HOOFDSTUK 1 : INLEIDING 2
1. Wat is onderzoek ? 2
1 DEFINITIE 2
2 TWEE TYPEN ONDERZOEK BIJ ONDERZOEKSPROJECTEN AFHANKELIJK VAN DE CONTEXT 3
3 SOORTEN ONDERZOEKEN (DOEL) 3
2. Wat onderzoeken we ? ( 1 -‐ PROBLEEMANALYSE) 4
1 FASEN IN EEN ONDERZOEK (niet echt behandeld in de les) 4
2 CAUSALITEIT ≠ CORRELATIE 6
3. Hoe onderzoeken we? (2 -‐ ONDERZOEKSONTWERP) 6
1 TWEE ONDERZOEKSBENADERINGEN : 6
2 KWALITATIEF ONDERZOEK VS. KWANTITATIEF ONDERZOEK 7
3 HET ONDERZOEKSONTWERP 11
4. Hoe onderzoeken we kwaliteitsvol? 14
1 RICHTLIJNEN 14
2 BETROUWBAARHEID 15
3 VALIDITEIT 16
4 ONDERZOEKSETHIEK 18
5. QUIZ HS 1 19
HOOFDSTUK 2 : STEEKPROEFTREKKING à ZELFSTUDIE (3 – DATAVERZAMELING) 24
1. Inleiding 24
1 BERGIPPEN 24
2. Steekproefprocedure 25
1 VERSCHILLENDE STAPPEN 25
2 FOUTEN 26
3 PROBALISTISCH & NIET-‐PROBALISTISCH 27
3. QUIZ HS 2 41
HOOFDSTUK 3 : DIEPTE-‐INTERVIEWS & FOCUSGROEPEN 45
1. Wat is kwalitatief onderzoek? (herhaling) 45
1 VERSCHILLENDE KENMERKEN 45
2 KWALITATIEVE BEVRAGING 46
2. De volgorde van vragen (interviews) 47
3. Soorten vragen (interviews) 48
1 INTRODUCTIE VAN HET GESPREK 49
2 KERN VAN HET GESPREK 50
3 DE AFRONDING VAN HET GESPREK 52
4 NA HET INTERVIEW 52
3. Focusgroepen 53
, 1 KENMERKEN 53
2 DE MODERATOR 53
3 VERSCHILLENDE TECHNIEKEN VOOR FOCUSGESPREKKEN 53
4 TYPES VAN DEELNEMERS (FOCUSGROEPEN) 55
5 FOCUSGROEPEN SAMENSTELLEN 55
6 DE FASEN VAN HET GESPREK 55
7 MOGELIJKE VALSTRIKKEN TIJDENS EEN FOCUSGROEP 56
8 FOCUSGROEP VS. INDIVIDUEEL INTERVIEW 56
HOOFDSTUK 4 : KWALITATIEVE ANALYSE à (4 -‐ DATA-‐ANAYLSE) 56
1. Na het interview: 56
1 HET SAMENVATTENDE FORMULIER / METHODISCH VERSLAG 56
2 INTERVIEWTRANSCRIPTS 57
3 HET ANALYSEPROCES 57
HOOFDSTUK 5 : VRAGENLIJSTONTWIKKELING 61
1. Vragenlijst 61
1 SOORTEN VRAGENLIJSTEN 61
2 SOORTEN GEGEVENS DIE WE KUNNEN VERZAMELEN 61
2. Gegevensvoorwaardetabel 62
1 STAPPEN GEGVENSWAARDETABEL (6) 63
3. Opstellen van individuele meetvragen 64
1 METEN EN SCHAALMETING 64
2 OPSTELLEN VAN INDIVIDUELE VRAGEN 65
4. Volgorde vragenlijst 72
1 OPSTELLEN VAN DE VOLLEDIGE VRAGENLIJST 73
5. Na het afnemen van de vragenlijst 73
1
,Hoofdstuk 1 : Inleiding
1. Wat is onderzoek ?
1 DEFINITIE
= Doelbewust en methodisch zoeken naar nieuwe kennis in de vorm van antwoorden op
vooraf gestelde vragen volgens een vooraf opgesteld plan.
à Het systematisch verzamelen en interpreteren van gegevens = als je het onderzoek
opnieuw uitvoert zou je dezelfde resultaten moeten bekomen
à Het hebben van een duidelijk doel (er moet iets worden uitgezocht)
Kijk wat er al geschreven werd, wat er al bestaat in de literatuur (Peer-‐reviewed)
Bv. De vergelijking tussen voetbal op kunstgras of gewoon gras een invloed heeft op het
aantal doelen.
à Wat is een onderzoek NIET : informatie en feiten verzamelen/opnieuw ordenen, zonder
doel of interpretatie; De term gebruiken om je product of idee te laten opvallen en
respectabel te maken.
Bv. Bijhouden hoeveel doelpunten er gescoord werden in het jaar door alle ploegen
Voorbeeld Anna (samengevat) :
Anna moet voor een grote accountant personeelsverloop vanuit de organisatie aanpakken.
Ze vroeg aan één persoon in de organisatie wat er mis ging. Het grote personeelsverloop
bleek door een tekort te zijn aan financiële prikkels. Het bedrijf besloot om een hoger loon te
geven. à NIET gewerkt, de personeelsverloop is nog altijd even groot!
Anna had een gedegen onderzoek moeten uitvoeren, de onderzoeksvraag beter moeten
indelen in deelvragen, meerdere mensen aanspreken,… WANT naast het financieel aspect
kan er ook een slechte werksfeer zijn, machtsstrijd (relationele sfeer),…
FASEN IN EEN ONDERZOEK (zie later)
= aanleiding v/h
onderzoek
formuleren
Verslag schrijven
interpreteren
2
, 2 TWEE TYPEN ONDERZOEK BIJ ONDERZOEKSPROJECTEN AFHANKELIJK VAN DE CONTEXT
à Hebben dezelfde kwaliteitseisen
Fundamenteel Toegepast
à Kennisvragen à Praktijkvragen
à Theoretisch kader àKennis om een praktisch probleem op te lossen
Bv. Het ontwikkelen van een Bv. Op welke wijze kan agressie van klanten naar de
model om inplantingen van arbeider van openbaar vervoer teruggedrongen worden
supermarkten in het algemeen Bv. Het bepalen van de beste locatie voor de inplanting van
te plannen een nieuwe supermarkt
Fear appeals = communicatiestrategie om angst op te roepen bij de lezer
3 SOORTEN ONDERZOEKEN (DOEL)
1. Verklarend / Causaal onderzoek à Verband tussen verschillende variabelen verklaren
Bv. Hoeveel koopt u in de lunchpause? (veel fundamentele onderzoeken)
onafhankelijke variabele = Wat je koopt
afhankelijke variabele = BMI, geld, hoeveel tijd heb je?
à gaan invloed hebben op u koopgedrag
Regressievergelijking = hoe groot de invloed is van één (of meer) variabele(n)
2. Verkennend / exploratief à nieuwe inzichten in verschijnselen krijgen via
interviews/vragenlijsten en die in een nieuw licht beoordelen
Je onderzoek is flexibel, heel open = je moet bereid zijn om van richting te veranderen
à vaak kwalitatief = ongestructureerde informatie
Bv. Literatuuronderzoek = het onderwerp verkennen,…
3