Fitness Trainer A – Les 7 Huiswerkopgaven
1. B
2. D
3. A
4. C
5. C
6. B
7. B
8. C
9. 4
10. A
11. De circuittraining en de stationstraining
Bij de circuittraining doe je 1 set van een oefening en ga je door naar de volgende oefening.
Bij een stationstraning doe je meerdere sets van een bepaalde oefening en na een paar sets
te hebben gedaan ga je pas door naar de volgende oefening.
12.
- Tegengesteld doordraaien
- Een station met drie oefeningen
13.
- Groepsgebeuren: het kan leuk zijn met anderen te sporten
- Afwisseling: het is zeer afwisselend en leidt daarom minder snel tot verveling
- Geen wachttijd: Omdat alle deelnemers dezelfde werktijd en wisseltijd hebben,
hoeven zij nooit te wachten bij de apparaten.
- Homogeniteit: Niveaugroepen leiden tot een betere afstemming van de les.
14.
- Vereist meer didactische vaardigheden van de fitnessinstructeur
- Minder individuele aandacht van de fitnessinstructeur
- De zaal en/of toestellen zijn niet beschikbaar voor andere leden van het centrum
15.
- Lesvoorbereiding: maak een lesvoorbereiding
- Logische volgorde: zorg voor een logische opeenvolging van toestellen
- Wisselsignaal: zorg voor een duidelijk wisselsignaal
- Nummering: zorg voor een duidelijke nummering van de toestellen
16. Trainingsmethode waarbij een specifieke spiergroep uitgeput wordt voordat de
grote spiergroep wordt getraind
17.
- Specificiteit
- Overload en progressiviteit
- Wet van de verminderde meeropbrengst
- Reversibiliteit
1. B
2. D
3. A
4. C
5. C
6. B
7. B
8. C
9. 4
10. A
11. De circuittraining en de stationstraining
Bij de circuittraining doe je 1 set van een oefening en ga je door naar de volgende oefening.
Bij een stationstraning doe je meerdere sets van een bepaalde oefening en na een paar sets
te hebben gedaan ga je pas door naar de volgende oefening.
12.
- Tegengesteld doordraaien
- Een station met drie oefeningen
13.
- Groepsgebeuren: het kan leuk zijn met anderen te sporten
- Afwisseling: het is zeer afwisselend en leidt daarom minder snel tot verveling
- Geen wachttijd: Omdat alle deelnemers dezelfde werktijd en wisseltijd hebben,
hoeven zij nooit te wachten bij de apparaten.
- Homogeniteit: Niveaugroepen leiden tot een betere afstemming van de les.
14.
- Vereist meer didactische vaardigheden van de fitnessinstructeur
- Minder individuele aandacht van de fitnessinstructeur
- De zaal en/of toestellen zijn niet beschikbaar voor andere leden van het centrum
15.
- Lesvoorbereiding: maak een lesvoorbereiding
- Logische volgorde: zorg voor een logische opeenvolging van toestellen
- Wisselsignaal: zorg voor een duidelijk wisselsignaal
- Nummering: zorg voor een duidelijke nummering van de toestellen
16. Trainingsmethode waarbij een specifieke spiergroep uitgeput wordt voordat de
grote spiergroep wordt getraind
17.
- Specificiteit
- Overload en progressiviteit
- Wet van de verminderde meeropbrengst
- Reversibiliteit