Psychological Science Michael S. Gazzaniga
Hoofdstuk 1. The Science of Psychology
Belangrijke begrippen + Samenvatting
, Hoofdstuk 1. The Science of Psychology
Psychological science: studie van geest, brein en gedrag door middel van onderzoek
Mind – mental activity, perceptual experiences, memories, thoughts, feeling à mental activity results
from biological processes within the Brain
Behavior – totality of observable human actions
Critical thinking: systematisch bevragen en evalueren van informatie met behulp van goed
onderbouwd bewijs
Culture: de overtuigingen, waarden, regels en gebruiken die bestaan binnen een groep mensen die
een gemeenschappelijke taal en omgeving delen
Nature/nurture debate: argumenten over de vraag of psychologische strategieën biologisch
aangeboren zijn of verworven zijn door middel van opvoeding, ervaring en onderzoek
Mind/body problem: een fundamentele psychologische kwestie: zijn lichaam en geest parallel en
verschillend, of is de geest gewoon de subjectieve ervaring van het fysieke brein?
Introspection (Wundt): een systematisch onderzoek van subjectieve mentale ervaringen waarbij
mensen de inhoud van hun gedachten moeten inspecteren en erover rapporteren
Structuralism (Titchener): een benadering van psychologie gebaseerd op het idee dat bewuste
ervaring kan worden opgesplitst in de fundamentele onderliggende componenten
Stream of consciousness (James): een zin bedacht om de continue reeks van steeds veranderende
gedachten van elke persoon te beschrijven
Functionalism: een benadering van psychologie die zich bezighoudt met het adaptieve doel, of de
werking, van geest en gedrag
Evolutionay theory: een theorie gepresenteerd door natuuronderzoeker Charles Darwin; het bekijkt
de geschiedenis van een soort in termen van de geërfde, adaptieve waarde van fysieke kenmerken
van mentale activiteit en/of gedrag
Adaptations: in de evolutietheorie zijn dit de fysieke kenmerken, vaardigheden of vermogens die de
kansen op reproductie of overleving vergroten en daarom waarschijnlijk worden doorgegeven aan
toekomstige generaties
Natural selection: in de evolutietheorie is het idee dat degenen die kenmerken erven die hen helpen
zich aan te passen aan hun specifieke omgeving, een voordeel hebben ten opzichte van degenen die
dat niet doen
Hoofdstuk 1. The Science of Psychology
Belangrijke begrippen + Samenvatting
, Hoofdstuk 1. The Science of Psychology
Psychological science: studie van geest, brein en gedrag door middel van onderzoek
Mind – mental activity, perceptual experiences, memories, thoughts, feeling à mental activity results
from biological processes within the Brain
Behavior – totality of observable human actions
Critical thinking: systematisch bevragen en evalueren van informatie met behulp van goed
onderbouwd bewijs
Culture: de overtuigingen, waarden, regels en gebruiken die bestaan binnen een groep mensen die
een gemeenschappelijke taal en omgeving delen
Nature/nurture debate: argumenten over de vraag of psychologische strategieën biologisch
aangeboren zijn of verworven zijn door middel van opvoeding, ervaring en onderzoek
Mind/body problem: een fundamentele psychologische kwestie: zijn lichaam en geest parallel en
verschillend, of is de geest gewoon de subjectieve ervaring van het fysieke brein?
Introspection (Wundt): een systematisch onderzoek van subjectieve mentale ervaringen waarbij
mensen de inhoud van hun gedachten moeten inspecteren en erover rapporteren
Structuralism (Titchener): een benadering van psychologie gebaseerd op het idee dat bewuste
ervaring kan worden opgesplitst in de fundamentele onderliggende componenten
Stream of consciousness (James): een zin bedacht om de continue reeks van steeds veranderende
gedachten van elke persoon te beschrijven
Functionalism: een benadering van psychologie die zich bezighoudt met het adaptieve doel, of de
werking, van geest en gedrag
Evolutionay theory: een theorie gepresenteerd door natuuronderzoeker Charles Darwin; het bekijkt
de geschiedenis van een soort in termen van de geërfde, adaptieve waarde van fysieke kenmerken
van mentale activiteit en/of gedrag
Adaptations: in de evolutietheorie zijn dit de fysieke kenmerken, vaardigheden of vermogens die de
kansen op reproductie of overleving vergroten en daarom waarschijnlijk worden doorgegeven aan
toekomstige generaties
Natural selection: in de evolutietheorie is het idee dat degenen die kenmerken erven die hen helpen
zich aan te passen aan hun specifieke omgeving, een voordeel hebben ten opzichte van degenen die
dat niet doen