Fysiotherapie Zuyd Hogeschool, leerjaar 1
2022/2023
Oefentoets literatuur Blok 4
Taak 1
Vraag 1:
Binnen het proces van screening zijn ‘blauwe vlaggen’ psychosociale of gedragsmatige risicofactoren.
Vraag 2:
De fysiotherapeut dient ten alle tijden te screenen op zowel de rode als gele vlaggen.
Vraag 3:
Screening is een proces dat de fysiotherapeut primair helpt bij het opstellen van een geschikt
behandelplan, bestaande uit een hoofddoel en subdoelen.
Vraag 4:
Het os naviculare ligt aan de mediale zijde van de voet.
Vraag 5:
Het talocrurale gewricht bestaat uit de tibia, fibula en talus.
Vraag 6:
Het subtalaire gewricht heeft als primaire functie het maken van een dorsaal- en plantairflexie.
Vraag 7:
Het lig. deltoideum bestaat uit vier delen. Het lig. calcaneofibulare is hier onderdeel van.
Vraag 8:
Aan Directe Toegankelijkheid Fysiotherapie (DTF) zitten ook bepaalde ‘bedreigingen’. Een voorbeeld
hiervan is dat de werkdruk toeneemt als gevolg van een verhoogde toestroom van patiënten.
Vraag 9:
De ‘Ottawa Knee Rules’ zijn bedoeld voor het uitsluiten van een fractuur. Hierbij is radiografie alleen
geïndiceerd indien de patiënt zich meldt met één van vijf bepaalde criteria. Een onderdeel hiervan is
de onmogelijkheid om de knie in 90° flexie te brengen.
Vraag 10:
Er worden vier algemene ‘red flags’ onderscheiden. Een hiervan is nachtelijke pijn.
Vraag 11:
De m. tensor fascia latae hecht aan op de trochanter major van het femur.
Vraag 12:
De m. gluteus maximus innerveert op de n. gluteus inferior (L5-S2).
1
, Elena Goebel (2200841)
Fysiotherapie Zuyd Hogeschool, leerjaar 1
2022/2023
Vraag 13:
De m. soleus vindt zijn oorsprong op het caput fibulae.
Vraag 14:
De mm. quadriceps innerveren op de n. femoralis.
Vraag 15:
De m. tibialis anterior hecht aan op het os cuneiforme mediale.
Vraag 16:
De lijn van Lisfranc bevindt zich tussen de voetwortelbeenderen en de middenvoetbeenderen.
Vraag 17:
De sensitiviteit van de ´Ottawa Ankle Rules´ is 35%.
Vraag 18:
De specificiteit van de ´Ottawa Knee Rules´ is 98,5%.
Vraag 19:
Er worden verschillende vormen van validiteit onderscheiden. Bij indruksvaliditeit gaat het erom of
het meetinstrument alle relevante aspecten omvat.
Vraag 20:
Een tractusanamnese bestaat uit een aantal vragen over een verzameling organen. Bij ´tractus
urogenitalis´ vraag je uit naar de organen die betrokken zijn bij de mictie.
2
, Elena Goebel (2200841)
Fysiotherapie Zuyd Hogeschool, leerjaar 1
2022/2023
Antwoorden taak 1
1 - Onjuist
2 - Onjuist
3 - Onjuist
4 - Juist
5 - Juist
6 - Onjuist
7 - Onjuist
8 - Juist
9 - Juist
10 - Juist
11 - Onjuist
12 - Juist
13 - Juist
14 - Juist
15 - Juist
16 - Onjuist
17 - Onjuist
18 - Onjuist
19 - Onjuist
20 - Juist
3