100% de satisfacción garantizada Inmediatamente disponible después del pago Tanto en línea como en PDF No estas atado a nada 4.2 TrustPilot
logo-home
Resumen

Samenvatting Motorische ontwikkeling 2.1

Puntuación
-
Vendido
1
Páginas
64
Subido en
28-12-2022
Escrito en
2022/2023

Volledige cursus samengevat. Docent : Ellen De Decker. Alle praktijkvoorbeelden ook in toegevoegd.

Institución
Grado











Ups! No podemos cargar tu documento ahora. Inténtalo de nuevo o contacta con soporte.

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

Subido en
28 de diciembre de 2022
Número de páginas
64
Escrito en
2022/2023
Tipo
Resumen

Temas

Vista previa del contenido

Motorische ontwikkeling 2.1


1.7 Geleide bewegingsspelen
Na het bestuderen van deze leereenheid moet je:
 Weten wat een geleid bewegingsspel is
 Een geleid bewegingsspel op de juiste manier kunnen opbouwen
 Een geleid bewegingsspel op de juiste manier kunnen neerschrijven
 Beseffen dat het maken van een lesvoorbereiding in 2 fasen verloopt
 Weten welke informatie waar op de lesvoorbereiding moet komen
 De verticale denklijn van de lesfiche kennen en weten wat er bij elke fase
verwacht wordt
 Kunnen zeggen hoe je op een chronologische manier een les uitdenkt
 De 9 didactische principes kunnen opsommen en weten wat ermee bedoeld
wordt
 Weten welke verschillende organisatievormen je kan gebruiken
 De ontwikkelingslijn zien bij het gebruiken van de verschillende
organisatievormen
 Weten hoe je de juiste instructies kan geven aan kleuters
 Weten hoe je op de juiste manier een bewegingsles geeft
 Weten hoe je een doel op de juiste manier moet formuleren en noteren



1.7.1 Omschrijving en hoe van start gaan?

Een geleid bewegingspel is een klassikale activiteit waarbij de kleuterleid(st)er een
aantal speelse opdrachten, gekozen in functie van één of meerdere domeinen aanbiedt.

De keuze van de domeinen hangt nauw samen met het gekozen materiaal en de manier
waarop het zal gebruikt worden (als vast materiaal of hanteermateriaal). Een goede
kleuterleid(st)er zorgt voor veelzijdig aanbod zodat alle domeinen in het verloop van het
schooljaar voldoende aangeboden worden.

Bij het uitdenken van speelse opdrachten met en t.o.v. klein materiaal kunnen we ons
laten leiden door de inspiratie van de kleuters. Dit geeft ons informatie over de
beginsituatie van de kleuters. Ze gaan aantonen wat ze op dat moment al aankunnen. We
kunnen ook inspelen op de inspiratie van de kleuterleid(st)er, maar dit zorgt vaak voor
dezelfde stereotype opdrachten. We hebben dus een leidraad nodig waaruit een groot
en verscheiden aanbod kan gegeven worden. Dit gebeurt door middel van de domeinen.

Waar zorgen de domeinen voor?

 Zorgen ervoor dat binnen een les bewegingsopvoeding een intenser
ervaringsaanbod voorzien kan worden en gemakkelijker gedegradeerd kan

, worden. Het laat ons ook toe een doelgericht aanbod te geven, aansluitend op het
ontwikkelingsniveau van de kleuters.

Hoe kunnen we kleuters verder helpen in hun ontwikkeling?

 Hun bewegingsantwoorden laten zoeken op gestelde problemen waartoe ze zelf
niet zouden komen. Als kleuterleid(st)er zorgen voor voldoende uitdagingen die
zich bevinden in de zone van de naaste ontwikkeling, net op de grens van kunnen
en niet kunnen.

1.7.2 Didactische principes

1. Betrokkenheidsprincipe

Zorg voor een aangepaste keuze van het spelidee. Door aan te sluiten bij de
belevingswereld van de kleuters en hun niveau op dat moment. Maak een spel/opdracht
aantrekkelijk door aanschouwelijk voor te stellen. Dit start bij je inleiding/motivatie en
bij de verkenning van je les.

2. Intensiveringsprincipe

Het lesgeheel moet voldoende bewegingskansen bieden: de kleuters moeten met het
ganse lichaam in beweging zijn geweest, groot motorische bewegingsvormen (lopen,
springen) hebben de voorkeur.

Hoe groter de actieve leertijd, hoe beter. Denk de organisatietijd goed uit en beperk
de instructietijd.

Hoe een optimale verhouding krijgen?

Instructietijd: instructie koppelen aan een goede demonstratie. De instructie moet
volledig, bondig zijn.

Organisatietijd: het materiaal zoveel mogelijk op voorhand klaar zetten en/of bij de
start van de les bij de hand hebben.

Actieve leertijd: gebruik maken van herhaling, herhaling zorgt voor herkenning. Laat de
kleuters eenzelfde opdracht voldoende lang uitvoeren.

3. Creativiteits- en inventiviteitsprincipe

Het kind moet de ruimte krijgen en uitgenodigd worden om originele en nieuwe situaties
te bedenken. Het leren van nieuwe bewegingsvormen of bewegingssituaties gebeurt
vooral tijdens een vrij aanbod.

