Week 1Leer-en veranderingsvermogen
, Kerncomponenten (most Basic view)
- Een situatie, of verandering daarin (er is dus kennelijk iets) het water staat hoog in de
polder
- De waarneming of voorstelling daarvan, van die situatie of de verandering dat is u
opgevallen
- Impliciete of expliciete waarden, normen, maatstaven, standaarden waarmee het
waargenomen (of voorgestelde vergelijkenderwijs) wordt beoordeeld N.A.P.
- En een zekere relatie tot, of relevantie voor, het beslissen en handelen
Waarom schiet kennis ten behoeve van evaluatie vaak tekort?
- Insiders zijn ook vaak belanghebbenden
- Kennis aan de basis bereikt vaak niet de ambtelijke en politieke top maar ook niet bij
internationals als Ford, Samsung, Sony
- Kennis van actoren vertoont vaak hiaten van 9 tot 5 eenzaam in een kamer achter een
bureautje
- Actoren in de praktijk hebben vaak niet de mogelijkheden tot systematische vergelijking
Relevante vragen bij beleidsevaluatie
- Ex ante (in tijdsperspectief: ervóór) ╪ anti → anti = tegen
- Is het beleid relevant?
- Is de achterliggende beleidslogica solide?
- Is het beleid coherent en consistent?
- Implementatie van het beleid goed gepland?
- Verwachte effecten en impact?
- Afwegen van beleidsalternatieven
Ex post
- Doelbereiking (operationeel/strategisch)?
- Heeft het beleid effect?
- Duurzaamheid van beleidseffecten?
- Hoofdeffecten – neveneffecten?
- Gewenste – ongewenste effecten?
- Vastgestelde effecten vs. noden?