Schema Ontwikkelingsdynamisch model A. Dosen
ontwikkelingsleeftijd 0–6m 6 – 18 m 18 m – 3 j 3–7j 7 – 12 j
cognitief niveau diep V.B. diep V.B. diep V.B. ernstig V.B. ernstig V.B. matig V.B. matig V.B. licht V.B.
emotionele ontwikkeling ADAPTATIE EERSTE SOCIALISATIE EERSTE INDIVIDUATIE IDENTIFICATIE REALITEITSBWW
hulpvraagtype homeostase vertrouwen autonomie initiatief zelfvertrouwen
disregulatie wantrouwen afhankelijkheid geremdheid minderwaardigheid
dagbesteding ZIJN DOEN
existentiële positie WE-DENTITY I-DENTITY
kenmerken emotioneel - fysiologische aanpassing - toegenomen soc. gerichtheid - afstand (separatie- - meer initiatief en keuzes - eigen rol en plaats in
functioneren - sensorische integratie - hechting; basale veiligheid individuatie) - vriendjes omgeving
- arousal-regulatie - symbiose - interesse leeftijdsgenoten - ontstaan van normbesef - introspectie/reflectie
- integratie van ruimte en tijd - angst bij scheiding - begin IK (egocentrisch; “neen”) - identificeren met belangrijke
- transitioneel object - invloed op omgeving (almacht) anderen
- zelfdifferentiatie - ego-ontwikkeling
basale emotionele - fysiologische homeostase - lichamelijk contact - internalisering - sociale normen (regels) - volwaardigheid
behoeften - sensorische integratie - hechting - veiligheidsobject - sociale acceptatie - productiviteit; creativiteit
- hechtingsstimulatie door - omgaan met materiaal - afstand nemen van - sociale competentie - ‘goeden regels’ van gedrag
affectieve synchronie hechtingsfiguur - identificatie-figuur - steun door belangrijke
- organisatie van ervaringen - vechten voor eigen autonomie anderen
en activiteiten (eigen wil doordrijven)
adaptief gedrag - regulatie van fysiologische - hechting aan bep. Persoon - eigen wil aan anderen - grens fantasie-werkelijkheid - gebonden aan belangrijke
functies - sociale spelletjes met duidelijk maken - eerst niet scherp anderen
- excitatie-relaxatie anderen negatief/koppig/destructief - conflict met autoriteit - conformisme met regels
- ritme activiteit-inactiviteit - imitatiegedrag alvorens constructief - impulsiviteit - loyaliteit
- hechtingsgedrag - exploratiegedrag - explorerend - externe super-ego - problemen met affect- en
agressieregulatie
mal adaptief gedrag - problemen met fysiologische - protestgedrag; onrust - constant om aandacht vragen - faalangst - hyperactiviteit
regulatie en sensor. Integratie - apathie - koppig & negativistisch - impulsieve agressie - destructiviteit
- zelf verwondend gedrag - agressie t.o.v. hechtingsfiguur - over beweeglijk; chaotisch - passiviteit of motorische - geremdheid; dwangmatigheid
(ZVG) - ZVG bij hoge frustratie - destructief; agressief hyperactiviteit - angsten
- teruggetrokkenheid - zwak zelfvertrouwen - delinquent gedrag
psychiatrische stoornis - contactstoornis - psychotische toestanden - oppositioneel-opstandige - ADHD - ADHD; OCD
- autistische stoornis - depressieve stoornis stoornis - stemmingsstoornissen - angst- en stemmings-
- atypische psychotische - bipolaire stoornis - depressie - angststoornissen stoornissen
toestand - reactieve hechtingsstoornis - angststoornissen - gedragsstoornissen - gedragsstoornissen (CD)
- persoonlijkheidsstoornissen
emotionele noden: - nabijheid - nabij op afstand - begeleiding op afstand - uitnodigend en stimulerend - zowel groep als individueel
ondersteuning - prikkelarm - grenzen - regels en consequenties - vertrouwensrelatie met - herinterpreteren van als
- structuur - basale veiligheid - optimaal frustreren begeleider negatief beleefde
- rust - deelverantwoordelijkheid - dragen van gebeurtenissen
verantwoordelijkheid o.b.v.
succeservaringen
kerntaak
reguleren cirkelen spel supernanny vaardigheden
begeleiding
ontwikkelingsleeftijd 0–6m 6 – 18 m 18 m – 3 j 3–7j 7 – 12 j
cognitief niveau diep V.B. diep V.B. diep V.B. ernstig V.B. ernstig V.B. matig V.B. matig V.B. licht V.B.
emotionele ontwikkeling ADAPTATIE EERSTE SOCIALISATIE EERSTE INDIVIDUATIE IDENTIFICATIE REALITEITSBWW
hulpvraagtype homeostase vertrouwen autonomie initiatief zelfvertrouwen
disregulatie wantrouwen afhankelijkheid geremdheid minderwaardigheid
dagbesteding ZIJN DOEN
existentiële positie WE-DENTITY I-DENTITY
kenmerken emotioneel - fysiologische aanpassing - toegenomen soc. gerichtheid - afstand (separatie- - meer initiatief en keuzes - eigen rol en plaats in
functioneren - sensorische integratie - hechting; basale veiligheid individuatie) - vriendjes omgeving
- arousal-regulatie - symbiose - interesse leeftijdsgenoten - ontstaan van normbesef - introspectie/reflectie
- integratie van ruimte en tijd - angst bij scheiding - begin IK (egocentrisch; “neen”) - identificeren met belangrijke
- transitioneel object - invloed op omgeving (almacht) anderen
- zelfdifferentiatie - ego-ontwikkeling
basale emotionele - fysiologische homeostase - lichamelijk contact - internalisering - sociale normen (regels) - volwaardigheid
behoeften - sensorische integratie - hechting - veiligheidsobject - sociale acceptatie - productiviteit; creativiteit
- hechtingsstimulatie door - omgaan met materiaal - afstand nemen van - sociale competentie - ‘goeden regels’ van gedrag
affectieve synchronie hechtingsfiguur - identificatie-figuur - steun door belangrijke
- organisatie van ervaringen - vechten voor eigen autonomie anderen
en activiteiten (eigen wil doordrijven)
adaptief gedrag - regulatie van fysiologische - hechting aan bep. Persoon - eigen wil aan anderen - grens fantasie-werkelijkheid - gebonden aan belangrijke
functies - sociale spelletjes met duidelijk maken - eerst niet scherp anderen
- excitatie-relaxatie anderen negatief/koppig/destructief - conflict met autoriteit - conformisme met regels
- ritme activiteit-inactiviteit - imitatiegedrag alvorens constructief - impulsiviteit - loyaliteit
- hechtingsgedrag - exploratiegedrag - explorerend - externe super-ego - problemen met affect- en
agressieregulatie
mal adaptief gedrag - problemen met fysiologische - protestgedrag; onrust - constant om aandacht vragen - faalangst - hyperactiviteit
regulatie en sensor. Integratie - apathie - koppig & negativistisch - impulsieve agressie - destructiviteit
- zelf verwondend gedrag - agressie t.o.v. hechtingsfiguur - over beweeglijk; chaotisch - passiviteit of motorische - geremdheid; dwangmatigheid
(ZVG) - ZVG bij hoge frustratie - destructief; agressief hyperactiviteit - angsten
- teruggetrokkenheid - zwak zelfvertrouwen - delinquent gedrag
psychiatrische stoornis - contactstoornis - psychotische toestanden - oppositioneel-opstandige - ADHD - ADHD; OCD
- autistische stoornis - depressieve stoornis stoornis - stemmingsstoornissen - angst- en stemmings-
- atypische psychotische - bipolaire stoornis - depressie - angststoornissen stoornissen
toestand - reactieve hechtingsstoornis - angststoornissen - gedragsstoornissen - gedragsstoornissen (CD)
- persoonlijkheidsstoornissen
emotionele noden: - nabijheid - nabij op afstand - begeleiding op afstand - uitnodigend en stimulerend - zowel groep als individueel
ondersteuning - prikkelarm - grenzen - regels en consequenties - vertrouwensrelatie met - herinterpreteren van als
- structuur - basale veiligheid - optimaal frustreren begeleider negatief beleefde
- rust - deelverantwoordelijkheid - dragen van gebeurtenissen
verantwoordelijkheid o.b.v.
succeservaringen
kerntaak
reguleren cirkelen spel supernanny vaardigheden
begeleiding