Werkgroep 4 – Vennootschapsbelasting – avondwerkgroep 1 – 19.00-
21.00
Vraag 1
Art. 15ac lid 5 Wet Vpb 1969 is per 1 januari 2018 aangepast.
a. Schets de achtergrond van de wijziging (reden voor de
wijziging) onder verwijzing naar en uitleg over het arrest van
de HR dat de de directe aanleiding was voor de wijziging.
BNB 2016/171: VP A en VP B in een FE en VP B heeft een vi en er wordt
een franchise fee betaald binnen FE. B betaalt 100 royalty aan A binnen
FE. B heeft VI, en royalty houdt verband met vi. Vi maakt brutowinst van
100 voor aftrek van royalty. Royalty is 100 en VP a maakt geen winst.
Hoe kijkt NL hier tegen aan? Wie zie ik als belastingplichtige? A als
belastingplichtige (FE) die een vi heeft. Als we dan een royalty stroom
tekenen dan zien we een royalty vanuit de vi naar het hoofdhuis (A). We
zien die royalty van vi naar hoofdhuis niet want interne transactie. Art 7
OESO MV is gewijzigd en daardoor kijken we naar de vi meer als ‘separate
entity’. Hoeveel winst belasten we dan? Er is 100 wereldwinst en
vrijstelling van 100 (15e objectvrijstelling) want die 100 is vaste
inrichtingswinst. dus belaste winst is 0.
Buitenlandse visie: B is de belastingplichtige. Zij zien de royalty van B aan
A. een vi die een winst behaald van 100 en in het kader van die vi wordt
een royalty van B naar A belast. Daar is de belaste winst 100 (want royalty
er af). Ook hier belaste winst 0.
In het buitenland zien ze FE niet dus wel kostenpost. In NL zien we FE wel
en vi-hoofdhuis transacties zien we niet waardoor er een vrijstelling wordt
gegeven van 100 terwijl er in het buitenland niks belast wordt.
Oude 15ac(5): alleen financieringskosten. Als je een rare mismatch hebt
die wordt veroorzaakt door financieringskosten dan gaan we corrigeren.
Bovenstaand voorbeeld gaat over royalty’s en dus geen
financieringskosten. Daarom artikel aangepast.
Nieuw art. 15ac(5): vergelijking maken: 2 dingen tegen elkaar afzetten.
Hoeveel vrijstelling zonder FE? En hoeveel vrijstelling met FE? Hoeveel
objectvrijstelling in beide gevallen?
Met FE: 100.
Zonder FE: B zien als zelfstandig belastingplichtige die een vi heeft met
een winst van 100 maar zonder FE heeft hij ook echt royalty kosten van
100. Dus zonder FE zou de belastbare winst 0 zijn. Vrijstelling van 0.
uitkomst 15ac(5) je krijgt een objectvrijstelling van 0. Dan klopt het
plaatje weer want je krijgt een vrijstelling van 0 want in het buitenland
wordt je belast voor 0.
, Wat als het buitenland een renteaftrekbeperking kent? Zodat de vi belast
wordt voor 40 i.p.v. 0 want een renteaftrekbeperking van 60. Zit er dan
een correctiemechanisme in 15ac(5)? Voorheen wel, 15ac(6) maar die
hebben we nu niet meer. Je kan hierdoor op dubbele belasting uitkomen.
Zie je hierdoor royalty baten bij A? Nee. Slechts voor de berekening van de
omvang van de objectvrijstelling denk je even de FE weg. Maar alleen voor
dat element. De royalty baten zien we gewoon niet. Alleen voor dit aspect
de FE wegdenken.
b. Schets de relevantie van de wijziging voor een situatie
waarin een fiscale eenheid tussen BV A en BV B een vaste
inrichting heeft in het Verenigd Koninkrijk waarbij BV B
aldaar een onderneming drijft en BV A de merknaam aan BV
B ter beschikking stelt. Betrek bij uw antwoord de recente
wijziging van het verdrag met het Verenigd Koninkrijk en de
conclusie van AG Wattel bij het onder a. gevonden arrest.
