt over de ernst van zijn/haar zorgvragen of behoeften. Gordon geeft een
volledig beeld van de zorgvraag, maar houdt ook rekening met de wensen van de zorgvrager.
Ik hoop dat ik na het maken van deze opdracht meer inzicht heb in het correct opstellen van een
verpleegplan op hbo-niveau. Ik leer hiermee om interventies te beargumenteren en wetenschappelijk te
2