Kleuters moeten uitgenodigd worden tot het inventief oplossen van vooropgestelde
bewegingsproblemen. De wijze waarop de opdracht geformuleerd wordt, bepaalt welke
eigenschap het meeste wordt aangesproken.

, 4. Herhalingsprincipe

Binnen een lesgeheel moet er ruimte zijn voor herhaling. Door aanwijzingen kunnen we
de kleuters soms tot betere, meer aangepaste handelingen laten komen. Herhaling zorgt
voor leereffect. Kleuters beleven plezier aan het herkennen van een situatie.

Herhalen van een basisopdracht met gradatie of variatie geeft de mogelijkheid om van
een gekende opdracht vertrekkende, een haalbare uitdaging aan te bieden.

5. Afwisselingsprincipe

Een goede kleuterleid(st)er zorgt voor een juiste dosering van inspanning en
ontspanning. Intensieve opdrachten afwisselen met rustige opdrachten. Ook een rustige
opdracht gebruiken om je les af te sluiten. Tijdens de activeringsfase is het de
bedoeling dat de kleuters groot motorisch gaan bewegen en hun ganse lichaam
gebruiken.

6. Differentiatieprincipe

In de klas worden we geconfronteerd met een heterogene groep. Niet alle kleuters
durven hetzelfde of beschikken over dezelfde motorische competenties. We gaan er
dus voor zorgen dat elke kleuter, niet ‘dezelfde’ maar ‘beste’ kansen krijgt, dit doen we
door elke kleuter intensief, veelzijdig, met plezier en ruimte voor eigen inbreng moet
kunnen bewegen.

Enkele aandachtspunten:

 Open situaties aanbieden. Voorbeeld les: Zweedse banken, met smalle en brede
zijde, zodat de kleuter kan kiezen over welke bank hij/zij stapt.
 Variatie en gradatie binnen eenzelfde opdracht laten afhangen van wat je de
kleuters ziet doen
 Individuele aanpassingen doen
 Niet iedereen moet dezelfde opdracht volbrengen
 Ontdubbelen van werkposten



7. Variatie- en gradatieprincipe

Een les moet goed opgebouwd zijn. De moeilijkheidsgraad stijgt naarmate het einde.
Voldoende mogelijkheden bieden om op te bouwen en als het blijkt dat het eenvoudig is
opbouwen en omgekeerd. De bewegingssituaties die we aanbieden moeten voldoende
uitnodigend zijn. Variatie brengt afwisseling en verhoogt de betrokkenheid en
vreugdebeleving van de kleuters.

 Variatie: anders maar niet noodzakelijk moeilijker
 Gradatie: anders en moeilijker of makkelijker. Kan ingebouwd zijn in een les,
lessenreeks of binnen volledig schooljaar.

, Voorbeeld gradatie: samenwerkingsoprachten of opdrachten waarbij we de kleuters
zelfstandig iets laten bedenken voor een medekleuter.

8. Veelzijdigheidsprincipe

Binnen éénzelfde les: de kleuters moeten de mogelijkheid krijgen om verschillende
bewegingservaringen op te doen en deze optimaal in tijd, volgens de beschikbare ruimte
en binnen hun mogelijkheden uit te voeren. Hun dus niet steeds op dezelfde manier laten
bewegen!

Over het ganse jaar: de kleuterleid(st)er zorgt voor een rijk aanbod uit de verschillende
domeinen en met verschillende materialen.

9. Veiligheidsprincipe

Kleuters moeten kunnen bewegen in een veilige omgeving

Enkele aandachtspunten:

 Maak op voorhand afspraken (wat mag, wat niet)
 Vermijd rondslingerend materiaal. Wat je niet meer nodig hebt ruim je veilig op.
 Geen bewegingsles op kousen
 Bied hulp bij gevaarlijke oefeningen



1.7.3 Organisatievormen

Wat is organiseren?

Organiseren is ‘vooraf denken’ over hoe je je les zal uitvoeren. Dit om een les vlot te
laten verlopen zodat de kleuters, de toestellen, het materiaal vlug en bedacht kunnen
worden opgesteld.

Organisatievormen zijn een hulpmiddel om zo een efficiënt mogelijk een
bewegingsaanbod te kunnen geven rekening houdende met de beschikbare ruimte,
materiaal, tijd, klasgroep en vooropgesteld doel.

Turnrij of frontrij

 Kleuters op rij naast elkaar, aangezicht naar de leerkracht
 Wanneer? Bij de start van de les, bij uitvoeringen die best rechtlijnig uitgevoerd
worden

Verspreide opstelling

 Kleuters staan verspreid in de zaal
 Wanneer? Bij experimenteren, ruimte en materiaalverkenning bij individuele
oefeningen
$8.99
Accede al documento completo:

100% de satisfacción garantizada
Inmediatamente disponible después del pago
Tanto en línea como en PDF
No estas atado a nada

Conoce al vendedor
Seller avatar
yaravrijders

Conoce al vendedor

Seller avatar
yaravrijders Odisee Hogeschool
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
1
Miembro desde
4 año
Número de seguidores
2
Documentos
1
Última venta
3 año hace

0.0

0 reseñas

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recientemente visto por ti

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes