H4: HET JEUGDDELINQUENTIERECHT
Basiswetgeving
- Jeugddelinquentiedecreet 15 februari 2019
- Jeugdwet 8 april 1965
Wet betreffende jeugdbescherming
1. INLEIDING
- 1 september 2019 start jeugddelinquentierecht
Bevoegdheid Vlaamse gemeenschap
- Herstelgericht afhandelen
- Model waarbij minderjarige delict leger verantwoordelijkheid moet dragen
2. INLEIDENDE BEGRIPPEN UIT HET JEUGDDELINQUENTIERECHT
Jeugddelict = feit dat als misdrijf omschreven is en door minderjarige wordt gepleegd
Minderjarige = persoon van minstens 12 jaar en maximaal 18 jaar
Minderjarige verdachte = minderjarige verdacht van jeugddelict (staat nog niet vast)
Minderjarige delictpleger = minderjarige waarbij vaststaat dat hij jeugddelict heeft gepleegd
Betrokken personen = jongere met zijn betrokken derden
Afhandeling = reactie op jeugddelict (geen herstelrechtelijk aanbod)
Maatregel = maatschappelijk antwoord op jeugddelict in voorbereidende fase
Sanctie = maatschappelijk antwoord op jeugddelict in definitief proces
Reactie = overkoepelende term voor maatregel of sanctie
3. BASISPRINCIPES
- Snel vaststellen en snel verantwoordelijke bepalen
- Op elk moment van de procedure uitleg krijgen
- Herstellen van schade en contexten
- Bescherming van de maatschappij
- Vermijden van recidivist
Onderliggende oorzaak aanpassen
Procedure moet voldoen aan volgende kenmerken
- Betrokken personen moeten vorming of opleiding jeugdrecht gedaan hebben
- Reactie moet zinvol, humaan en zingevend zijn
- Proportionaliteit
- Rekening houden met specifieke situatie
- Rekening houden met kennis en in zichten uit wetenschappelijk onderzoek
1
, 4. HET TOEPASSINGSGEBIED VAN HET JEUGDDELINQUENTIERECHT
4.1. JEUGDDELICTEN
- Gepleegd tussen 12 en 18 jaar
4.2. UITZONDERINGEN
- Alle overtredingen betreffende verkeerswetten gepleegd door minderjarige tussen 16 en 18
- Regels betreffende aansprakelijkheidsverzekeringen
- Uithandengeving
- Administratieve sancties
(vb. GAS, voetbalwet)
4.3. MAXIMUMLEEFTIJD
- Alle reacties eindigen ten laatste op 23 jaar
- Uitzondering is terbeschikkingstelling
Kunnen lopen tot 10 jaar na afloop van sanctie
5. DE ACTOREN IN HET JEUGDDELINQUENTIERECHT
5.1. DE POLITIE
- Gespecialiseerde jeugdbrigades
Niet verplicht
- OM beslist op basis van proces verbaal dat politie opstelt
- Preventieve rol
- Informeert en verwijst jongere door naar jeugdhulp indien nodig
- Onderzoekt verwaarlozing en mishandeling
5.2. HET OPENBAAR MINISTERIE
- Een of meer parket magistraten die opleiding tot parketmagistraat bezit
Procureur des Konings aan het hoofd
- Hulp in de praktijk door parketcriminologen jeugd en gezin
- Vorderingsrecht
- Vervolgingsbeleid
Welke problematieken voorrang krijgen en welke aanpak wordt gehanteerd
5.3. DE ONDERZOEKSRECHTER
- Komt alleen tussen op vraag van parket
- Gerechtelijk onderzoek bij zeer ernstige feiten
- Omstandigheden onderzoeken via onderzoeksdaden indien nodig
Onderzoeksrechter moet toelating geven
2
Basiswetgeving
- Jeugddelinquentiedecreet 15 februari 2019
- Jeugdwet 8 april 1965
Wet betreffende jeugdbescherming
1. INLEIDING
- 1 september 2019 start jeugddelinquentierecht
Bevoegdheid Vlaamse gemeenschap
- Herstelgericht afhandelen
- Model waarbij minderjarige delict leger verantwoordelijkheid moet dragen
2. INLEIDENDE BEGRIPPEN UIT HET JEUGDDELINQUENTIERECHT
Jeugddelict = feit dat als misdrijf omschreven is en door minderjarige wordt gepleegd
Minderjarige = persoon van minstens 12 jaar en maximaal 18 jaar
Minderjarige verdachte = minderjarige verdacht van jeugddelict (staat nog niet vast)
Minderjarige delictpleger = minderjarige waarbij vaststaat dat hij jeugddelict heeft gepleegd
Betrokken personen = jongere met zijn betrokken derden
Afhandeling = reactie op jeugddelict (geen herstelrechtelijk aanbod)
Maatregel = maatschappelijk antwoord op jeugddelict in voorbereidende fase
Sanctie = maatschappelijk antwoord op jeugddelict in definitief proces
Reactie = overkoepelende term voor maatregel of sanctie
3. BASISPRINCIPES
- Snel vaststellen en snel verantwoordelijke bepalen
- Op elk moment van de procedure uitleg krijgen
- Herstellen van schade en contexten
- Bescherming van de maatschappij
- Vermijden van recidivist
Onderliggende oorzaak aanpassen
Procedure moet voldoen aan volgende kenmerken
- Betrokken personen moeten vorming of opleiding jeugdrecht gedaan hebben
- Reactie moet zinvol, humaan en zingevend zijn
- Proportionaliteit
- Rekening houden met specifieke situatie
- Rekening houden met kennis en in zichten uit wetenschappelijk onderzoek
1
, 4. HET TOEPASSINGSGEBIED VAN HET JEUGDDELINQUENTIERECHT
4.1. JEUGDDELICTEN
- Gepleegd tussen 12 en 18 jaar
4.2. UITZONDERINGEN
- Alle overtredingen betreffende verkeerswetten gepleegd door minderjarige tussen 16 en 18
- Regels betreffende aansprakelijkheidsverzekeringen
- Uithandengeving
- Administratieve sancties
(vb. GAS, voetbalwet)
4.3. MAXIMUMLEEFTIJD
- Alle reacties eindigen ten laatste op 23 jaar
- Uitzondering is terbeschikkingstelling
Kunnen lopen tot 10 jaar na afloop van sanctie
5. DE ACTOREN IN HET JEUGDDELINQUENTIERECHT
5.1. DE POLITIE
- Gespecialiseerde jeugdbrigades
Niet verplicht
- OM beslist op basis van proces verbaal dat politie opstelt
- Preventieve rol
- Informeert en verwijst jongere door naar jeugdhulp indien nodig
- Onderzoekt verwaarlozing en mishandeling
5.2. HET OPENBAAR MINISTERIE
- Een of meer parket magistraten die opleiding tot parketmagistraat bezit
Procureur des Konings aan het hoofd
- Hulp in de praktijk door parketcriminologen jeugd en gezin
- Vorderingsrecht
- Vervolgingsbeleid
Welke problematieken voorrang krijgen en welke aanpak wordt gehanteerd
5.3. DE ONDERZOEKSRECHTER
- Komt alleen tussen op vraag van parket
- Gerechtelijk onderzoek bij zeer ernstige feiten
- Omstandigheden onderzoeken via onderzoeksdaden indien nodig
Onderzoeksrechter moet toelating geven
2