Hoofdstuk 21 How evolution works
The Darwinian revolution
Evolutie Verandering in de genetische samenstelling van een populatie
van generatie op generatie
* Tot ongeveer 1800 dacht men dat elke vorm van leven een vaste vorm had en deze over
een bepaalde tijd niet veranderde, God had het leven zo complex en ingenieus als het is
geschapen.
Linnaeus Ontwikkelde het tweenamen-systeem voor soorten
Genus Groep van soorten die met elkaar overeenkomen
Familie Groep van genera die met elkaar overeenkomen
* Darwin vond dat groeperingen gemaakt moesten worden op basis van evolutionaire
relaties
Fossielen Overblijfselen van organismen uit het verleden
Strata Lagen sediment die onder hoge druk zijn samengeperst
Paleontologie De studie naar fossielen, werd geïntroduceerd door Cuvier, hij
ontdekte dat fossielen in oudere strata verder afweken van de
levensvormen die we nu kennen. Sommige soorten verdwenen
en nieuwe soorten ontstonden in verschillende strata
* Cuvier dacht dat soorten uitstierven door plotselinge natuurrampen en nieuwe soorten de
leefomgeving van de oude soorten innamen. Lyell bedacht dat sommige geologische
processen volgens langzame mechanismen verliepen. Door deze gedachte veranderde de
geschatte leeftijd van de aarde ook, in plaats van dat hij +/- 2000 jaar zou bestaan zou hij al
wel is miljoenen jaren oud kunnen zijn.
Lamarck’s hypothesis of evolution
Use and disuese Lamarck dacht dat delen van het lichaam die veel gebruikt
werden sterker werden en dat delen die niet gebruikt werden
verdwenen
Inheritance of aquiered Een organisme kan mutaties die bevorderlijk zijn doorgeven
characteristics aan het nageslacht
Lamarck dacht dat evolutie plaatsvond om de drang naar een complexer organisme te
voeden.
Darwin’s research
Adaptations Overgeërfde eigenschappen die de kans op overleven en
voortplanting van een organisme in een bepaalde omgeving
vergroten
The Darwinian revolution
Evolutie Verandering in de genetische samenstelling van een populatie
van generatie op generatie
* Tot ongeveer 1800 dacht men dat elke vorm van leven een vaste vorm had en deze over
een bepaalde tijd niet veranderde, God had het leven zo complex en ingenieus als het is
geschapen.
Linnaeus Ontwikkelde het tweenamen-systeem voor soorten
Genus Groep van soorten die met elkaar overeenkomen
Familie Groep van genera die met elkaar overeenkomen
* Darwin vond dat groeperingen gemaakt moesten worden op basis van evolutionaire
relaties
Fossielen Overblijfselen van organismen uit het verleden
Strata Lagen sediment die onder hoge druk zijn samengeperst
Paleontologie De studie naar fossielen, werd geïntroduceerd door Cuvier, hij
ontdekte dat fossielen in oudere strata verder afweken van de
levensvormen die we nu kennen. Sommige soorten verdwenen
en nieuwe soorten ontstonden in verschillende strata
* Cuvier dacht dat soorten uitstierven door plotselinge natuurrampen en nieuwe soorten de
leefomgeving van de oude soorten innamen. Lyell bedacht dat sommige geologische
processen volgens langzame mechanismen verliepen. Door deze gedachte veranderde de
geschatte leeftijd van de aarde ook, in plaats van dat hij +/- 2000 jaar zou bestaan zou hij al
wel is miljoenen jaren oud kunnen zijn.
Lamarck’s hypothesis of evolution
Use and disuese Lamarck dacht dat delen van het lichaam die veel gebruikt
werden sterker werden en dat delen die niet gebruikt werden
verdwenen
Inheritance of aquiered Een organisme kan mutaties die bevorderlijk zijn doorgeven
characteristics aan het nageslacht
Lamarck dacht dat evolutie plaatsvond om de drang naar een complexer organisme te
voeden.
Darwin’s research
Adaptations Overgeërfde eigenschappen die de kans op overleven en
voortplanting van een organisme in een bepaalde omgeving
vergroten