,A. (4x 0,25 punt)
Gegeven zijn de volgende beweringen omtrent de balans en resultatenrekening:
Op de resultatenrekening staan voorraden en omzet bestaat uit volume X verkoopprijs
Een aflossing komt op de resultatenrekening en afschrijvingen vormen uitgaven
Afschrijvingen zijn de kosten die op de resultatenrekening komen. J
De post debiteuren op de balans vormt een bezit en zijn gekoppeld aan verkoopfacturen J
Geef aan of de beweringen juist of onjuist zijn.
Geef het antwoord door J bij juist en O bij onjuist achter elkaar te zetten. Bijvoorbeeld OJOJ
OOJJ
Opgave 1 (2 punten = 2 x 1)
Geef aan of de volgende beweringen goed of fout zijn en motiveer je antwoord.
1. Op de liquiditeitsbegroting staan voorraden.
2. Bij de interne rentabiliteit is de netto contante waarde nul.
Vraag
G F Motivatie
1 x Stromen ontvangsten en uitgaven
2 x Je bepaalt het percentage bij de interne rentabiliteit waarbij de ncw nihil is
1. De afschrijvingskosten staan op de balans.
a. Goed
b. Fout
2. Een privé opname van goederen komt op de liquiditeitsbegroting
a. Goed
b. Fout
3. Het eigen vermogen staat debet op de balans.
a. Goed
b. Fout
8.
Uitgaven zijn altijd verspillingen.
a. Goed
b. Fout
9.
Bij de opslagmethode gaat het om de verbijzondering van de operationele kosten.
a. Goed
b. Fout
10.
Differentiële kosten veranderen altijd proportioneel.
a. Goed
b. Fout
11.
De contributiemarge is beschikbaar voor de dekking van de integrale kosten.
a. Goed
b. Fout
Business case en beheercalculaties BK-HVTBCB-20
Correctiemodel - Pagina 2 van 7
5735-3680 3-12-2020ht
, 16.
Bij direct costingmethode worden de variabele kosten als period cost beschouwd
a. Goed
b. Fout
17.
Taakstelling is een functie van het opstellen van een budget
a. Goed
b. Fout
18.
In een jaar zijn de totale kosten altijd gelijk aan de totale uitgaven in dat jaar.
a. Goed
b. Fout
23.
Bij de terug verdienperiode wordt gebruik gemaakt van een intrestpercentage
a. Goed
b. Fout
24.
Bij contant maken van investeringen wordt geen rekening gehouden met een intrestpercentage.
a. Goed
b. Fout
25.
Bij financiële rekenkunde wordt met intrest en rente hetzelfde bedoeld.
a. Goed
b. Fout
31.
Operational leasing is hetzelfde als financieren met een lening
a. Goed
b. Fout
32.
Investeren is het vastleggen van vermogen in activa
a. Goed
b. Fout
33.
De post “Te betalen omzetbelasting” op de balans is een financiering
a. Goed
b. Fout
Business case en beheercalculaties BK-HVTBCB-20
Correctiemodel - Pagina 3 van 7
5735-3680 3-12-2020ht
Gegeven zijn de volgende beweringen omtrent de balans en resultatenrekening:
Op de resultatenrekening staan voorraden en omzet bestaat uit volume X verkoopprijs
Een aflossing komt op de resultatenrekening en afschrijvingen vormen uitgaven
Afschrijvingen zijn de kosten die op de resultatenrekening komen. J
De post debiteuren op de balans vormt een bezit en zijn gekoppeld aan verkoopfacturen J
Geef aan of de beweringen juist of onjuist zijn.
Geef het antwoord door J bij juist en O bij onjuist achter elkaar te zetten. Bijvoorbeeld OJOJ
OOJJ
Opgave 1 (2 punten = 2 x 1)
Geef aan of de volgende beweringen goed of fout zijn en motiveer je antwoord.
1. Op de liquiditeitsbegroting staan voorraden.
2. Bij de interne rentabiliteit is de netto contante waarde nul.
Vraag
G F Motivatie
1 x Stromen ontvangsten en uitgaven
2 x Je bepaalt het percentage bij de interne rentabiliteit waarbij de ncw nihil is
1. De afschrijvingskosten staan op de balans.
a. Goed
b. Fout
2. Een privé opname van goederen komt op de liquiditeitsbegroting
a. Goed
b. Fout
3. Het eigen vermogen staat debet op de balans.
a. Goed
b. Fout
8.
Uitgaven zijn altijd verspillingen.
a. Goed
b. Fout
9.
Bij de opslagmethode gaat het om de verbijzondering van de operationele kosten.
a. Goed
b. Fout
10.
Differentiële kosten veranderen altijd proportioneel.
a. Goed
b. Fout
11.
De contributiemarge is beschikbaar voor de dekking van de integrale kosten.
a. Goed
b. Fout
Business case en beheercalculaties BK-HVTBCB-20
Correctiemodel - Pagina 2 van 7
5735-3680 3-12-2020ht
, 16.
Bij direct costingmethode worden de variabele kosten als period cost beschouwd
a. Goed
b. Fout
17.
Taakstelling is een functie van het opstellen van een budget
a. Goed
b. Fout
18.
In een jaar zijn de totale kosten altijd gelijk aan de totale uitgaven in dat jaar.
a. Goed
b. Fout
23.
Bij de terug verdienperiode wordt gebruik gemaakt van een intrestpercentage
a. Goed
b. Fout
24.
Bij contant maken van investeringen wordt geen rekening gehouden met een intrestpercentage.
a. Goed
b. Fout
25.
Bij financiële rekenkunde wordt met intrest en rente hetzelfde bedoeld.
a. Goed
b. Fout
31.
Operational leasing is hetzelfde als financieren met een lening
a. Goed
b. Fout
32.
Investeren is het vastleggen van vermogen in activa
a. Goed
b. Fout
33.
De post “Te betalen omzetbelasting” op de balans is een financiering
a. Goed
b. Fout
Business case en beheercalculaties BK-HVTBCB-20
Correctiemodel - Pagina 3 van 7
5735-3680 3-12-2020ht