- Verschillende vormen parodontts
H4 t/m H11 uit ‘parodontumm worden gebruikt bij parodontologie 2
Ken de karakteristekenn prevalente en etologie van:
- vormen van leefijdsgebonden parodontts (prepuberalen juvenielen post adolescente en adulte
parodontts)
- refractaire parodontts (=ontstaat als je ‘mnog oo je best doetmm maar niets verbetert)
- necrotserende parodontts
Gingivits vs. parodontts
Gingivits = ontstoken parodontum met pockets kleiner dan 3 mm met oowel aan als afweoigheid van
aanhechtngsverlies of een pseudopocket van 4 mm.
Parodontts = ALTIJD ontsteking parodontum aanhechtngsverlies met pockets van groter dan 4
mm. Klinische kenmerken zijn identek bij de verschillende leefijdssebbnden sbbrten maar leefijd
speelt wel de belansrijkste rbl bij diferentaal diasnbse van parbdbntts (hbe ers het is).
- roodheid - verdiepte pockets
- owelling - verlies van bindweefselaanhechtng
- hoge BI - afraak alveolair bot
Doorsturen naar parodontologie praktjk (in totaal 394):
- 0% prepuberale parodontts
- 1% juveniele parodontts
- 11% post adolescente parodontts
- 82n7% adulte parodontts
- 0n3% NG/NP
Bij het kijken naar de oorzaak van paro wordt, als een systemische ziekte aanwezig is, deze als hoofd-
oorzakelijke factor toegevoegd.
Let op: bij de ‘taart van vijf’ is omgevingsfactor: bacteriële factor
Prepuberale parbdbntts
Vooral genetsche samenstelling en
mh tellen mee met de ontwikkeling
van dit soort parodontts. Dit is voor
iedereen verschillend.
Prepuberale parodontts altjd
doorsturen naar de parodontoloog
Je hebt verschillende soorten pocketdieptes tjdens de ontwikkeling van de tand (mits klinisch
geoond):
- melktanden: 1-2 mm
- wisselfase: groter dan 5 mm (= normaal)
- blijvend: 2-3 mm
, Prevalente
- weinig bekend
- lage prevalente
- vooral gevalsbeschrijvingen
Karakteristeken
- leefijd <12 jr
- in melk- en wisselgebit
- lokaal en gegeneraliseerde vorm
- oeer progressief
- als het in de melkmolaren en incisieven isn is het een voorloper van juveniele parodontts
- vaak gelokaliseerd gering
- wanneer gegeneraliseerdn vaak door systemische aandoeningen
Etologie
- immuundefecten (ooals verminderde chemotaxis van fagocyterende cellen)
- defect wortel cement
- bevat paropathogenen als p. intermedia (veel!)n p. gingivalis (minder)n c. sputgenan A.
actnomycetemcomitansn E. corrodens.
Behandeling
- prevente essenteel
- als ouders parodontts hebben moeten kinderen ook gescreend worden
- als pockets groter oijn dan 4 mm moet er gescreend worden
- ouders informeren over de aandoening (met etologien prevente en behandeling) en mh instructe
geven aan ouders bij kinderen onder de 10 jaar
- etb en interdentale instructe (eerst alleen fossn dan met stokers)
- non-chirurgische parodontale behandeling met antbiotca als gevolg (alleen als mh op goed niveau
is): metrodinaool amoxicilline bij A.a
- extracte elementen bij ernstg bot afraak
Juveniele parbdbntts
Groot deel wordt verooroaakt door
genetsche ooroaak maar ook een groot deel
door lifestyle (mh) en environment
Prevalente
- geen duidelijke criteria voor aanhechtngsverlies en botafraak
- gedetailleerde informate ontbreekt
- 1% heef lokaal ernstgn gering of matg komt vaker voor
- familiair