100% de satisfacción garantizada Inmediatamente disponible después del pago Tanto en línea como en PDF No estas atado a nada 4,6 TrustPilot
logo-home
Caso

Bijeenkomst 7 VBPR

Puntuación
-
Vendido
-
Páginas
11
Grado
7-8
Subido en
30-08-2023
Escrito en
2022/2023

Case van 11 pagina's voor het vak Verdieping bestuursprocesrecht aan de UM (Bijeenkomst 7 VBPR)

Institución
Grado

Vista previa del contenido

Bijeenkomst 7 Belanghebbendheid en toetsing van de bestuursrechter.


6 vragen a.b.
Onderwerpen -> thema’s
Geen grondentrechter meer i.b. bij hoger beroep.

OWG indringender toetsing
Beleidsregels indringender getoetst al sinds 2016 aan de gang.

Formele rechtskracht: fictie van formele rechtskracht is rechts onaantastbaar.
Besluit is appelabel doe je niet dus je dient er geen rechtsmiddel meer in na 6 weken = formele rechtskracht.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt in zijn uitspraak van 21 september 2016 dat de formele rechtskracht van
een besluit uitsluitend ziet op de met dat besluit tot stand gebrachte rechtsgevolgen en niet op de daaraan ten
grondslag gelegde oordelen van feitelijke en juridische aard.
Volgens vaste rechtspraak van de Raad ziet de formele rechtskracht van een besluit uitsluitend op de met dat
besluit tot stand gebrachte rechtsgevolgen en niet op de daaraan ten grondslag gelegde oordelen van feitelijke
en juridische aard.

Exceptieve toetsing houdt in dat in een geschil over een besluit dat is genomen op basis van een algemeen
verbindend voorschrift de vraag aan de orde kan worden gesteld of dit voorschrift in strijd is met hogere
regelgeving of algemene rechtsbeginselen. (indirecte toetsing aan avv via besluit)
 Buiten toepassing laten van AVV (dus niet onverbindend verklaring -> slechts buiten toepassing)
 Besluit kan daardoor worden vernietigd dus er is geen basis/goede grondslag voor.

Verzachting formele rechtskracht.
Ketenbesluitvorming: besluit daaropvolgend weer een samenhangend besluit.
Geldschuld ontstaat voor burger (boete of dwangsom) en even later komt er een invorderingsbeschikking
(separate beschikking) -> kan toch nog terugkomen op besluit met formele rechtskracht indien evident
(evidentiecriterium).
Dan formele rechtskracht openbreken. Normaal is het formele rechtskracht dan jammer dan.

Inhoudelijke introductie
1. De vraag of iets of iemand belanghebbende is in de zin van de Awb, is zowel belangrijk voor de fase van de
besluitvorming als cruciaal voor de entree naar de bestuursrechter. Op dit vlak zijn recentelijk in de rechtspraak
interessante ontwikkelingen aan de gang, die steeds verder lijken uit te kristalliseren. Wel komen daarbij vragen
aan de oppervlakte, zoals in hoeverre een ‘beperking’ van het begrip wenselijk is. En in hoeverre de
ontvankelijkheidskwestie die eigenlijk eigen is aan de vraag naar belanghebbendheid, niet interfereert met een
inhoudelijke beoordeling.

Belanghebbende begrip
Na 25 jaar Awb is in de jurisprudentie op hoofdlijnen wel uitgekristalliseerd hoe in een concreet geval
beoordeeld moet worden of iemand behoort tot de kring van belanghebbenden. Bekend zijn de OPERA-criteria:
van een rechtstreeks bij het besluit betrokken belang is sprake indien iemand beschikt over een objectief
bepaalbaar, persoonlijk, eigen, rechtstreeks en actueel belang. Ook de beoordeling van de belanghebbendheid
van een bestuursorgaan (artikel 1:2 lid 2 Awb) of rechtspersoon ten aanzien van toevertrouwde belangen (artikel
1:2 lid 3 Awb) is in essentie helder.
Hoewel de jurisprudentie in grote lijnen stabiel is, blijft de toepassing in het concrete geval soms lastig. Eveneens
duiken er nog regelmatig uitspraken op die dwingen tot reflectie op de betekenis van artikel 1:2 Awb in ons
huidige bestuursrecht. De bestuursrechter lijkt enerzijds in sommige gevallen behoefte te hebben aan een
soepele hantering van het vereiste, terwijl anderzijds de beoordeling van de belanghebbendheid ten aanzien van
bepaalde type besluiten juist wordt aangescherpt.

A. Het afbakenen van een grens van belanghebbendheid indien een besluit effect heeft voor velen:
Bij besluiten waarbij toestemming wordt gegeven voor activiteiten met (potentiële) effecten op de fysieke
leefomgeving (zoals een omgevingsvergunning voor een mestverwerkingsinstallatie, een
evenementenvergunning voor een festival of een gaswinningsbesluit) speelt het Persoonlijk (OPERA) belang
vereiste de belangrijkste rol.

