100% de satisfacción garantizada Inmediatamente disponible después del pago Tanto en línea como en PDF No estas atado a nada 4.2 TrustPilot
logo-home
Resumen

Samenvatting rechtsstaat maatschappijleer

Puntuación
3.0
(1)
Vendido
5
Páginas
8
Subido en
15-06-2016
Escrito en
2014/2015

samenvatting maatschappijleer VWO 4 over de rechtsstaat. Ik had hiermee een 9,0 op mijn SE.

Nivel
Grado










Ups! No podemos cargar tu documento ahora. Inténtalo de nuevo o contacta con soporte.

Escuela, estudio y materia

Institución
Escuela secundaria
Nivel
Grado
Año escolar
4

Información del documento

Subido en
15 de junio de 2016
Número de páginas
8
Escrito en
2014/2015
Tipo
Resumen

Temas

Vista previa del contenido

Rechtsstaat
1. Idee en oorsprong van de rechtsstaat

Rechtsstaat = een staat waarin burgers met grondrechten worden beschermd tegen
machtsmisbruik en willekeur door de overheid.
Nederland is een democratische rechtsstaat = burgers mogen meedoen aan vrije verkiezingen
(indirect meebeslissen), dit is de democratische kant.
De rechtsstaat is dus een soort sociaal contract tussen de burgers en bestuurders, beiden hebben
plichten en moeten zich aan de wet houden.

De trias politica, de grondrechten en het legaliteitsbeginsel vormen de beginselen van de rechtsstaat:
 Trias politica = door de Franse filosoof Montesquieu ontstond het uitgangspunt van drie
staatsmachten die elkaar in evenwicht zouden houden: de scheiding der machten.
 Grondrechten = rechten die zo fundamenteel zijn voor de vrijheid, ontplooiing, welzijn en
bescherming van het volk dat ze in de wet zijn vastgelegd.
 Legaliteitsbeginsel = de overheid mag alleen beperkingen opleggen aan de vrijheid van
burgers als die beperkingen in wetten zijn vastgelegd en voor iedereen gelden.
In dictaturen zoals China en Iran bepaalt één machthebber wat de regels zijn. Er zijn nauwelijks
grondrechten, dus ook geen vrijheid van meningsuiting, geen persvrijheid etc.

Na de Tweede Wereldoorlog werden de verdragen “de Universele Verklaring van de Rechten van de
Mens” door de VN en “Verdrag van de Rechten van de Mens” door Europese landen geformuleerd.
Zij hebben een belangrijke rol gespeeld in de verbetering van de mensenrechten.
De rechtsstaat geeft een ondergrens aan waaraan je situaties en gebeurtenissen kunt
afmeten. De rechtsstaat is dus de maatstaf voor beoordeling van hoe de overheid
functioneert en wat er wel of niet is toegestaan.


2. Grondwet en grondrechten

De eerste grondwet in Nederland kwam tot stand in 1814, nadat Nederland in 1806 een
constitutionele monarchie was geworden.
In 1848 kwam er een grondwetswijziging. Hierdoor werd de koning onschendbaar en de ministers
verantwoordelijk. Vanaf toen werd er geregeerd met een ministeriële verantwoordelijkheid.
Ook kwam het censuskiesrecht = niet alleen mannen mochten meer stemmen, maar kwamen er
rechtstreekse verkiezingen voor de Tweede Kamer, Provinciale Staten en de gemeenteraad.
In 1983 vond er een algehele herziening van de grondwet plaats, toen kwam bijvoorbeeld
ook bescherming tegen discriminatie erbij.

In Nederland vormt de grondwet een bindend middel in een pluriforme samenleving = een
samenleving die bestaat uit verschillende culturen met andere normen en waarden.
Doelen van de grondwet:
 Begrenzing van de macht van de staat, hiermee vrijheden van burgers garanderen.
 Fundamentele rechten van burgers vastleggen.
 Aangeven hoe de belangrijkste organen van de staat zijn georganiseerd.
 De eenheid van de staat uitdrukken en zeggen dat de burgers één willen zijn en blijven.

Binnen de horizontale werking kunnen grondrechten botsen. Dit gebeurt wanneer de
grondrechterlijke belangen van burgers met elkaar in conflict komen. Dit zou te voorkomen zijn
wanneer de grondrechten in een rangorde komen te staan, ze staan nu willekeurig.

,Maar omdat de geschiedenis heeft geleerd dat dingen die nu belangrijk zijn, over een paar jaar
anders zijn, komen de grondrechten niet in een rangorde.

Opbouw van de grondrechten:
Hoofdstuk 1 – belangrijkste deel, hierin staan de grondrechten en burgerlijke vrijheden.
Klassieke grondrechten Artikel 1 – gelijkheidsbeginsel
Artikel 2 t/m 5 – politieke rechten
Artikel 6 t/m 9 – vrijheidsrechten
Artikel 10 t/m 18 – persoonlijke en juridische bescherming
Sociale grondrechten Artikel 19 t/m 23 – werkgelegenheid en keuze van arbeid
– bestaanszekerheid en welvaart
– leefbaarheid en milieu
– volksgezondheid en woongelegenheid
– onderwijs
Hoofdstuk 2 t/m 7 – koningschap, regering, Staten-Generaal, wetgeving en bestuur, rechtspraak,
provincies, gemeentes en waterschappen. Ook staat de trias politica hierin.
Hoofdstuk 8 – de wijziging van de grondwet. Wijzigingen moeten twee keer (met een verkiezing
ertussen) naar het parlement en moeten met een tweederde meerderheid worden aangenomen.

