HOOFDSTUK 22: Chordata - Classis Mammalia
1. Inleiding en diagnose
- Homoioterm (constante lichaamstemperatuur)
- Endoterm
- Lichaam BEDEKT MET haren, huid met talrijke klieren
- 2 achterhoofdsknobbels
- 7 halswervels
- Tanden op boven- en onderkaak
- Onderkaak SCHARNIERT MET schedel
- 3 gehoorbeentjes
- Beweegbare oogleden
- Vlezige oorschelpen
- 2 paar poten
- 4-kamerig hart
- Ademhaling DOOR longen, luchtpijp met stemorgaan (larynx)
- Gespierd middenrif
- Nieren, ureters en urineblaas
- GOED ONTWIKKELDE hersenen
- 12 paar hersenzenuwen
- Gescheiden geslachten
- Inwendige bevruchting MET penis
- Embryonale ontwikkeling IN uterus MET placenta
- Jong GEVOED melk
2. Verschillen met Reptilia
, 3. Bouwplan en bijzondere kenmerken
3.1. Haar
- Kleur BEPAALT DOOR melanine
- Vorm BEPAALT DOOR keratine
- RECHTE GEZET WORDEN spiertjes
BESTAAT UIT:
- Haarschacht
GEVOED bindweefselpalpi
- Haarwortel
VERSCHILLENDE LAGEN:
a. Merg BESTAAT UIT keratine
b. Cortex hard keratine
c. Geschubde cuticula
3.2. Klieren
3.2.1. Talgklieren
- MONDEN UIT IN haarfollikel
- Waterafstotende talg
- KOMT OOK VOOR OP onbehaarde lichaamsdelen
3.2.2. Zweetklieren
- KOMT VOOR ganse lichaam
- FUNCTIE thermoregulatie
- LIBEREREEERT VOORAL water en NaCl
3.2.3. Apocriene klieren
- Tubulaire instulpingen
- SPECIFIEKE PLAATS bij haarfollikels
- BEVATTEN feromonen
- GEKENDE ALS stinkklieren (scheiden een reukloos sekreet af)
1. Inleiding en diagnose
- Homoioterm (constante lichaamstemperatuur)
- Endoterm
- Lichaam BEDEKT MET haren, huid met talrijke klieren
- 2 achterhoofdsknobbels
- 7 halswervels
- Tanden op boven- en onderkaak
- Onderkaak SCHARNIERT MET schedel
- 3 gehoorbeentjes
- Beweegbare oogleden
- Vlezige oorschelpen
- 2 paar poten
- 4-kamerig hart
- Ademhaling DOOR longen, luchtpijp met stemorgaan (larynx)
- Gespierd middenrif
- Nieren, ureters en urineblaas
- GOED ONTWIKKELDE hersenen
- 12 paar hersenzenuwen
- Gescheiden geslachten
- Inwendige bevruchting MET penis
- Embryonale ontwikkeling IN uterus MET placenta
- Jong GEVOED melk
2. Verschillen met Reptilia
, 3. Bouwplan en bijzondere kenmerken
3.1. Haar
- Kleur BEPAALT DOOR melanine
- Vorm BEPAALT DOOR keratine
- RECHTE GEZET WORDEN spiertjes
BESTAAT UIT:
- Haarschacht
GEVOED bindweefselpalpi
- Haarwortel
VERSCHILLENDE LAGEN:
a. Merg BESTAAT UIT keratine
b. Cortex hard keratine
c. Geschubde cuticula
3.2. Klieren
3.2.1. Talgklieren
- MONDEN UIT IN haarfollikel
- Waterafstotende talg
- KOMT OOK VOOR OP onbehaarde lichaamsdelen
3.2.2. Zweetklieren
- KOMT VOOR ganse lichaam
- FUNCTIE thermoregulatie
- LIBEREREEERT VOORAL water en NaCl
3.2.3. Apocriene klieren
- Tubulaire instulpingen
- SPECIFIEKE PLAATS bij haarfollikels
- BEVATTEN feromonen
- GEKENDE ALS stinkklieren (scheiden een reukloos sekreet af)