Wat? - de periode vanaf het moment dat Hitler aan de macht komt tot 1945 (einde WOII)
Wanneer en waar:
Tijd: 1933-1945
Ruimte: Europa
Domein: sociaal, politiek
Verschil Holocaust en Shoah:
Afkomst Jodenhaat:
Geen rassen gelijkheid: niet alle rassen zijn gelijk
Eisen "zwakke rassen" onderwerping
Hitler vergelijkt zichzelf met Darwin.
Survival of the fittest --- Hitler zegt dat Joden onder de rest van de bevolking staan. Hij gebruikt
hiervoor de theorie van Darwin
Rassenleer van de nazi's:
1.1 afkomst
Raszuiverheid of bloedzuiverheid:
rassen mogen niet mengen. Mensen die dat toch doen (geen bewijs voor nodig. Gerucht dat iemand
had geslapen met een jood was genoeg) , worden vervolgd. Straffen voorbeelden: geldboete, (einde
jaren dertig) publiekelijk beschaamd met borden waarop duidelijk stond dat je seks had gehad met
een jood.
Geloof in superioriteit Arische ras:
Ariers waren übermensch (nietsche: mensen die beter werden dan de rest door zichzelf te
ontwikkelen via opleiding enzovoort) De zus van Nietsche had alle rechten overgenomen van zijn
theorie. Ze was een fan van de nazi's en heeft het dan ook aan hen doorgegeven.
Ubermensch --- untermensch (ondermens): Joden (ander woord: Semieten)
Hierdoor gemakkelijker om de joden als minder te bestempelen en de Ariërs superieur te maken.