Het verschil tussen klassieke en sociale grondrechten is dat bij klassieke grondrechten de overheid
zich passief moet opstellen en bij sociale grondrechten actief.
Bij schending van de klassieke grondrechten kun je naar de rechter stappen, bij de sociale kun je
alleen laten merken dat je niet vindt dat de overheid genoeg zijn best doet door anders te stemmen.


3. Trias politica: scheiding of evenwicht van machten?

Wetgevende macht = krijgt de taak om algemene wetten te maken, wijzigen of in te trekken.
Uitvoerende macht = krijgt de taak om de wetten in concrete gevallen aan te passen.
Rechterlijke macht = moet in geval van onenigheid oordelen over wetten en moet rechtspreken.
Het goede van de trias politica is dat de macht wordt verdeeld over organen die niks over elkaar te
zeggen hebben, maar die elkaar wel kunnen controleren.
Tegenwoordig spreken we van ‘checks and balances’. De drie machten houden elkaar in
balans door elkaar te controleren en aanvullen.

Volgens Montesquieu moest het wetgevende orgaan in verschillende kamers verdeeld zijn, zodat
het wetsvoorstel altijd van verschillende kanten wordt bekeken ( Eerste en Tweede kamer).
Goede wetten moeten:
 Algemeen zijn: niet voor één persoon of situatie geschreven zijn.
 Duidelijk zijn: voor iedereen begrijpelijk.
 Haalbaar en uitvoerbaar zijn.
De uitvoerende macht ligt bij de ministers. Ministers kunnen ook nieuwe wetten ontwerpen. Hierin
zie je dat de scheiding der machten in Nederland niet helemaal goed doorgevoerd is.

Ambtenaren worden de vierde macht genoemd omdat zij vaak zelfstandige beslissingen maken bij de
wetten die de minister niet allemaal kan controleren.

De rechterlijke macht is in handen van onafhankelijke rechters. Rechters kunnen niet ontslagen
worden als ze een vonnis uitspreken waar de ministers het niet mee eens zijn, ze zijn voor het leven
benoemd. Dit maakt ze onafhankelijk.
Rechters kijken niet alleen naar de wet, maar ook naar de toelichting bij de wet, de wetsgeschiedenis
en de jurisprudentie = het geheel van uitspraken door rechters.

, De rechters hebben een andere positie dan politici. Parlementsleden worden gekozen door het volk,
rechters worden niet gekozen. Het parlement kan een uitspraak niet ongedaan maken, maar kan wel
besluiten de wet te wijzigen.

4. Het legaliteitsbeginsel

Legaliteitsbeginsel = iemands vrijheid mag alleen ingeperkt worden als de rechtmatigheid van die
beperking is vastgelegd in wetten en regels die door het parlement zijn aangenomen.
Het legaliteitsbeginsel is één van de redenen waarom Nederland zoveel wetten heeft.

Rechtsorde = rechtsregels en rechtsbeginselen en de manier waarop het recht is georganiseerd: het
geheel van recht in een land.
Rechtsregels = gedragsregels die wettelijk door de overheid zijn vastgelegd. Zebestaan voor
doelmatigheid, zodat er duidelijke afspraken zijn en voor zedelijk bewustzijn, zodat er regels
zijn die de waarden weerspiegelen.

Het systeem van rechtsregels kent een indeling in rechtsgebieden:
Privaatrecht: regelt de horizontale relaties  de relaties tussen burgers onderling.
 Het personen- en familierecht: sluiten van een huwelijk, geboorte, overlijden etc.
 Het ondernemingsrecht: voorwaarden waaronder je een onderneming kan starten etc.
 Vermogensrecht: alles met iemands vermogen, bijvoorbeeld een arbeidsovereenkomst.
Publiekrecht: regelt de verticale relaties  de relaties tussen burgers en overheid.
 Het staatsrecht: regelt de inrichting van de Nederlandse staat, zoals de grondwet.
 Het bestuursrecht: regelt de bestuursactiviteiten van de overheid, zoals vergunningen.
 Strafrecht: hierin staan alle wettelijke strafbepalingen.

De rechterlijke macht in Nederland:
De Hoge Raad
Het gerechtshof (hier ga je in hoger beroep)
De ‘gewone’ rechters:
 Kantonrechter = overtredingen, 1 rechter.
 Politierechter = eenvoudige misdrijven, max. 1 jaar gevangenisstraf
 Meervoudige kamer = zware misdrijven, 3 rechters

Sociale regels zijn meestal niet opgeschreven, ze geven alleen een beoordeling in gedrag (niet in een
korte broek naar een begrafenis).
Morele regels hebben een zwaardere lading, ze geven beoordeling van gedrag in goed of kwaad (laat
je familie niet in de steek).
$4.19
Accede al documento completo:

100% de satisfacción garantizada
Inmediatamente disponible después del pago
Tanto en línea como en PDF
No estas atado a nada

Reseñas de compradores verificados

Se muestran los comentarios
6 año hace

Stupid still need to give stars

3.0

1 reseñas

5
0
4
0
3
1
2
0
1
0
Reseñas confiables sobre Stuvia

Todas las reseñas las realizan usuarios reales de Stuvia después de compras verificadas.

Conoce al vendedor

Seller avatar
Los indicadores de reputación están sujetos a la cantidad de artículos vendidos por una tarifa y las reseñas que ha recibido por esos documentos. Hay tres niveles: Bronce, Plata y Oro. Cuanto mayor reputación, más podrás confiar en la calidad del trabajo del vendedor.
Nurseinspé Hogeschool Windesheim
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
492
Miembro desde
9 año
Número de seguidores
314
Documentos
29
Última venta
3 meses hace

4.1

76 reseñas

5
25
4
31
3
19
2
1
1
0

Recientemente visto por ti

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes