Fitness Trainer A – Les 5 Huiswerkopgaven
1. Wat is het effect van cardiotraining?
A De hartslag in rust daalt
2. Wat is geen effect van een warming up?
B Nauwkeuriger dorstgevoel
3. Een klant wil haar spierkrachtuithoudingsvermogen vergoten. Welke oefening is
hiervoor geschikt?
A Een legpress op 30% van het 1RM (minimaal 30 herhalingen)
4. Welke van de onderstaande factoren geeft ene grote krachtproductie van een
spier?
C Een grotere dwarsdoorsnede van de spier.
5. Welke factor is bepalend voor het effect van een trainingsprogramma?
D Alle bovenstaande antwoorden zijn juist.
6. Omschrijf het anaeroob-alactisch systeem
Bij dit systeem is geen zuurstof nodig en ontstaat geen melkzuur. In de spieren wordt het
tekort ATP opgevangen door CP. Deze stof is in de spier aanwezig en zal snel een fosfaat
afstaan aan ADP zodat deze opnieuw kan bijdragen aan contractie. Zorgen voor ongeveer 20
seconden aan spiercontracties.
7. Wat wordt er verstaan onder lactaat en wanneer wordt dit gevormd?
Lactaat is een metaboliet van glucose en lactaat wordt gevormd als er te weinig zuurstof in
de spieren aanwezig is.
8. Wat wordt er verstaan onder de anaerobe drempel?
Punt waarop aërobe energielevering tekort schiet en wordt overgegaan op het anaërobe
energiesysteem.
9. Welke invloed heeft voeding op het herstel na een training?
Om ADP weer op te laden tot ATP heb je koolhydraten, vetten en eiwitten nodig.
Het Zuurstofsysteem heeft vetten en koolhydraten nodig om ATP’s aan te maken.
Minder intensieve inspanning dan heeft het lichaam voorkeur voor vetten, koolhydraten en
glucose worden ingezet als er hogere prestaties van het lichaam gevraagd worden.
Spierglycogeenvoorraad
Na een langdurige aerobe training in combinatie met koolhydraatrijke voeding is er volledige
resynthese in 2 dagen, zonder koolhydraatrijke voeding is de volledige resynthese langer dan
5 dagen.
1. Wat is het effect van cardiotraining?
A De hartslag in rust daalt
2. Wat is geen effect van een warming up?
B Nauwkeuriger dorstgevoel
3. Een klant wil haar spierkrachtuithoudingsvermogen vergoten. Welke oefening is
hiervoor geschikt?
A Een legpress op 30% van het 1RM (minimaal 30 herhalingen)
4. Welke van de onderstaande factoren geeft ene grote krachtproductie van een
spier?
C Een grotere dwarsdoorsnede van de spier.
5. Welke factor is bepalend voor het effect van een trainingsprogramma?
D Alle bovenstaande antwoorden zijn juist.
6. Omschrijf het anaeroob-alactisch systeem
Bij dit systeem is geen zuurstof nodig en ontstaat geen melkzuur. In de spieren wordt het
tekort ATP opgevangen door CP. Deze stof is in de spier aanwezig en zal snel een fosfaat
afstaan aan ADP zodat deze opnieuw kan bijdragen aan contractie. Zorgen voor ongeveer 20
seconden aan spiercontracties.
7. Wat wordt er verstaan onder lactaat en wanneer wordt dit gevormd?
Lactaat is een metaboliet van glucose en lactaat wordt gevormd als er te weinig zuurstof in
de spieren aanwezig is.
8. Wat wordt er verstaan onder de anaerobe drempel?
Punt waarop aërobe energielevering tekort schiet en wordt overgegaan op het anaërobe
energiesysteem.
9. Welke invloed heeft voeding op het herstel na een training?
Om ADP weer op te laden tot ATP heb je koolhydraten, vetten en eiwitten nodig.
Het Zuurstofsysteem heeft vetten en koolhydraten nodig om ATP’s aan te maken.
Minder intensieve inspanning dan heeft het lichaam voorkeur voor vetten, koolhydraten en
glucose worden ingezet als er hogere prestaties van het lichaam gevraagd worden.
Spierglycogeenvoorraad
Na een langdurige aerobe training in combinatie met koolhydraatrijke voeding is er volledige
resynthese in 2 dagen, zonder koolhydraatrijke voeding is de volledige resynthese langer dan
5 dagen.