Begrippen
Gevolg
Uitleg/oorzaak
Voorbeeld
§4.2 - De industriële samenleving
● Je kunt uitleggen hoe de werk- en leefomstandigheden van de arbeiders waren
○ Fabrieksarbeiders kregen heel weinig betaald
■ Het werk was erg makkelijk
■ Vaak werden er vrouwen en kinderen ingehuurd, zij waren nog
goedkoper
○ Arbeiders hadden hele lange werkdagen
■ Zes dagen per week en er waren geen vakanties
○ De lucht in fabriekshallen was vaak erg vies en het lawaai van de machines
was oorverdovend
○ Arbeiders moesten soms erg gevaarlijk werk doen
■ Soms kwamen mensen met hun vingers in machines
■ In mijnen waren soms ontploffingen door mijngas
■ Er waren geen veiligheidsmaatregelen, want deze kostten geld
○ Protesteren kon eigenlijk niet
■ Je werd gelijk ontslagen
○ Arbeiders woonden onder slechte omstandigheden
■ Er was geen vervoer, dus arbeiders moesten dichtbij de fabriek
wonen
■ Er ontstonden enorme fabriekssteden, deze verstedelijking heet
urbanisatie
■ De woningen waren klein, donker en dicht op elkaar
■ Er was overal vieze rook
■ Afval en uitwerpselen kwamen via de straat in rivieren en kanalen
■ Er was slechte hygiëne en geen schoon drinkwater
■ Er waren veel ziekten
○ Veel mensen werden niet ouder dan 50 jaar
■ Veel baby’s en peuters stierven
● De gemiddelde leeftijd werd nog lager
● Je kunt uitleggen wat een klassenmaatschappij is en hoe die verschilde van een
standensamenleving
○ Het kapitalisme ontstond om ondernemers te helpen zoveel mogelijk geld
te verdienen