Door de wijziging van art. 7 wordt er meer zelfstandigheid gegeven aan de
vi. Gevolg: daardoor zie je de royalty betaling wel aan hoofdhuis. Wat
betekent dat voor onze casus? B betaalt aan A een royalty ter zake van de
vi in UK.
Hoofdregel: 15ac(4): berekenen met inachtneming van de FE A heeft
een vi met een winst van 100. Maar nu zie je de royalty betaling wel van vi
aan hoofdhuis van 100. Hoe groot is dan de winst van de vi? 100 – 100 =
0. Een voorkomingswinst van 0.
Heeft 15ac(5) dan nog effect? Nee. Want onder dit artikel 2 situaties
vergelijken: vrijstelling met FE en zonder FE. Met FE is hij 0. En zonder FE
0. Dus 15ac(5) sorteert geen effect meer want in beide gevallen is de
uitkomst gelijk.
Trucje van vroeger kan je alleen nog maar toepassen als je onder oude
verdragen de royalty betaling niet meer ziet. Nieuwe verdragen:
aangepast art. 7 dus verzelfstandiging van de vi en zie je betaling van vi
aan hoofdhuis wel. Het belang van 15ac(5) wordt steeds minder als we
steeds meer het nieuwe art. 7 krijgen.
c. Schets de relevantie van de wijziging voor een situatie
waarin een fiscale eenheid tussen BV X en BV Y een
onderneming heeft in Duitsland, waarbij in de Duitse
onderneming van BV Y een bedrijfspand wordt gebruikt met
een Nederlandse fiscale boekwaarde van € 100.000 en een
werkelijke waarde van € 300.000 en dit bedrijfspand voor €
100.000 wordt overgedragen door BV Y aan BV X. Betrek bij
uw antwoord de oorspronkelijke bedoeling van de bepaling,
de letterlijke tekst van de bepaling, de uitleg die er in de
nota naar aanleiding van het verslag aan wordt gegeven en
het commentaar van Ruijschop in NTFR bij deze nota.
21.00
Vraag 1
Art. 15ac lid 5 Wet Vpb 1969 is per 1 januari 2018 aangepast.
a. Schets de achtergrond van de wijziging (reden voor de
wijziging) onder verwijzing naar en uitleg over het arrest van
de HR dat de de directe aanleiding was voor de wijziging.
BNB 2016/171: VP A en VP B in een FE en VP B heeft een vi en er wordt
een franchise fee betaald binnen FE. B betaalt 100 royalty aan A binnen
FE. B heeft VI, en royalty houdt verband met vi. Vi maakt brutowinst van
100 voor aftrek van royalty. Royalty is 100 en VP a maakt geen winst.
Hoe kijkt NL hier tegen aan? Wie zie ik als belastingplichtige? A als
belastingplichtige (FE) die een vi heeft. Als we dan een royalty stroom
tekenen dan zien we een royalty vanuit de vi naar het hoofdhuis (A). We
zien die royalty van vi naar hoofdhuis niet want interne transactie. Art 7
OESO MV is gewijzigd en daardoor kijken we naar de vi meer als ‘separate
entity’. Hoeveel winst belasten we dan? Er is 100 wereldwinst en
vrijstelling van 100 (15e objectvrijstelling) want die 100 is vaste
inrichtingswinst. dus belaste winst is 0.
Buitenlandse visie: B is de belastingplichtige. Zij zien de royalty van B aan
A. een vi die een winst behaald van 100 en in het kader van die vi wordt
een royalty van B naar A belast. Daar is de belaste winst 100 (want royalty
er af). Ook hier belaste winst 0.
In het buitenland zien ze FE niet dus wel kostenpost. In NL zien we FE wel
en vi-hoofdhuis transacties zien we niet waardoor er een vrijstelling wordt
gegeven van 100 terwijl er in het buitenland niks belast wordt.
Oude 15ac(5): alleen financieringskosten. Als je een rare mismatch hebt
die wordt veroorzaakt door financieringskosten dan gaan we corrigeren.
