Psychological Science Michael S. Gazzaniga
Hoofdstuk 2. Research Methodology
Belangrijke begrippen + Samenvatting
, Hoofdstuk 2. Research Methodology
Empirisicm: psychologen verwerven nauwkeurige kennis over gedrag en mentale processen alleen
door de wereld te observeren en aspecten ervan te meten
Research: een wetenschappelijk proces waarbij gegevens zorgvuldig worden verzameld, geanalyseerd
en geïnterpreteerd
Data: een verzameling metingen verzameld tijdens het onderzoeksproces
Scientific method: een systematische en dynamische procedure voor het observeren en meten van
verschijnselen, gebruikt om de doelen van beschrijving, voorspelling, controle en verklaring te
bereiken; het gaat om een interactie tussen onderzoek, theorieën en hypothesen
Theory: een model van onderling verbonden ideeën of concepten die verklaren wat wordt
waargenomen en voorspellingen doen over toekomstige gebeurtenissen. Theorieën zijn gebaseerd op
empirisch bewijs
Hypothesis: een specifieke, toetsbare voorspelling, smaller/kleiner dan de theorie waarop deze is
gebaseerd
Replication: herhaling van een onderzoeksstudie om de resultaten te bevestigen of tegen te spreken
Descriptive Methods: observationele studies, zoals deze, met behulp van een eenrichtingsspiegel, zijn
een methode die onderzoekers gebruiken om gedrag objectief te beschrijven
Variable: iets in de wereld dat kan variëren en dat een onderzoeker kan manipuleren (veranderen),
meten (evalueren), of beide
Descriptive research: onderzoeksmethoden waarbij gedrag wordt geobserveerd om dat gedrag
objectief en systematisch te beschrijven
Case study: een beschrijvende onderzoeksmethode waarbij een ongewone persoon of organisatie
intensief wordt onderzocht
Participant observation: een type beschrijvend onderzoek waarbij de onderzoeker bij de situatie
wordt betrokken
Naturalistic observation: een type beschrijvend onderzoek waarin de onderzoeker een passieve
waarnemer is, gescheiden van de situatie en geen poging doet om het lopende gedrag te veranderen
Self-report methods: methoden voor het verzamelen van gegevens waarbij mensen wordt gevraagd
om informatie over zichzelf te verstrekken, zoals in enquêtes of vragenlijsten
Reactivity: het fenomeen dat optreedt wanneer het geobserveerde gedrag verandert wanneer
iemand merkt dat hij geobserveerd wordt
Observer bias: systematische fouten in observatie die optreden vanwege de verwachtingen van een
waarnemer
Hoofdstuk 2. Research Methodology
Belangrijke begrippen + Samenvatting
, Hoofdstuk 2. Research Methodology
Empirisicm: psychologen verwerven nauwkeurige kennis over gedrag en mentale processen alleen
door de wereld te observeren en aspecten ervan te meten
Research: een wetenschappelijk proces waarbij gegevens zorgvuldig worden verzameld, geanalyseerd
en geïnterpreteerd
Data: een verzameling metingen verzameld tijdens het onderzoeksproces
Scientific method: een systematische en dynamische procedure voor het observeren en meten van
verschijnselen, gebruikt om de doelen van beschrijving, voorspelling, controle en verklaring te
bereiken; het gaat om een interactie tussen onderzoek, theorieën en hypothesen
Theory: een model van onderling verbonden ideeën of concepten die verklaren wat wordt
waargenomen en voorspellingen doen over toekomstige gebeurtenissen. Theorieën zijn gebaseerd op
empirisch bewijs
Hypothesis: een specifieke, toetsbare voorspelling, smaller/kleiner dan de theorie waarop deze is
gebaseerd
Replication: herhaling van een onderzoeksstudie om de resultaten te bevestigen of tegen te spreken
Descriptive Methods: observationele studies, zoals deze, met behulp van een eenrichtingsspiegel, zijn
een methode die onderzoekers gebruiken om gedrag objectief te beschrijven
Variable: iets in de wereld dat kan variëren en dat een onderzoeker kan manipuleren (veranderen),
meten (evalueren), of beide
Descriptive research: onderzoeksmethoden waarbij gedrag wordt geobserveerd om dat gedrag
objectief en systematisch te beschrijven
Case study: een beschrijvende onderzoeksmethode waarbij een ongewone persoon of organisatie
intensief wordt onderzocht
Participant observation: een type beschrijvend onderzoek waarbij de onderzoeker bij de situatie
wordt betrokken
Naturalistic observation: een type beschrijvend onderzoek waarin de onderzoeker een passieve
waarnemer is, gescheiden van de situatie en geen poging doet om het lopende gedrag te veranderen
Self-report methods: methoden voor het verzamelen van gegevens waarbij mensen wordt gevraagd
om informatie over zichzelf te verstrekken, zoals in enquêtes of vragenlijsten
Reactivity: het fenomeen dat optreedt wanneer het geobserveerde gedrag verandert wanneer
iemand merkt dat hij geobserveerd wordt
Observer bias: systematische fouten in observatie die optreden vanwege de verwachtingen van een
waarnemer