Hoofdstuk 3: biological foundations, prenatal developments, and
birth
Genetic foundations
Controle centrum in elke cel nucleus, met daarin chromosomen die genetische informatie opslaan
en overbrengen
Chromosomen bestaan uit DNA (Desoxyribonucleïnezuur, (Engels: Deoxyribonucleic acid))
Elke tree in de ladder bestaat uit een chemische substantie A – T en C – G
Een gen is een segment van DNA langs de lengte van het chromosoom.
DNA dupliceert zich mitose (chromosomen kopiëren zichzelf)
We hebben bijna net zo veel genen als bijvoorbeeld een worm, maar we zijn toch in staat meerdere
complexe dingen te ontwikkelen. Hoe kan dat? Door proteïne, die chemische reacties triggeren: ze
breken de genen op en vormen weer nieuwe paren. Zo ontstaat variatie.
Gameten geslachtscellen deze heeft dus maar 23 chromosomen, (1 van het paarmeiose)
Autosomen geen geslachtscellen
Blz. 84
Genetic counseling een communicatieproces om stellen met erfelijke problemen te helpen bij het
schatten van de kans op een gezond kindje
Pedigree een stamboom waarin duidelijk wordt welke familieleden de erfelijke stoornis hebben.
Blz. 86/87
Reproductive technologies
Voordelen:
- Ouders met een kinderwens kunnen kinderen krijgen als het via de natuurlijke weg niet lukt.
- Ouders kunnen kiezen of ze een meisje of een jongen willen.
Nadelen:
- Artsen zijn niet geoorloofd informatie van de donoren te behouden, hoewel de genetische
achtergrond van een kind cruciaal kan zijn bij een bepaalde ziekte.
- Door geslachtsselectie wordt de verdeling jongens/meisjes ongelijk
- Een surrogaatmoeder (die een kind baart voor iemand anders) wil het kind vaak zelf houden,
het stel wil het kind niet meer, het kind heeft kans op problemen door de stressvolle
zwangerschap, conflicten tot in de rechtszaal etc. ethisch ook
Blz. 88
Spermacel kan 6 dagen overleven, eicel 1
Blz. 89
Drie stadia van de prenatale ontwikkeling:
Eerste trimester:
- Periode van de zygote:
Periode duurt 2 weken, van bevruchting totdat de cellen uit de eileiders zich hebben
gevestigd in de baarmoederwand.
Als de zygote de eileiders uitgaat, dupliceert het zichzelf, eerst langzaam, dan sneller. Op de
vierde dag vormt het een holle met vloeistof gevulde bal, een blastocyst genoemd. De
innerlijke cellen, embryonische disk, gaan het nieuwe organisme vormen. De buitenste
cellen vormen bescherming, trophoblasten. Dit membraam heet het amnion.
30% van de zygoten overleeft dit niet.
, Eind tweede week: nog een membraam voor bescherming eromheen, chorion. Er komen
bloedvaten en dit wordt de placenta (voorziet van voedingsstoffen en zuurstof). Moeder en
baby verbonden door navelstreng.
Blz. 91
- Periode van het Embryo
3-8 weken
Snelle veranderingen m.b.t. lichaamsstructuren en interne organen (denk aan hersenen,
oren, ogen, kaak, ruggegraat, hart, ledenmaten)
o Eerste week van deze periode:
Embryonische disk vormt die lagen cellen:
1. Ectoderm: worden zenuwstelsel en huid
2. Mesoderm: hieruit ontwikkelen spieren, skelet, circulatiesysteem (transport van
vloeistoffen), en andere interne organen zich.
3. Endoderm: spijsvertering, longen, urinewegen en klieren.
3.5 week ongeveer hartje kloppen en snelle ontwikkelingen (ook hoofd
opzwellen voor hersenen en neurale buis)
o tweede maand:
verdere en preciezere ontwikkeling, neuronen in de hersenen ontwikkelen zich
Blz. 92
- Periode van de foetus
9-12 weken
Snelle groei en verbinden van losse organen etc.
Vanaf de twaalfde week zijn de geslachtsdelen gevormd.
Tweede trimester:
13-24 weken
Vernix (laagje op de huid) ter bescherming van de ontwikkelende huid, ook kleine
donshaartjes ter bescherming van de huid (helpt ook het vernix te laten plakken aan de huid)
(languo)
Organen zijn ontwikkeld aan het eind van deze fase.
In het centrale zenuwstelsel worden de neuronen ondersteund door gliacellen. De cellen
hebben korte uitlopers en zorgen onder andere voor voeding, bescherming en isolatie van de
neuronen.
Neuronen gaan synapsen, verbindingen, aanleggen gedragscapaciteiten
Derde trimester:
Levensvatbaar betekent dat het met bepaalde apparatuur in leven gehouden kan worden,
bijvoorbeeld sondevoeding, zuurstof, warmtekast etc. tussen de 22 en 26 weken
7/8 maanden de longen van de baby is nog niet in staat de benodigde grote hoeveelheden
zuurstof en koolstofdioxide in en uit te ademen.
Celebral cortex, intelligentie, ontwikkelt zich snel.
Veel foetale activiteit in deze periode kan wijzen op meer activiteit tijdens de eerste maand,
beter omgaan met frustratie in het eerste levensjaar, minder angst in het tweede jaar. Hangt
vaak samen met temperament.
Blz. 94
Foetus krijgt antistoffen van de moeder en gaat meestal ondersteboven liggen in de laatste
weken.
Blz. 95
Teratogenen: veroorzaken schade tijdens de prenatale periode (vooral in de embryoperiode)
Hangt af van:
o Dosis
o Erfelijkheid
o Andere negatieve invloeden (slechte voeding, medicijnen)
, o Leeftijd
Voorbeelden:
o Medicijnen en voedsel
o Drugs
o Roken
o Alcohol:
Fetal alcohol syndrome (FAS)
Partial fetal alcohol syndrome (p-FAS)
Alcohol-related neurodevelopmental disorder (ARND)
Zie tabel blz. 99
o Radiatie
o Milieuvervuiling
o Ziekte bij de moeder tijdens de zwangerschap (bijv. toxoplasmose parasiet in
urine van dieren, bijv. kattenbak)
Overige moederfactoren:
o Beweging
o Voeding
o Emotionele stress (zie blz. 105)
o Leeftijd moeder
Drie stadia van de geboorte:
- ontsluiting van de baarmoederhals.
o Langste fase van de bevalling, ongeveer 12-14 uur bij de eerste geboorte en 4-6 uur
bij de tweede.
o Samentrekkingen van de baarmoeder (weeën) worden geleidelijk frequenter en
krachtiger, waardoor de baarmoederhals of de baarmoederopening wijder wordt en
wordt en zo wordt er een duidelijk kanaal vormt vanuit de baarmoeder naar het
geboortekanaal of de vagina.
- Uitdrijven van de baby
o Kortere fase, ongeveer 50 minuten voor de eerste baby en 20 minuten voor de
tweede baby. De sterke samentrekkingen van de baarmoeder gaan door en de
moeder voelt de natuurlijke drang haar buikspieren te gebruiken om te persen.
Hierdoor wordt de baby er als het ware uitgeduwd.
- Uitdrijven van de placenta (nageboorte)
o Nog enkele weeën, waardoor de placenta gedwongen wordt los te laten van de
baarmoederwand. Deze fase duurt ongeveer 5-10 minuten.
Blz. 109
Apgar Scale
Wie?
Voor kinderen die moeilijk uit de baarmoeder komen en die daarbij dus speciale hulp nodig
hebben.
Hoe?
Fysieke conditie beschrijven door middel van scores van 0-10 op basis van 5 karakteristieken.
Hoe hoger hoe beter.
Wat?
Één meting op 1 min en 5 en 10 min: hartslag, ademhalingsinspanning, reflex irritatie (bijv.
hoesten), spierspanning en kleur
Wat zegt het?
0-3: serieus gevaar, 4-6: speciale hulp om te ademen/vitale functies, 7+: goeie conditie
Blz. 110
, Natuurlijke bevalling wordt voor de moeder vergemakkelijkt door lessen, ontspannings- en
ademhalingsoefeningen, en bevallingscoach (masseren en helpen bij ademen tijdens de
bevalling).
Blz. 112
Na tien minuten zonder zuurstof anoxia vaak bij kinderen die in een stuit liggen.
Blz. 113
Kan ook door incompatibiliteit tussen Resusfactor van moeder en kind. Stel, de moeder heeft
Rh- (geen Rh proteïne) en de vader heeft Rh+ (met de Rh proteïne) en de baby heeft ook Rh+.
Als er ook maar iets van het Rh+ bloedtype de placenta kruist in de moeders bloedstroom,
dan begint het gelijk antilichamen aan te maken voor de vreemde proteïne. Als deze in het
bloedsysteem van de foetus komen, dan vernietigen ze de rodel bloedcellen, die juist zorgen
voor zuurstof. gebrek aan zuurstof. Om meer schade te voorkomen head-cooling
device
Premature: drie of meer weken voor de volle 38 weken geboren en wegen minder dan 2500
gram.
Small-for-date infants: onder het verwachte gewicht m.b.t. de lengte van de zwangerschap