Bovenstaand voorbeeld gaat over royalty’s en dus geen
financieringskosten. Daarom artikel aangepast.
Nieuw art. 15ac(5): vergelijking maken: 2 dingen tegen elkaar afzetten.
Hoeveel vrijstelling zonder FE? En hoeveel vrijstelling met FE? Hoeveel
objectvrijstelling in beide gevallen?
Met FE: 100.
Zonder FE: B zien als zelfstandig belastingplichtige die een vi heeft met
een winst van 100 maar zonder FE heeft hij ook echt royalty kosten van
100. Dus zonder FE zou de belastbare winst 0 zijn. Vrijstelling van 0.
uitkomst 15ac(5) je krijgt een objectvrijstelling van 0. Dan klopt het
plaatje weer want je krijgt een vrijstelling van 0 want in het buitenland
wordt je belast voor 0.
, Wat als het buitenland een renteaftrekbeperking kent? Zodat de vi belast
wordt voor 40 i.p.v. 0 want een renteaftrekbeperking van 60. Zit er dan
een correctiemechanisme in 15ac(5)? Voorheen wel, 15ac(6) maar die
hebben we nu niet meer. Je kan hierdoor op dubbele belasting uitkomen.
Zie je hierdoor royalty baten bij A? Nee. Slechts voor de berekening van de
omvang van de objectvrijstelling denk je even de FE weg. Maar alleen voor
dat element. De royalty baten zien we gewoon niet. Alleen voor dit aspect
de FE wegdenken.
b. Schets de relevantie van de wijziging voor een situatie
waarin een fiscale eenheid tussen BV A en BV B een vaste
inrichting heeft in het Verenigd Koninkrijk waarbij BV B
aldaar een onderneming drijft en BV A de merknaam aan BV
B ter beschikking stelt. Betrek bij uw antwoord de recente
wijziging van het verdrag met het Verenigd Koninkrijk en de
conclusie van AG Wattel bij het onder a. gevonden arrest.
Door de wijziging van art. 7 wordt er meer zelfstandigheid gegeven aan de
vi. Gevolg: daardoor zie je de royalty betaling wel aan hoofdhuis. Wat
betekent dat voor onze casus? B betaalt aan A een royalty ter zake van de
vi in UK.
Hoofdregel: 15ac(4): berekenen met inachtneming van de FE A heeft
een vi met een winst van 100. Maar nu zie je de royalty betaling wel van vi
aan hoofdhuis van 100. Hoe groot is dan de winst van de vi? 100 – 100 =
0. Een voorkomingswinst van 0.
Heeft 15ac(5) dan nog effect? Nee. Want onder dit artikel 2 situaties
vergelijken: vrijstelling met FE en zonder FE. Met FE is hij 0. En zonder FE
0. Dus 15ac(5) sorteert geen effect meer want in beide gevallen is de
uitkomst gelijk.
Trucje van vroeger kan je alleen nog maar toepassen als je onder oude
verdragen de royalty betaling niet meer ziet. Nieuwe verdragen:
aangepast art. 7 dus verzelfstandiging van de vi en zie je betaling van vi
aan hoofdhuis wel. Het belang van 15ac(5) wordt steeds minder als we
steeds meer het nieuwe art. 7 krijgen.
c. Schets de relevantie van de wijziging voor een situatie
waarin een fiscale eenheid tussen BV X en BV Y een
onderneming heeft in Duitsland, waarbij in de Duitse
onderneming van BV Y een bedrijfspand wordt gebruikt met
een Nederlandse fiscale boekwaarde van € 100.000 en een
werkelijke waarde van € 300.000 en dit bedrijfspand voor €
100.000 wordt overgedragen door BV Y aan BV X. Betrek bij
uw antwoord de oorspronkelijke bedoeling van de bepaling,
de letterlijke tekst van de bepaling, de uitleg die er in de
nota naar aanleiding van het verslag aan wordt gegeven en
het commentaar van Ruijschop in NTFR bij deze nota.