artikel beginselen van de democratische rechtstaat
het toetsen van overheidsgedrag op rechtmatigheid aan de hand van 4 principes:
1. het legaliteitsbeginsel
- is het gedrag van de overheid op een algemene regel gebaseerd, overheid mag zich
pas met een kwestie bemoeien als dit wettelijk is vastgelegd
- wetten moeten zo nauwkeurig mogelijk worden vastgelegd, soms is de grens waar
de overheid zich wel- of niet mee mag bemoeien vaag/klein
2. erkenning van grondrechten
- grondrechten zijn de fundamentele rechten die burgers hebben
- soms is wetgeving van overheid in tegenstrijdig met de algemene grondrechten
- botsing van grondrechten zijn ingewikkeld (vrijheid van godsdienst - wilders - vrijheid
van meningsuiting)
3. machtenscheiding
- trias politica: scheiding van wetgevende, uitvoerende en rechtsprekende macht
➔ balans in macht tussen deze drie aspecten is belangrijk voor een goed
functionerende rechtsstaat
- het is een effectief systeem om machtsmisbruik te vermijden
4. rechterlijke controle
- rechtspraak moet onafhankelijk en onpartijdig zijn
- eis van redelijkheid is een van de regels voor toelating bij de rechter
abbb: normen waarmee je kunt toetsen of beslissingen voldoende overeenkomen met de
fatsoensregels die gelden in een nette rechtsstaat
10 algemene beginselen van behoorlijk bestuur (lees reader voor toelichting)
1. formele zorgvuldigheidsbeginsel
2. fairplaybeginsel
3. formele rechtszekerheidsbeginsel
4. motiveringsbeginsel
5. verbod van détournement de pouvoir
6. materiele rechtszekerheidsbeginsel
7. vertrouwensbeginsel
8. gelijkheidsbeginsel
9. voorkomen van willekeur
10. evenredigheidsbeginsels
, werken met het omgevingsplan
hoofdstuk 1
● omgevingswet
- met de omgevingswet gaan alle wetten die betrekking hebben op de fysieke
leefomgeving op in deze wet
- de omgevingswet zorgt voor een helder, integraal, en zo eenvoudig mogelijk wettelijk
kader voor de leefomgeving
- hierin wordt duidelijk aangegeven welke bevoegdheden bij welke overheden komen
te liggen -> doel is dat de overheidslaag die het probleem het beste kan oplossen,
dit ook krijgt te doen
★ fysieke leefomgeving staat lokaal in de omgevingswet
★ in omgevingswet is meer ruimte voor
- maatschappelijke initiatieven
- lokale afwegingen in lokaal bestuur
★ er wordt meer geredeneerd vanuit de doelen die een gemeente zelf stelt in haar
omgevingsvisie, ipv uit bestaande regels
- bij transformatie van gebieden wordt hierbij meer mogelijk
- regels kunnen flexibeler worden gemaakt.
● omgevingsplan binnen omgevingswet
- opvolger van het bestemmingsplan
- bundeling van bestemmingsplannen en beheersverordeningen
➔ omgevingsplan: bestaat uit juridische bindende regels voor het niveau van de
gemeente en haar burgers en ondernemers
- deze regels hebben betrekking op gehele fysieke leefomgeving binnen een
gemeente of een deel hiervan
het toetsen van overheidsgedrag op rechtmatigheid aan de hand van 4 principes:
1. het legaliteitsbeginsel
- is het gedrag van de overheid op een algemene regel gebaseerd, overheid mag zich
pas met een kwestie bemoeien als dit wettelijk is vastgelegd
- wetten moeten zo nauwkeurig mogelijk worden vastgelegd, soms is de grens waar
de overheid zich wel- of niet mee mag bemoeien vaag/klein
2. erkenning van grondrechten
- grondrechten zijn de fundamentele rechten die burgers hebben
- soms is wetgeving van overheid in tegenstrijdig met de algemene grondrechten
- botsing van grondrechten zijn ingewikkeld (vrijheid van godsdienst - wilders - vrijheid
van meningsuiting)
3. machtenscheiding
- trias politica: scheiding van wetgevende, uitvoerende en rechtsprekende macht
➔ balans in macht tussen deze drie aspecten is belangrijk voor een goed
functionerende rechtsstaat
- het is een effectief systeem om machtsmisbruik te vermijden
4. rechterlijke controle
- rechtspraak moet onafhankelijk en onpartijdig zijn
- eis van redelijkheid is een van de regels voor toelating bij de rechter
abbb: normen waarmee je kunt toetsen of beslissingen voldoende overeenkomen met de
fatsoensregels die gelden in een nette rechtsstaat
10 algemene beginselen van behoorlijk bestuur (lees reader voor toelichting)
1. formele zorgvuldigheidsbeginsel
2. fairplaybeginsel
3. formele rechtszekerheidsbeginsel
4. motiveringsbeginsel
5. verbod van détournement de pouvoir
6. materiele rechtszekerheidsbeginsel
7. vertrouwensbeginsel
8. gelijkheidsbeginsel
9. voorkomen van willekeur
10. evenredigheidsbeginsels
, werken met het omgevingsplan
hoofdstuk 1
● omgevingswet
- met de omgevingswet gaan alle wetten die betrekking hebben op de fysieke
leefomgeving op in deze wet
- de omgevingswet zorgt voor een helder, integraal, en zo eenvoudig mogelijk wettelijk
kader voor de leefomgeving
- hierin wordt duidelijk aangegeven welke bevoegdheden bij welke overheden komen
te liggen -> doel is dat de overheidslaag die het probleem het beste kan oplossen,
dit ook krijgt te doen
★ fysieke leefomgeving staat lokaal in de omgevingswet
★ in omgevingswet is meer ruimte voor
- maatschappelijke initiatieven
- lokale afwegingen in lokaal bestuur
★ er wordt meer geredeneerd vanuit de doelen die een gemeente zelf stelt in haar
omgevingsvisie, ipv uit bestaande regels
- bij transformatie van gebieden wordt hierbij meer mogelijk
- regels kunnen flexibeler worden gemaakt.
● omgevingsplan binnen omgevingswet
- opvolger van het bestemmingsplan
- bundeling van bestemmingsplannen en beheersverordeningen
➔ omgevingsplan: bestaat uit juridische bindende regels voor het niveau van de
gemeente en haar burgers en ondernemers
- deze regels hebben betrekking op gehele fysieke leefomgeving binnen een
gemeente of een deel hiervan