HANZEHOGESCHOOL
M E D I SC H
BI O L O G I SC H
SAMENVAT TING MEDISCH
BIOLOGISCH BLOK 2.1
,week 1
PATIËNT EDUCATIE EN KINESTHETIC AWARENESS
A N AT O M IE VA N D E W E RV E L KO L O M
80-90% van alle volwassenen heeft last van rugklachten met een
gemiddelde periode van 3 weken. Hiervan is 90% binnen 6 weken geheel
genezen van de klachten. Deze rugklachten hebben verschillende
oorzaken:
- Veel voorkomende oorzaken; - Minder veel voorkomende
oorzaken:
- Spieren - Botten
- Ligamenten - Discus
- Pezen - Zenuwen
- Facet gewrichten - Dura (hersenvlies), dit is zeer
sensorisch en
veroorzaakt van pijn
doordat deze
geprikkeld wordt door
bijvoorbeeld een
hernia.
Er zijn 3 soorten wervels binnen de wervelkolom; cervicale, thoracale
en lumbale wervels. De lumbale wervels heeft het grootste corpus
vertebrae van de drie, maar daarnaast het kleinste spinale kanaal. De
positie van de gewrichtsvlakken van de wervels geven de mogelijke
bewegingsrichtingen
aan:
B O U W / F U N C T I E / N O C I S E N S O R I E K VA N E E N F U N C T I O N A L U N I T
De functionele eenheid van Junghans
bestaat uit verschillende onderdelen:
- 2 corpus vertebrae
- 1 discus intervertebrales
- Foramen intervertebrale
- 2 facet gewrichten
2
, ..
..
..
..
- .
Verbindende ligamenten
Het bewegingssegment bestaat uit twee aangrenzende
wervellichamen en de ingesloten discus, zenuwen en aderen. Volgens
Junghans bestaat het uit twee halve wervellichamen + twee
facetgewrichten + intra articulaire gewrichten, discus, banden, spieren,
zenuwen en vaten. Je ziet dat op het niveau van C6/C7 en L4/L5 het
vaakste klachten zijn. Denk hierbij aan een HNP of een DDD.
De bewegingsmogelijkheden van de wervelkolom zijn:
- Flexie: 40-60 graden (vooral lumbaal)
- Extensie: 20-35 graden (vooral lumbaal)
- Lateroflexie: 20 graden (vooral lumbaal)
- Rotatie: 180 graden (vooral thoracaal)
Door de vorm van de wervels en omdat ze boven elkaar zijn
gepositioneerd, ontstaat er een hol kanaal dat door de wervelkolom loopt.
Dit kanaal noemt men het wervelkanaal of canalis
vertebralis. [2] Hierbinnen bevindt zich het ruggenmerg. Vernauwing van
het wervelkanaal heet wervelkanaalstenose. De wervels beschermen het
ruggenmerg en dragen het gewicht. Omdat lagergelegen wervels meer
gewicht te dragen hebben dan die in de nek, zijn ze ook groter en anders
van vorm. De wervelkolom steunt op het bekken. De wervelkolom van de
mens heeft een dubbele s-vorm. Door deze vorm worden schokken die
ontstaan bij lopen of rennen geïsoleerd van de gevoelige hersenen. De
krommingen in deze s-vorm worden aangeduid met de
termen kyfose en lordose. Een kyfose is een kromming met de bolle kant
richting de dorsaalzijde, zoals in de thoracale, de sacrale en de
coccygeale wervelkolom. Een lordose is een kromming met de bolle kant
richting de voorzijde, zoals in de cervicale en de lumbale wervelkolom. Is
er sprake van een onnatuurlijke kromming, dan wordt gesproken van een
hyperlordose (te holle rug) of een hyperkyfose (bochel). Een scoliose is
een onnatuurlijke draaiing in de wervelkolom, waarbij wervels een
zijdelingse kromming hebben en/of verdraaid zijn in de lengte-as.
S TA B I L I S E R E N D E FA C T O R E N VA N DE WE RV E L KO L O M
Flexie binnen lumbale wervelkolom wordt tegengehouden door
verschillende structuren:
- Gewrichten (40%)
- Discus intervertebrales (30%)
- Ligamentum supraspinosus en interspinosus (20%)
- Ligamentum flavum (10%)
- Compressie van de anterior liggende structuren
Extensie binnen de lumbale wervelkolom wordt tegengehouden door:
- Gelimiteerde compressie van de discus intervertebrales
- Gelimiteerde rek van de anterior liggende structuren
- Passief door de M. Psoas major
21
, - Spanning in de gewrichten
Vanwege de oriëntatie en vorm van facetgewrichten is er weinig torsie
en lateraal flexie mogelijk. De oriëntatie is saggitaal, dat maakt de
draaibeweging vrijwel onmogelijk. Verder zijn de gewrichtsoppervlakken
van de facetgewrichten gekromd, wat verschuivingen moeilijker maakt.
De facet gewrichten kunnen eigenlijk maar twee dingen: gliding upward
and gliding downward. Ook de kapsels van de facetgewrichten beperken
de bewegingen. De draaiing is eigenlijk een torsie in de opeenvolgende
intervertebrale gewrichten. Zijwaarts buigen gaat gepaard met torsie,
omdat de wervels niet zuiver in het transversale vlak liggen. Bij zijwaarts
buigen treedt een ipsilaterale rotatie van de wervels op; de voorkant van
de wervel draait naar de buigkant, processus spinsosus draait van de
buigkant af.
De wervelkolom heeft drie hoofdfuncties. Het geven van stabiliteit, het
zorgen voor beweging en het beschermen van het ruggenmerg. Er zijn
drie meninges (herzenvliesen) binnen de wervelkolom:
- Dura mater
- Pia mater
- Archnoides
De Dura mater is een soort beschermlaag die ook om het ruggenmerg en
de spinale zenuw zit. Wanneer hier druk op komt kan dit uitstralende pijn
geven.
Om de wervelkolom zitten een aantal grote ligamenten:
- Anterior + posterior longitudinale ligament
o Lopen van de nek naar het sacrum
o Ze voorkomen hyperextensie en hyperflexie
- Ligamentum flavum
o Verbind de vertebrae met elkaar
- Ligamentum nuchea
o Loopt van het occiput naar C7
- Ligamentum interspinalis
o Deze liggen tussen de processus spinosus en zijn aan de
mediale zijde verbonden met de lgamentum flavum en aan
de laterale zijde aan de ligamentum supraspinalis.
- Ligamentum supraspinalis
o Deze verbind de topjes van de processus spinosus aan elkaar
2
M E D I SC H
BI O L O G I SC H
SAMENVAT TING MEDISCH
BIOLOGISCH BLOK 2.1
,week 1
PATIËNT EDUCATIE EN KINESTHETIC AWARENESS
A N AT O M IE VA N D E W E RV E L KO L O M
80-90% van alle volwassenen heeft last van rugklachten met een
gemiddelde periode van 3 weken. Hiervan is 90% binnen 6 weken geheel
genezen van de klachten. Deze rugklachten hebben verschillende
oorzaken:
- Veel voorkomende oorzaken; - Minder veel voorkomende
oorzaken:
- Spieren - Botten
- Ligamenten - Discus
- Pezen - Zenuwen
- Facet gewrichten - Dura (hersenvlies), dit is zeer
sensorisch en
veroorzaakt van pijn
doordat deze
geprikkeld wordt door
bijvoorbeeld een
hernia.
Er zijn 3 soorten wervels binnen de wervelkolom; cervicale, thoracale
en lumbale wervels. De lumbale wervels heeft het grootste corpus
vertebrae van de drie, maar daarnaast het kleinste spinale kanaal. De
positie van de gewrichtsvlakken van de wervels geven de mogelijke
bewegingsrichtingen
aan:
B O U W / F U N C T I E / N O C I S E N S O R I E K VA N E E N F U N C T I O N A L U N I T
De functionele eenheid van Junghans
bestaat uit verschillende onderdelen:
- 2 corpus vertebrae
- 1 discus intervertebrales
- Foramen intervertebrale
- 2 facet gewrichten
2
, ..
..
..
..
- .
Verbindende ligamenten
Het bewegingssegment bestaat uit twee aangrenzende
wervellichamen en de ingesloten discus, zenuwen en aderen. Volgens
Junghans bestaat het uit twee halve wervellichamen + twee
facetgewrichten + intra articulaire gewrichten, discus, banden, spieren,
zenuwen en vaten. Je ziet dat op het niveau van C6/C7 en L4/L5 het
vaakste klachten zijn. Denk hierbij aan een HNP of een DDD.
