Module 14 m&o
14.1
Omzet = afzet X verkoopprijs
Het marktaandeel van een bedrijf geeft aan hoeveel % van de totale afzet of omzet
dat bedrijf op een markt behaalt.
Marktaandeel =
Afzet bedrijf
X 100 %
Totale afzet op de markt
of
Omzet bedrijf
X 100 %
Totale omzet op de markt
Bedrijven proberen de afzet, omzet en het marktaandeel te beïnvloeden door de
veranderingen in de marketingmix (product- , prijs- , promotie- of plaatsbeleid).
14.2
Als je een product verkoopt moet je aan je klanten belasting over de toegevoegde waarde
in rekening brengen. Btw wordt ook wel omzetbelasting genoemd.
In NL zijn er 3 btw-percentages :
1. 21% alle goederen die niet onder 0% of 6% vallen, de meeste goederen
2. 6% belangrijke basisbehoeften als voedingsmiddelen (1e levensbehoeften), ook op
boeken , kranten en tijdschriften
3. 0% medische hulp en goederen die worden verkocht aan het buitenland
Andere belastingen ; accijns op benzine, rookartikelen en alcoholische dranken.
Soms kan je een prijsverlagende subsidie doorberekenen aan klanten, bijv. subsidies op
milieubesparende of energiebesparende goederen als op dubbele beglazing en
zonnecollectoren.
De consumentenprijs is de verkoopprijs inclusief btw en andere prijsverhogende
belastingen verminderd met prijsverlagende subsidies.
14.3
Btw moet afgeleverd worden aan de Belastingdienst en btw die ze aan leveranciers betalen
krijgen ze terug van de Belastingdienst bedrijven verdienen/verliezen er niks aan.
Consumenten betalen uiteindelijk alle btw, ondernemers vorderen btw terug.
14.1
Omzet = afzet X verkoopprijs
Het marktaandeel van een bedrijf geeft aan hoeveel % van de totale afzet of omzet
dat bedrijf op een markt behaalt.
Marktaandeel =
Afzet bedrijf
X 100 %
Totale afzet op de markt
of
Omzet bedrijf
X 100 %
Totale omzet op de markt
Bedrijven proberen de afzet, omzet en het marktaandeel te beïnvloeden door de
veranderingen in de marketingmix (product- , prijs- , promotie- of plaatsbeleid).
14.2
Als je een product verkoopt moet je aan je klanten belasting over de toegevoegde waarde
in rekening brengen. Btw wordt ook wel omzetbelasting genoemd.
In NL zijn er 3 btw-percentages :
1. 21% alle goederen die niet onder 0% of 6% vallen, de meeste goederen
2. 6% belangrijke basisbehoeften als voedingsmiddelen (1e levensbehoeften), ook op
boeken , kranten en tijdschriften
3. 0% medische hulp en goederen die worden verkocht aan het buitenland
Andere belastingen ; accijns op benzine, rookartikelen en alcoholische dranken.
Soms kan je een prijsverlagende subsidie doorberekenen aan klanten, bijv. subsidies op
milieubesparende of energiebesparende goederen als op dubbele beglazing en
zonnecollectoren.
De consumentenprijs is de verkoopprijs inclusief btw en andere prijsverhogende
belastingen verminderd met prijsverlagende subsidies.
14.3
Btw moet afgeleverd worden aan de Belastingdienst en btw die ze aan leveranciers betalen
krijgen ze terug van de Belastingdienst bedrijven verdienen/verliezen er niks aan.
Consumenten betalen uiteindelijk alle btw, ondernemers vorderen btw terug.