Anatomie en Fysiologie een inleiding H1
Zesde editie, geschreven door Frederic H. , Martini en Edwin F. Bartholomew
§1
Differentiatie -> specialisme van cellen
Metabolisme -> stofwisseling
→ Alle chemische reacties in een lichaam
nutriënten -> voedingsstoffen
Respiratie -> de opname, vervoer en het verbruik van zuurstof door cellen
Excretie -> uitscheiding
§2
Anatomie -> studie van inwendige structuren en de relaties tussen lichaamsdelen
Fysiologie -> studie van de manier waarop levende organismen hun vitale functies verrichten
Macroscopische anatomie -> kenmerken die met het blote oog zichtbaar zijn worden onderzocht
→ Uitwendige anatomie -> het bestuderen van de algemene vorm en van oppervlakkige
kenmerken
→ Regionale anatomie -> oppervlaktestructuren en inwendige structuren in een bepaald
gebied
→ Systematische anatomie -> orgaanstelsels
Microscopische anatomie -> onderzoeken van structuren die zonder vergroting niet zichtbaar zijn
➢ Lichtmicroscoop gebruik je voor de celstructuur
➢ Elektromicroscoop gebruik je voor moleculen
→ Cytologie -> inwendige structuur van de cellen
→ Histologie -> weefsels, groepen gespecialiseerde cellen en celproducten
Celfysiologie -> bestuderen van levende cellen
→ Chemische processen
Orgaanfysiologie -> bestuderen van bepaalde organen
Systeemfysiologie -> bestuderen van orgaanstelsels
Pathologie -> bestuderen van de effecten van aandoeningen op het functioneren van organen of
stelsels
§3
Organisatieniveaus
• Chemisch niveau (atomen)
• Celniveau
• Weefselniveau
• Orgaanniveau
• Orgaanstelselniveau
• Organismeniveau
Zesde editie, geschreven door Frederic H. , Martini en Edwin F. Bartholomew
§1
Differentiatie -> specialisme van cellen
Metabolisme -> stofwisseling
→ Alle chemische reacties in een lichaam
nutriënten -> voedingsstoffen
Respiratie -> de opname, vervoer en het verbruik van zuurstof door cellen
Excretie -> uitscheiding
§2
Anatomie -> studie van inwendige structuren en de relaties tussen lichaamsdelen
Fysiologie -> studie van de manier waarop levende organismen hun vitale functies verrichten
Macroscopische anatomie -> kenmerken die met het blote oog zichtbaar zijn worden onderzocht
→ Uitwendige anatomie -> het bestuderen van de algemene vorm en van oppervlakkige
kenmerken
→ Regionale anatomie -> oppervlaktestructuren en inwendige structuren in een bepaald
gebied
→ Systematische anatomie -> orgaanstelsels
Microscopische anatomie -> onderzoeken van structuren die zonder vergroting niet zichtbaar zijn
➢ Lichtmicroscoop gebruik je voor de celstructuur
➢ Elektromicroscoop gebruik je voor moleculen
→ Cytologie -> inwendige structuur van de cellen
→ Histologie -> weefsels, groepen gespecialiseerde cellen en celproducten
Celfysiologie -> bestuderen van levende cellen
→ Chemische processen
Orgaanfysiologie -> bestuderen van bepaalde organen
Systeemfysiologie -> bestuderen van orgaanstelsels
Pathologie -> bestuderen van de effecten van aandoeningen op het functioneren van organen of
stelsels
§3
Organisatieniveaus
• Chemisch niveau (atomen)
• Celniveau
• Weefselniveau
• Orgaanniveau
• Orgaanstelselniveau
• Organismeniveau