100% de satisfacción garantizada Inmediatamente disponible después del pago Tanto en línea como en PDF No estas atado a nada 4,6 TrustPilot
logo-home
Notas de lectura

College aantekeningen 'observatie van interacties binnen gezinnen'

Puntuación
3.9
(12)
Vendido
40
Páginas
58
Subido en
15-03-2019
Escrito en
2018/2019

Zeer uitgebreide aantekeningen van de colleges van het vak 'observaties van interacties binnen gezinnen'.

Institución
Grado











Ups! No podemos cargar tu documento ahora. Inténtalo de nuevo o contacta con soporte.

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

Subido en
15 de marzo de 2019
Archivo actualizado en
29 de marzo de 2019
Número de páginas
58
Escrito en
2018/2019
Tipo
Notas de lectura
Profesor(es)
Desconocido
Contiene
Todas las clases

Temas

Vista previa del contenido

College aantekeningen ‘Observatie van interacties binnen gezinnen’

College 1 – Introductie

Voordelen verschillende methoden
Je kunt verschillende methodes gebruiken
en de verschillende methodes kennen zo
hun eigen voordelen en nadelen. Het
voordeel van een vragenlijst of interview is
dat je inzicht in gedachten en gevoelens
krijgt. Bij observeren daarentegen kan je
alleen observeren wat iemand doet maar
je weet niet wat daarachter schuilt. Een
ander voordeel van een vragenlijst is dat je
gedrag kunt uitvragen over een lange
periode, dat kan bij observeren weer niet
want daar kijk je juist op het moment.
Interviews of vragenlijsten kennen ook nadelen, zo krijg je niet direct zicht op onbewust gedrag. Bij
observatie krijg je hier een beter beeld van omdat je ook let op micro reacties zoals glimlachen. Een
ander nadeel van vragenlijst is uniforme interpretatie. Zo kan voor iemand vaak slaan, elke dag zijn
maar voor een ander persoon 1 keer per maand. Tot slot kan je afvragen in hoeverre er geen sprake
is van sociale wenselijkheid en effect van stemming. Ook al ga je iemand observeren, iemand weet
dat hij geobserveerd wordt dus dan bestaat er de kans dat deze persoon zich anders gaat gedragen
dan wanneer niemand hem observeert.

Externe/ecologische validiteit
De belangrijkste vraag is of datgene dat de onderzoekers observeren wel representatief is voor het
echte leven? Er zijn een aantal dingen waar je rekening mee moet houden:
1. Observer reactivity: Iemand weet dat hij/zij geobserveerd wordt en zal zich anders gaan
gedragen.
- De 1e tien minuten vindt er geen observatie plaats. Je gaat eerst kennis met elkaar maken, je
geeft een korte uitleg en je stelt je voor. Het is belangrijk dat je niet direct gaat observeren.
Je moet het gezin eerst op zijn gemak stellen.
- Meerdere observaties: het is belangrijk dat meerdere observaties plaats vinden met
dezelfde onderzoeker. Dit is belangrijk omdat iemand zich meer op zijn gemak gaat voelen
als hij vaker iemand gezien heeft.
- Vermijd interactie: trek je zoveel mogelijk terug achter de camera, knik hooguit als reactie.
Het liefste zeg je niks. Je moet wel tegen het gezin zeggen dat je gaat terug trekken.
2. Gestructureerde vs. Naturalistische observatie
- Je kan onderscheid maken tussen gestructureerde en naturalistische observatie. Bij
naturalistische observatie ga je langs bij iemand thuis. Het gezin doet dan gewoon zoals ze
normaal gesproken ook zouden doen, jij bent daar om te observeren. Het voordeel van een
naturalistische observatie is een hoge ecologische validiteit. Dit komt omdat mensen doen
wat ze normaal gesproken ook zouden doen als jij er niet bent. Een nadeel van een
naturalistische observatie is dat er meer ruis is. Dan heb je nog een gestructureerde
observatie. Dit vindt vaak plaats in een lab. Een nadeel hiervan is dat er sprake is van een
lage ecologische validiteit. Daarentegen is het
voordeel dat er weinig ruis is.
3. Setting? Waar ga je observeren? Thuis of in een lab?