, Uitgangspunt om te spreken van een persoonlijk belang is dat indien iemand (mogelijk) feitelijke gevolgen
ondervindt van de activiteit die het besluit toestaat, deze persoon belanghebbende is. Het enkele feit dat een
besluit naar zijn aard vele anderen raakt, betekent niet dat iemand die opkomt voor een individueel belang, is
uitgesloten van rechtsbescherming. Wel moet iemand zich voldoende onderscheiden van de positie waarin een
grote groep mensen zich bevindt. Het is niet de bedoeling van de wetgever om beroep open te stellen voor een
ieder. Willekeurige anderen zijn bijvoorbeeld bezoekers van de omgeving waar het besluit betrekking op heeft.
Dus: feitelijke gevolgen ondervinden + onderscheiden van willekeurige anderen

Correctie persoonlijk belang binnen het omgevingsrecht = “gevolgen van enige betekenis” ABvRS 23 augustus
2017, AB 2017/348 m.nt. Tolsma
Een correctie is gemaakt om te voorkomen dat er te veel belanghebbenden zouden zijn bij besluiten met
effecten op de fysieke leefomgeving. Bij verwaarloosbare gevolgen komt iemand niet over de drempel van het
persoonlijk belang. Voor activiteiten met ruimtelijke effecten draait het dan om de mate van zicht op, afstand tot
en ruimtelijke uitstraling. Voor activiteiten met milieu effecten draait het dan om de mate van geluid, stank,
trilling etc.
 probleem van deze correctie: ontvankelijkheidstoets leidt tot inhoudelijke discussie wat betreft de
gevolgen van een besluit. Ontvankelijkheidsprocedures hebben alleen negatieve gevolgen, je hebt of een
procedure die tot in hoogste instantie niet inhoudelijk kan worden behandeld of je wordt ontvankelijk verklaard
en de procedure kan weer helemaal overnieuw beginnen.
Daarnaast is ‘gevolgen van enige betekenis’ een vrij relatief begrip, eenieder geeft hier een andere
invulling aan.

Bij windmolens 10x de tip hoogte – zie casus Justin Bibber

Bestuursrechter kan persoonlijk belang passeren:

Persoonlijk of rechtstreeks belang -> heb je wel een persoonlijk belang of heb je wel een rechtstreeks belang

Persoonlijk belang: in voldoende mate onderscheidt van de massa/van alle andere. Dat kan ook in groepsvorm.
Met name in het omgevingsrecht is dat lastig. Veel verschillende belangen/Zaak overstijgende maatschappelijke
belangen. In het omgevingsrecht inkaderen/verengen naar wie is belanghebbende -> gevolgen van enige
betekenis (aanscherping, verstrenging van wie is belanghebbende in omgevingsrecht).
Dit is de invulling van het persoonlijke belang. Gevolgen van enige betekenis = ernstige hinder/evident zicht- of
afstandscriterium/trillingen/stank/overlast/emissie/risico.
 Windmolen tien keer de tiphoogte

Als je twijfelt wel of niet gevolgen van enige betekenis ga dan uit van ja want: we hebben al een paar jaar gezegd
we gaan het wat inkaderen in het omgevingsrecht, dus gevolgen van enige betekenis maar als wij als
bestuursrechter ook gaan twijfelen -> bij twijfel JA gevolgen van enige betekenis.

Rechtstreeks belang vs. Afgeleid belang:
Het feit dat je met geadresseerde een overeenkomst hebt is onvoldoende om te spreken van een rechtstreeks
belang. Omdat het zorgcentrum zo hard wordt geschaad in haar belang toch een rechtstreeks belang
aangenomen. Nl. geschaad in een Zakelijk of fundamenteel recht (eigendomsrecht, vrijheid van meningsuiting
aantasting).

2 situaties:

1. Iemand is niet belanghebbende, maar krijgt toch toegang tot de bestuursrechter (het zorgcentra); of
2. de bestuursrechter slaat de beoordeling van de belanghebbendheid helemaal over.
Waarom?: Deze soepele benadering is verdedigbaar omdat het
a) een geschil betreft met een zaak overstijgend maatschappelijk juridisch belang; of
b) om proceseconomische redenen.

Het betreft hier situaties waarin het bestuursprocesrecht dat steeds meer is geënt op individuele
rechtsbescherming, knelt met de behoefte om maatschappelijke, bovenindividuele geschillen aan de
bestuursrechter voor te leggen. Het ene geschil is het andere niet en dat vraagt om een genuanceerde

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

Subido en
30 de agosto de 2023
Número de páginas
11
Escrito en
2022/2023
Tipo
CASO
Profesor(es)
Janssen
Grado
7-8

Temas

$7.06
Accede al documento completo:

100% de satisfacción garantizada
Inmediatamente disponible después del pago
Tanto en línea como en PDF
No estas atado a nada

Conoce al vendedor

Seller avatar
Los indicadores de reputación están sujetos a la cantidad de artículos vendidos por una tarifa y las reseñas que ha recibido por esos documentos. Hay tres niveles: Bronce, Plata y Oro. Cuanto mayor reputación, más podrás confiar en la calidad del trabajo del vendedor.
Lindapaulssen Maastricht University
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
138
Miembro desde
11 año
Número de seguidores
116
Documentos
32
Última venta
5 año hace

3.5

22 reseñas

5
4
4
6
3
9
2
2
1
1

Documentos populares

Recientemente visto por ti

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes