GZW1023
Introductie Wetenschappelijke
Onderzoeksmethoden
Maastricht University
1
, 04-01 Introductiecollege & Inleiding in de epidemiologie
Een theorie is een samenhangend stelsel van verklaringen en aannames waarmee
empirische regelmatigheden of verschijnselen (zoals ziekte, menselijk gedrag, etc.)
verklaard en voorspeld kunnen worden.
Epidemiologie = de leer van de verspreiding/voorkomen van een ziekte onder het volk.
Ziekte volgens WHO: ‘Een toestand van volkomen sociaal, lichamelijk en psychisch
welbevinden’. Ziekte is een ongewenste verstoring van deze toestand, en een continuüm
van gezond tot dood. Onder het ziekteproces vallen het begin, beloop en de eindtoestand
(genezing of dood).
Symptomen: subjectieve kenmerken ziekte (patiënt)
Signalen: objectieve kenmerken (arts)
Testresultaten: objectieve kenmerken (arts, medische voorgeschiedenis)
Population at risk = het deel van de populatie dat een bepaalde ziekte kan ontwikkelen.
Het vóórkomen van een ziekte wordt uitgedrukt met frenquentiematen. Er wordt
onderscheid gemaakt tussen prevalentie en incidentie.
Prevalentie = het aantal ziektegevallen op een bepaald tijdstip/periode in een
afgebakende populatie (N ziektegevallen / N populatie) x 100%
o Puntprevalentie is op een bepaald tijdstip
o Periodeprevalentie is in een bepaalde periode. Hierbij maak je gebruik
van de ‘mid-term population): (Nbegin + Neind)/2
o Life-time prevalentie is de ziekte ook gehad hebben tijdens de leven
Incidentie = het aantal nieuwe ziektegevallen
2
Introductie Wetenschappelijke
Onderzoeksmethoden
Maastricht University
1
, 04-01 Introductiecollege & Inleiding in de epidemiologie
Een theorie is een samenhangend stelsel van verklaringen en aannames waarmee
empirische regelmatigheden of verschijnselen (zoals ziekte, menselijk gedrag, etc.)
verklaard en voorspeld kunnen worden.
Epidemiologie = de leer van de verspreiding/voorkomen van een ziekte onder het volk.
Ziekte volgens WHO: ‘Een toestand van volkomen sociaal, lichamelijk en psychisch
welbevinden’. Ziekte is een ongewenste verstoring van deze toestand, en een continuüm
van gezond tot dood. Onder het ziekteproces vallen het begin, beloop en de eindtoestand
(genezing of dood).
Symptomen: subjectieve kenmerken ziekte (patiënt)
Signalen: objectieve kenmerken (arts)
Testresultaten: objectieve kenmerken (arts, medische voorgeschiedenis)
Population at risk = het deel van de populatie dat een bepaalde ziekte kan ontwikkelen.
Het vóórkomen van een ziekte wordt uitgedrukt met frenquentiematen. Er wordt
onderscheid gemaakt tussen prevalentie en incidentie.
Prevalentie = het aantal ziektegevallen op een bepaald tijdstip/periode in een
afgebakende populatie (N ziektegevallen / N populatie) x 100%
o Puntprevalentie is op een bepaald tijdstip
o Periodeprevalentie is in een bepaalde periode. Hierbij maak je gebruik
van de ‘mid-term population): (Nbegin + Neind)/2
o Life-time prevalentie is de ziekte ook gehad hebben tijdens de leven
Incidentie = het aantal nieuwe ziektegevallen
2