, Als je kijkt naar de correlatie tussen thuis en in een lab is die erg laag. Dus als je dezelfde
mensen observeert in een lab setting én thuis setting. Enkele bevindingen:
- Moeders zijn actiever en responsiever in een lab: dit komt waarschijnlijk omdat ze het idee
hebben dat ze meer hun best moeten doen.
- Test-hertest correlaties zijn sterker binnen setting dat tussen setting
- Verschillen uitkomsten nemen af bij gelijke instructie. Als de instructie zoveel mogelijk
hetzelfde is, kun je de verschillen laten afnemen.

Verschillende codeermethodes
1. Observeren
- Bij observeren ga je als het ware het gedrag tellen. Je telt puur hoe vaak iets voorkomt. Je
kan bijvoorbeeld het aantal keer tellen dat de moeder naar het kind kijkt.
- Je kan ook het hele fragment kijken en dan bepalen welke score iemand krijgt. Dit is op
macro-level schalen. Je kijkt niet puur naar een enkele vorm van gedrag maar je kijkt naar
verschillende gedragingen. Je kijkt daarnaast ook of het gedrag van de ouder passend is in
de context en tegen het gedrag van het andere kind. Dit is wat abstracter en vraagt dan ook
om training.
- Je codeert alleen gedrag als een bepaalde situatie zich voordoet, dit noem je event-based. Je
kan bijvoorbeeld alleen coderen hoe ouders reageren als het kind zich niet gehoorzaamt.
- De laatste vorm van observeren is vrij nieuw, het is enorm muizenwerk. Je kijkt naar
microgedragingen in een bepaalde tijd, dit noem je micro-level (real time). Je kan kijken naar
de volgende gedragingen:
 Micro-gedrag: glimlachen, fronsen, stem verheffen
 Moment-to-moment: je kijkt een aantal keren per minuut. Je kijkt bijvoorbeeld 25 keer
in een minuut
 Komt het voor: ja of nee?

Observatietraining
Voordat je kan gaan coderen moet je eerst getraind worden. Allereerst krijg je een
gestandaardiseerd codeerprotocol. Hierin staat concreet wat onder verschillende schaalpunten
verstaan wordt en daarnaast wordt precies uitgelegd wat we willen zien. daarnaast krijg je een
intensieve training met een trainer. Na de training moet je een betrouwbaarheidset maken. Dit zijn
een aantal films waarop de intercodeursbetrouwbaarheid getest wordt. Er wordt dan gekeken in
hoeverre jouw scores overeen komen met de scores van de andere codeurs. Tot slot moet je
voorkomen dat er een coder drift ontstaat. Dit houdt in dat je niet wilt dat de scores teveel van
elkaar gaan afwijken na een bepaalde tijd.

Inferentieniveau
Het inferentieniveau is de mate waarin het instrument gevoelig is voor subjectiviteit/interpretatie
en daarmee hoeveel training nodig is om het instrument onder de knie te krijgen. Je hebt
verschillende niveaus:




Gedragsfrequenties houdt in dat er puur gekeken wordt hoe vaak een bepaald gedrag voorkomt, je
kunt hier dus geen interpretatie aan koppelen. Macro level schalen zijn schalen waarin je een lange
periode kijkt, je kijkt dus niet naar een moment opname maar naar een lange periode waarin je dus

,allemaal verschillende gedragingen ziet. Micro level schalen vergt veel training, je moet precies
weten wanneer de camera stil gezet wordt en je spreekt af welk gedrag je precies gaat coderen.
Event-based zit eigenlijk in het midden. Je hebt ingewikkelde maar ook simpele event-based
codeermethodes. Bijvoorbeeld: als een kind ongehoorzaam is, hoe sensitief is een ouder dan? Dat is
een hele specifieke situatie, maar het is event-based omdat je alleen naar die bepaalde situatie kijkt.

Grootschalige (longitudinale) onderzoeksprojecten
Hierin worden vaak meerdere gedragingen meerdere keren gecodeerd. De kans op je subjectiviteit is
groter als: je het gezin hebt bezocht (als je het gezin gezien hebt kan het zijn dat je positieve of
negatieve ervaringen met dit gezin hebt, wat invloed kan hebben op je objectiviteit), je dezelfde
persoon al eerder hebt gecodeerd (de 1e keer coderen kan invloed hebben op de 2 de keer coderen).
Het is belangrijk dat er codeer restricties afgesproken worden. Bijvoorbeeld je mag een gezin niet
coderen als je op huisbezoek bent geweest bij het gezin.

Codeer bias
Onder codeer bias wordt het volgende verstaan: systematische variaties in scores die samenhangen
met kenmerken van de codeur in plaats van relevante gedragingen van de persoon die wordt
geobserveerd. Een voorbeeld hiervan is etniciteit. De intercodeurbetrouwbaarheid is namelijk groter
als codeurs dezelfde achtergrond hebben. Daarnaast zijn codeurs positiever over participanten met
dezelfde achtergrond. Training beperkt dit type bias, maar neemt het niet weg.

Intercodeurbetrouwbaarheid
Belangrijk is dat alle neuzen dezelfde kant op moeten wijzen. Je kan de overeenstemming tussen
scores van codeurs berekenen, dit noem je de consensusscore. Bij categorieën kan je de cohen’s
kappa berekenen. Dit is het % overeenstemming gecontroleerd voor kans. Dit is dus de mate waarin
beide codeurs dezelfde classificatie hebben gegeven, maar dan wordt er nog gecontroleerd op de
kans dat dit gebeurd. Tot slot kan je interval/ratio berekenen. Dit zijn intraclasse correlaties. Dit zijn
de gemiddelde correlaties tussen scores binnen elke observatie.

Intercodeurbetrouwbaarheid categorieën berekenen

, College 1 deel B – Ainsworth deel 1

Mary Ainsworth
Mary leefde tussen 1913 en 1999. Zij is een ontwikkelingspyscholoog en deed naturalistische
observaties (ouder-kind paren) in Oeganda en Baltimore. Zij heeft met Bowlby samengewerkt. Hij is
de grondleggen van de gehechtheidstheorie. Samen hebben ze de vreemde situatie procedure
ontwikkeld.

Ainsworth’s maternal care schalen
De Ainsworth’s schalen kijken naar de volgende onderdelen:
1. Sensitivity – insensitivity to infant signals: Deze wordt in de praktijk het vaakste gebruikt.
Volgens Ainsworth kan je aan de hand van deze schaal vast stellen of het kind veilig of
onveilig gehecht is. Er wordt gekeken of de ouder de signalen van het kind opmerkt,
adequaat en snel daarop reageert.
2. Cooperation – interference with infant activities: wordt het kind geizen als autonoom, past
de ouder zich aan de interesses en doelen van het kind?
3. Acceptance – rejection: laat de ouder gebalanceerde, positieve gevoelens over het kind
zien?
4. Accessibility – ignorning: is de ouder fysiek en psychisch beschikbaar voor het kind?

Ainsworth Maternal sensitivity (1974)
Onder sensitiviteit wordt het volgende verstaan: a mothers’ ability to perceive child signals, to
interpret these signals correctly, and to respond to them promptly and appropriately. Sensitiviteit
bestaat uit de volgende compomenten:
 Waarnemen dat je kind een signaal toont
 Op de goede manier interpreteren en begrijpen wat je kind bedoelt
 Reageren op het signaal: prompt (hoe snel reageer je) en adequaat (reageer je op de
juiste manier, sluit je reactie aan op je kind)


Componenten van
sensitiviteit (Lohaus
et al, 2004)
Als we het hebben
over sensitiviteit, is
het dan de moeite
waard om het per
onderdeel te
bekijken of moet je
$5.48
Accede al documento completo:
Comprado por 40 estudiantes

100% de satisfacción garantizada
Inmediatamente disponible después del pago
Tanto en línea como en PDF
No estas atado a nada

Reseñas de compradores verificados

Se muestran 7 de 12 comentarios
1 año hace

5 año hace

5 año hace

5 año hace

5 año hace

5 año hace

6 año hace

3.9

12 reseñas

5
3
4
7
3
1
2
0
1
1
Reseñas confiables sobre Stuvia

Todas las reseñas las realizan usuarios reales de Stuvia después de compras verificadas.

Conoce al vendedor

Seller avatar
Los indicadores de reputación están sujetos a la cantidad de artículos vendidos por una tarifa y las reseñas que ha recibido por esos documentos. Hay tres niveles: Bronce, Plata y Oro. Cuanto mayor reputación, más podrás confiar en la calidad del trabajo del vendedor.
charrxxxxx Universiteit Leiden
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
848
Miembro desde
11 año
Número de seguidores
395
Documentos
50
Última venta
1 semana hace

3.9

246 reseñas

5
42
4
153
3
41
2
6
1
4

Recientemente visto por ti

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes