Geschiedenis HC Verlichting
Verlichte denkers
Radicale verlichting = totale gelijkheid tussen mensen, oa abolitionisten (afschaffing slavernij).
Immanuel Kant
o Durf te weten
o Beperking Verlichting. Revolutie brengt geen vrijheid omdat het volk langzaam leert
kritisch te denken. Het is een langzaam proces.
o Beperking vrijheid individu: in samenleving is gehoorzaamheid nodig.
o We kunnen niet alles weten (bestaat God? Is geen rationeel bewijs voor).
Spinoza
o Goddelijk openbaar in natuur, niet in het menselijke (Bijbel)
o Radicaal
o God heeft niet de wereld en natuurwetten geschapen, God is schepping, hij grijpt
niet in de wereld in, openbaart zich niet. Geen wonderen, Bijbel is door de mens
geschreven.
o Leven mensen verloopt wetmatig zonder doel. Geen vrije wil, geen toeval, geen
goed of kwaad.
o Geloof is belangrijk: geen massa een morele richtlijn.
Voltaire
o Ongeletterde mensen kunnen niet kritisch denken
o Kritiek samenleving op humoristische en originele manier.
o Censuur -> opgesloten in Bastille, verbannen.
o Ellende te wijten aan onwetendheid, onverdraagzaamheid en bijgeloof. Kerk houdt
het volk met opzet dom.
o Verlangen: rechtvaardige staat, regering stelt vrijheid en welvaart burgers voorop.
o Verzet tegen rechtsongelijkheid en vervolging afwijkende religieuze overtuigingen.
John Locke
o Schreef over Engelse situatie met sterker parlement
o Burgerrechten kunnen samengaan met monarchie
o Recht van verzet
o Uitvoerende macht
o Relatie gemeente en regering op basis van vertrouwen (sprak niet over sociaal
contract). Regering afzetten als het vertrouwen is beschaamt (zoals in 1689 Glorious
Revolution in Engeland).
Jean-Jacques Rousseau
o Radicaler
o Dacht vanuit Franse situatie met absolute monarchie
o Permanente volkssoevereiniteit
o Regering is uitvoerder van gezamenlijke wil burgers (algemene wil)
o Altijd in staat regering afzetten, zonder discussie over vertrouwen.
o Socialist
Verlichte denkers
Radicale verlichting = totale gelijkheid tussen mensen, oa abolitionisten (afschaffing slavernij).
Immanuel Kant
o Durf te weten
o Beperking Verlichting. Revolutie brengt geen vrijheid omdat het volk langzaam leert
kritisch te denken. Het is een langzaam proces.
o Beperking vrijheid individu: in samenleving is gehoorzaamheid nodig.
o We kunnen niet alles weten (bestaat God? Is geen rationeel bewijs voor).
Spinoza
o Goddelijk openbaar in natuur, niet in het menselijke (Bijbel)
o Radicaal
o God heeft niet de wereld en natuurwetten geschapen, God is schepping, hij grijpt
niet in de wereld in, openbaart zich niet. Geen wonderen, Bijbel is door de mens
geschreven.
o Leven mensen verloopt wetmatig zonder doel. Geen vrije wil, geen toeval, geen
goed of kwaad.
o Geloof is belangrijk: geen massa een morele richtlijn.
Voltaire
o Ongeletterde mensen kunnen niet kritisch denken
o Kritiek samenleving op humoristische en originele manier.
o Censuur -> opgesloten in Bastille, verbannen.
o Ellende te wijten aan onwetendheid, onverdraagzaamheid en bijgeloof. Kerk houdt
het volk met opzet dom.
o Verlangen: rechtvaardige staat, regering stelt vrijheid en welvaart burgers voorop.
o Verzet tegen rechtsongelijkheid en vervolging afwijkende religieuze overtuigingen.
John Locke
o Schreef over Engelse situatie met sterker parlement
o Burgerrechten kunnen samengaan met monarchie
o Recht van verzet
o Uitvoerende macht
o Relatie gemeente en regering op basis van vertrouwen (sprak niet over sociaal
contract). Regering afzetten als het vertrouwen is beschaamt (zoals in 1689 Glorious
Revolution in Engeland).
Jean-Jacques Rousseau
o Radicaler
o Dacht vanuit Franse situatie met absolute monarchie
o Permanente volkssoevereiniteit
o Regering is uitvoerder van gezamenlijke wil burgers (algemene wil)
o Altijd in staat regering afzetten, zonder discussie over vertrouwen.
o Socialist