Wat is het recht: Het geheel van alle geldende rechtsregels.
De verschillende rechtsgebieden zijn:
Het staatsrecht: bevat regels die betrekking hebben op de organisatie van de Staat. De
bevoegdheden van staatsorganen en op de grondrechten.
Het bestuursrecht: betreft de bestuursactiviteit van de overheid. Beschikking speelt een
belangrijke rol.
Het strafrecht: geeft aan welke feiten strafbaar zijn, wie dader is en met welke sancties het
plegen van die feiten wordt bestraft.
Het burgerlijk recht: regelt de juridische betrekking van personen onderling. Tot het
burgerlijk recht worden gerekend:
Personen en familie recht
Het rechtspersonenrecht
Het vermogensrecht
Het handelsrecht
Het arbeidsrecht en het sociaal zekerheidsrecht: Het geheel van rechtsregels dat betrekking
heeft op de arbeidsverhouding van personen die in loondienst werkzaam zijn. Zowel de
private als publieke sector. Het sociaal zekerheidsrecht is het onderdeel in het arbeidsrecht
dat zich bezig houdt met sociale voorzieningen.
Beschikking: een juridisch besluit van een bestuursorgaan ten aanzien van een individuele burger
(dakappel).
Ook te verdelen in privaatrecht en publiekrecht.
Privaatrecht: burger-bruger
Publiekrecht: overheid-burger
Rechtsbronnen binnen het Nederlandse recht:
Wet
Jurisprudentie (eerdere uitspraken rechters)
Gewoonte (binnen bepaalde beroepen ongeschreven)
Internationale verdragen en afspraken
Formeel recht: Heeft betrekking op de handhaving van regels. Is hetzelfde als procesrecht.
Voorbeeld: dagvaarding, hoger beroep.
Materieel recht: Inhoud van rechten en plichten. Voorbeeld: uitkering, kinderbijslag.
Rechtsregel: is een algemeen verbindend voorschrift.
Algemeen want gelden voor iedereen in de omschreven categorie en zijn herhaalbaar voor een
onbeperkt aantal gevallen.
Verbindend want je moet je er aan houden.
Normatieve rechtsregels: Hebben betrekking op het sturen of beoordelen van menselijk gedrag. Ze
stellen dus een norm. Onder te verdelen in 3 categorieën:
Gebodsbepaling: er word iemand geboden iets te doen.
Verbodsbepaling: Er word iemand verboden iets te doen.
Bevoegdheidsverlenende bepaling: Persoon krijgt een bepaald
bevoegdheid om iets te doen.