De bewegingsmogelijkheden van de wervelkolom zijn:
- Flexie: 40-60 graden (vooral lumbaal)
- Extensie: 20-35 graden (vooral lumbaal)
- Lateroflexie: 20 graden (vooral lumbaal)
- Rotatie: 180 graden (vooral thoracaal)
Door de vorm van de wervels en omdat ze boven elkaar zijn
gepositioneerd, ontstaat er een hol kanaal dat door de wervelkolom loopt.
Dit kanaal noemt men het wervelkanaal of canalis
vertebralis. [2] Hierbinnen bevindt zich het ruggenmerg. Vernauwing van
het wervelkanaal heet wervelkanaalstenose. De wervels beschermen het
ruggenmerg en dragen het gewicht. Omdat lagergelegen wervels meer
gewicht te dragen hebben dan die in de nek, zijn ze ook groter en anders
van vorm. De wervelkolom steunt op het bekken. De wervelkolom van de
mens heeft een dubbele s-vorm. Door deze vorm worden schokken die
ontstaan bij lopen of rennen geïsoleerd van de gevoelige hersenen. De
krommingen in deze s-vorm worden aangeduid met de
termen kyfose en lordose. Een kyfose is een kromming met de bolle kant
richting de dorsaalzijde, zoals in de thoracale, de sacrale en de
coccygeale wervelkolom. Een lordose is een kromming met de bolle kant
richting de voorzijde, zoals in de cervicale en de lumbale wervelkolom. Is
er sprake van een onnatuurlijke kromming, dan wordt gesproken van een
hyperlordose (te holle rug) of een hyperkyfose (bochel). Een scoliose is
een onnatuurlijke draaiing in de wervelkolom, waarbij wervels een
zijdelingse kromming hebben en/of verdraaid zijn in de lengte-as.
S TA B I L I S E R E N D E FA C T O R E N VA N DE WE RV E L KO L O M
Flexie binnen lumbale wervelkolom wordt tegengehouden door
verschillende structuren:
- Gewrichten (40%)
- Discus intervertebrales (30%)
- Ligamentum supraspinosus en interspinosus (20%)
- Ligamentum flavum (10%)
- Compressie van de anterior liggende structuren
Extensie binnen de lumbale wervelkolom wordt tegengehouden door:
- Gelimiteerde compressie van de discus intervertebrales
- Gelimiteerde rek van de anterior liggende structuren
- Passief door de M. Psoas major
21
, - Spanning in de gewrichten
Vanwege de oriëntatie en vorm van facetgewrichten is er weinig torsie
en lateraal flexie mogelijk. De oriëntatie is saggitaal, dat maakt de
draaibeweging vrijwel onmogelijk. Verder zijn de gewrichtsoppervlakken
van de facetgewrichten gekromd, wat verschuivingen moeilijker maakt.
De facet gewrichten kunnen eigenlijk maar twee dingen: gliding upward
and gliding downward. Ook de kapsels van de facetgewrichten beperken
de bewegingen. De draaiing is eigenlijk een torsie in de opeenvolgende
intervertebrale gewrichten. Zijwaarts buigen gaat gepaard met torsie,
omdat de wervels niet zuiver in het transversale vlak liggen. Bij zijwaarts
buigen treedt een ipsilaterale rotatie van de wervels op; de voorkant van
de wervel draait naar de buigkant, processus spinsosus draait van de
buigkant af.
De wervelkolom heeft drie hoofdfuncties. Het geven van stabiliteit, het
zorgen voor beweging en het beschermen van het ruggenmerg. Er zijn
drie meninges (herzenvliesen) binnen de wervelkolom:
- Dura mater
- Pia mater
- Archnoides
De Dura mater is een soort beschermlaag die ook om het ruggenmerg en
de spinale zenuw zit. Wanneer hier druk op komt kan dit uitstralende pijn
geven.
Om de wervelkolom zitten een aantal grote ligamenten:
- Anterior + posterior longitudinale ligament
o Lopen van de nek naar het sacrum
o Ze voorkomen hyperextensie en hyperflexie
- Ligamentum flavum
o Verbind de vertebrae met elkaar
- Ligamentum nuchea
o Loopt van het occiput naar C7
- Ligamentum interspinalis
o Deze liggen tussen de processus spinosus en zijn aan de
mediale zijde verbonden met de lgamentum flavum en aan
de laterale zijde aan de ligamentum supraspinalis.
- Ligamentum supraspinalis
o Deze verbind de topjes van de processus spinosus aan elkaar
2