Geestelijke gezondheidszorg
“Mental Health refers to a broad array of activities directly or indirectly related to the mental
well-being component included in the WHO’s definition of health: “A state of complete
physical, mental and social well-being, and not merely the absence of disease.” It is related
to the promotion of well-being, the prevention of mental disorders, and the treatment and
rehabilitation of people affected by mental disorders.”
Gezondheid als het vermogen zich aan te passen en een eigen refie te voeren, in het licht
van de fysieke, emotionele en sociale uitdagingen van het leven.
6 dimensies
Bio-psycho-sociaal model
Rechtstreeks biologisch kunnen we weinig
impact uitoefenen
DSM V
Diagnostische en statistische manual
1
,Woordenboek en geen middel om te weten als iemand iets heeft wel om te beslissen als de
persoon iets heeft hoe het dan precies heet
Moeilijk om vast te stellen wat iemand heeft, je kan geen bloed trekken of een scan maken
Begeleiding en behandeling GGZ
Focus op herstel
Kijken wat goed lukt en dit sterker maken
De persoon versterken vanuit wie hij is, je kan niet doen om zijn beperking kleiner te maken
maar wel om er mee te leren omgaan
Ergotherapie in de GGZ
- Focus op handelen binnen het algemene kader
- -> handelingsgericht werken
Verschillende probleemgebieden
- Wonen
- Werken
- Sociale omgeving
- Ik-sterkte
- (Zelf)zorg
- Beleving
Verschillende taken
- Handelingen en functies
- Inzichtgevend
- Ervaringsgericht
- Ondersteunend
2
,Psychische functies
Expressie en psychomotoriek
Lichaamshouding, beweging en motoriek
Overactiviteit
Rusteloosheid
Agitatie: prikkelbaar
Hyperkinesie: overdreven snelheid van handelingen
Acathisie: bepaalde houdingen niet kunnen volhouden
Hypertonie: teveel spierspanning
Stuiptrekkingen: abnormaal aanspannen en ontspannen van spieren
Onderactiviteit
Bradykinesie: vertraagde beweging
Hypokinesie: geringe beweging
Akinesie: afwezige beweging
Hypotonie: verminderde spierspanning
Bewegingsafvlakking
Stupor: niet reageren op prikkels
Kataplexie: acute verslapping van skeletspieren
Disactiviteit
Dwanghandelingen
Bizarre houding
Stereotype bewegingen; herhaalde, niet functionele beweging
Grimassen
Kataplexie: lange tijd zelfde houding blijven aannemen
Echopraxie: onwillekeurig nadoen of herhalen van bewegingen
Apraxie: onvermogen handelingen uit te voeren
Spraak
Afasie
Logorroe: gestoord taalbegrip
Bradyfasie: vertraagd spreken
Mutisme: niet uiten gesproken taal
Neologismen: nieuwe elementen toevoegen
Incoherente spraak: geen samenhangend geheel
Wijdloperige spraak
Perseveratie: voortdurend herhalen van dezelfde woorden
Echolalie : dwangmatig herhalen van woorden
Bewustzijn
Helderheid en aanspreekbaarheid
Verhoogd bewustzijn
Verlaagd bewustzijn
Schemertoestand: niet helder van geest
Somnolentie: persoon moet moeite doen om wakker te blijven
3
, Sopor: enkel met sterke prikkels kan persoon gewekt worden
Subcoma: reageert wel op licht en pijnprikkels
Coma: geen licht of peesreflexen
Syncope: flauwvallen
Bewustzijnsverruiming: grotere diversiteit prikkels
Bewustzijnsvernauwing: reageren op bepaalde prikkels
Delirium gestoorde aandacht
Aandacht en opmerkzaamheid
Waakzaamheid: alertheid
Vasthoudendheid : concentratie
Oriëntatie
Desoriëntatie
Zelfbeleving
Zelfbeeld
Ik-vitaliteit: beseffen dat men leeft
Ik-activiteit: besef dat men actor is van eigen handelen
Ik-consistentie: zichzelf als samenhangend geheel ervaren
Ik-afgrenzing: vermogen onderscheid maken tussen ik en niet-ik
Ik-identiteit: gedurende alle levenstaken constant en continu dezelfde persoon te blijven
Depersonalisatie: gevoel van zelfvervreemding
Derealisatie: wereld wordt op moment zelf als onecht ervaren
Lichaamservaring
Waarneming
Hyperesthesie: verhoogde prikkelgewaarwording
Hypo-esthesie: verlaagde prikkelgewaarwording
Anesthesie: afwezige prikkelgewaarwording
Paresthesieën: onaangename tactiele sensaties
Illusies: eigenschappen aan object toevoegen
Hallucinaties: perceptie zonder object
Denken en geheugen
Denkstoornissen
Concreet denken
Magisch denken
Autistisch denken: geen rekening houden met geheel
Irrationeel denken: niet logisch
Inhibitie: geblokkeerde gedachtengang
Perseveratie: bepaalde gedachten worden vaak herhaald
Wijdloperig denken: onnodige uitweidingen
Onsamenhangend denken
Associatief denken: rare gedachtensprongen
Obsessies: voorstellingen die zich als dwingen of storend voordoen
Overwaardige ideeën: uitvergrote gedachten
Wanen: foutieve opvattingen
4
“Mental Health refers to a broad array of activities directly or indirectly related to the mental
well-being component included in the WHO’s definition of health: “A state of complete
physical, mental and social well-being, and not merely the absence of disease.” It is related
to the promotion of well-being, the prevention of mental disorders, and the treatment and
rehabilitation of people affected by mental disorders.”
Gezondheid als het vermogen zich aan te passen en een eigen refie te voeren, in het licht
van de fysieke, emotionele en sociale uitdagingen van het leven.
6 dimensies
Bio-psycho-sociaal model
Rechtstreeks biologisch kunnen we weinig
impact uitoefenen
DSM V
Diagnostische en statistische manual
1
,Woordenboek en geen middel om te weten als iemand iets heeft wel om te beslissen als de
persoon iets heeft hoe het dan precies heet
Moeilijk om vast te stellen wat iemand heeft, je kan geen bloed trekken of een scan maken
Begeleiding en behandeling GGZ
Focus op herstel
Kijken wat goed lukt en dit sterker maken
De persoon versterken vanuit wie hij is, je kan niet doen om zijn beperking kleiner te maken
maar wel om er mee te leren omgaan
Ergotherapie in de GGZ
- Focus op handelen binnen het algemene kader
- -> handelingsgericht werken
Verschillende probleemgebieden
- Wonen
- Werken
- Sociale omgeving
- Ik-sterkte
- (Zelf)zorg
- Beleving
Verschillende taken
- Handelingen en functies
- Inzichtgevend
- Ervaringsgericht
- Ondersteunend
2
,Psychische functies
Expressie en psychomotoriek
Lichaamshouding, beweging en motoriek
Overactiviteit
Rusteloosheid
Agitatie: prikkelbaar
Hyperkinesie: overdreven snelheid van handelingen
Acathisie: bepaalde houdingen niet kunnen volhouden
Hypertonie: teveel spierspanning
Stuiptrekkingen: abnormaal aanspannen en ontspannen van spieren
Onderactiviteit
Bradykinesie: vertraagde beweging
Hypokinesie: geringe beweging
Akinesie: afwezige beweging
Hypotonie: verminderde spierspanning
Bewegingsafvlakking
Stupor: niet reageren op prikkels
Kataplexie: acute verslapping van skeletspieren
Disactiviteit
Dwanghandelingen
Bizarre houding
Stereotype bewegingen; herhaalde, niet functionele beweging
Grimassen
Kataplexie: lange tijd zelfde houding blijven aannemen
Echopraxie: onwillekeurig nadoen of herhalen van bewegingen
Apraxie: onvermogen handelingen uit te voeren
Spraak
Afasie
Logorroe: gestoord taalbegrip
Bradyfasie: vertraagd spreken
Mutisme: niet uiten gesproken taal
Neologismen: nieuwe elementen toevoegen
Incoherente spraak: geen samenhangend geheel
Wijdloperige spraak
Perseveratie: voortdurend herhalen van dezelfde woorden
Echolalie : dwangmatig herhalen van woorden
Bewustzijn
Helderheid en aanspreekbaarheid
Verhoogd bewustzijn
Verlaagd bewustzijn
Schemertoestand: niet helder van geest
Somnolentie: persoon moet moeite doen om wakker te blijven
3
, Sopor: enkel met sterke prikkels kan persoon gewekt worden
Subcoma: reageert wel op licht en pijnprikkels
Coma: geen licht of peesreflexen
Syncope: flauwvallen
Bewustzijnsverruiming: grotere diversiteit prikkels
Bewustzijnsvernauwing: reageren op bepaalde prikkels
Delirium gestoorde aandacht
Aandacht en opmerkzaamheid
Waakzaamheid: alertheid
Vasthoudendheid : concentratie
Oriëntatie
Desoriëntatie
Zelfbeleving
Zelfbeeld
Ik-vitaliteit: beseffen dat men leeft
Ik-activiteit: besef dat men actor is van eigen handelen
Ik-consistentie: zichzelf als samenhangend geheel ervaren
Ik-afgrenzing: vermogen onderscheid maken tussen ik en niet-ik
Ik-identiteit: gedurende alle levenstaken constant en continu dezelfde persoon te blijven
Depersonalisatie: gevoel van zelfvervreemding
Derealisatie: wereld wordt op moment zelf als onecht ervaren
Lichaamservaring
Waarneming
Hyperesthesie: verhoogde prikkelgewaarwording
Hypo-esthesie: verlaagde prikkelgewaarwording
Anesthesie: afwezige prikkelgewaarwording
Paresthesieën: onaangename tactiele sensaties
Illusies: eigenschappen aan object toevoegen
Hallucinaties: perceptie zonder object
Denken en geheugen
Denkstoornissen
Concreet denken
Magisch denken
Autistisch denken: geen rekening houden met geheel
Irrationeel denken: niet logisch
Inhibitie: geblokkeerde gedachtengang
Perseveratie: bepaalde gedachten worden vaak herhaald
Wijdloperig denken: onnodige uitweidingen
Onsamenhangend denken
Associatief denken: rare gedachtensprongen
Obsessies: voorstellingen die zich als dwingen of storend voordoen
Overwaardige ideeën: uitvergrote gedachten
Wanen: foutieve opvattingen
4