Jongeren aanzetten tot het uitvoeren van vrijwilligerswerk.
Standpunt
Jongeren zouden zich meer moeten inzetten om vrijwilligerswerk te doen.
Te gebruiken retorische middelen
De gebruikte retorische middelen zijn: Ik-boodschap, anafoor, tautologie, metafoor,
enumeratio en climax. Deze staan ook weergeven met voetnoten in de speech.
speech
Sinds kort doe ik aan vrijwilligerswerk.1 Wekelijks begeleid ik knutselworkshops voor
kinderen bij een asielzoekerscentrum. Meestal zijn er acht kinderen die voor een paar uur
komen knutselen. Ze zijn allemaal heel verschillend, de ene is heel sociaal terwijl de ander
juist verlegen is. Sommigen kunnen goed tekenen, en anderen zijn goed in boetseren. Er is
echter één ding dat ze gemeen hebben: ze hebben een zware tijd achter de rug. In deze
groep heb ik kinderen gezien met verrotte tanden door het gebrek aan hygiëne toen ze op de
vlucht waren, ik heb kinderen gezien met littekens in hun gezicht van de oorlogen waaraan
ze zijn ontsnapt, en ik heb kinderen gezien die getraumatiseerd zijn door de wrede
gebeurtenissen die zich voor hun ogen hebben afgespeeld.2 Deze kinderen hebben geen
zorgeloze jeugd gekend, zoals de meeste van ons dat hebben mogen kennen. Maar het
moment dat ze met trots en vreugde hun knutselwerkjes laten zien, lijken ze hun verleden
even te vergeten en de kans te krijgen om weer eventjes echt kind te zijn.
Als tieners kunnen wij er vrij weinig aan doen dat we leven in tijden van crisis. Er zijn
voedseltekorten, het klimaat verandert en op dit moment is in Europa zelfs een oorlog bezig.
Al deze zaken lijken buiten onze macht te liggen, maar dat betekent niet dat we niet kunnen
helpen. Integendeel, we zijn hard nodig. Volgens het CBS is er sinds 2016 een sterke daling in
het aantal vrijwilligers, namelijk een daling van 11 procent. En deze daling is vooral te zien in
de jongere generatie, mensen van onze leeftijd dus, in andere woorden; wij.3
(De rest van de speech is op de volgende pagina)
1
Ik-boodschap
2
Anafoor
3
Tautologie