VIS VOGEL
Skelet is verbeend, Beenderige uitsteeksels Vlugge verbening
Structuur Veel anorganische stoffen
Bescherming Hard en weinig elastisch
Kracht ondersteund Lucht in plaats van beenmerg
Aanmaak rode bloedcellen Luchtruimten
Lichter van kleur dan bij zoogdieren
Bek
Bovenstandig bek Kop
Eindstandig bek Bolvormig en klein neurocranium
Onderstandige bek 1 kogelvormige condylus
Splanchnocranium is kleiner dan
wervelkolom hersengedeelte
Aanhechtingsplaats voor romp- en Hoornsnavel zonder tanden
staartspieren Bovenkaak: meerdere beenderen
Bevat ruggenmerg
Ventrale hemaalboog met ribben Wervelkolom
Vinnen, opgebouwd uit vinstralen Notarium
Synsacrum
Osteologie
Zwemblaas Pygostylus = coccyx = stuitbeen
Zilverachtig vlies
Vis op gewenste diepte houden Thorax
zonder energie te verbruiken door Rugdeel
verandering massadichtheid o Processus uncinatus
Borstdeel
Orgaan van Weber o Sternum met carina
Complex van eerste 4/5 wervels
Trillingen overbrengen naar Bekken
binnenoor Schaambeen = legbeen
Vleugel
Schoudergordel
Coracoideum = ravensbekbeen
Hand = autopodium
Voet
Tarsometatarsus = loopbeen
Benig uitsteeksel = spoor
Digitus 1 = hallux = grote teen
Dwarsgestreept, glad en hartspierweefsel Zeer bleke borstspieren
Myologie
Kan langs alle kanten voortbewegen Grote oppervlakkige borstspier
myomeren Diepe borstspier
Epaxiale en hypaxiale spieren
Dorsaal en horizontaal myoseptum
Skelet is verbeend, Beenderige uitsteeksels Vlugge verbening
Structuur Veel anorganische stoffen
Bescherming Hard en weinig elastisch
Kracht ondersteund Lucht in plaats van beenmerg
Aanmaak rode bloedcellen Luchtruimten
Lichter van kleur dan bij zoogdieren
Bek
Bovenstandig bek Kop
Eindstandig bek Bolvormig en klein neurocranium
Onderstandige bek 1 kogelvormige condylus
Splanchnocranium is kleiner dan
wervelkolom hersengedeelte
Aanhechtingsplaats voor romp- en Hoornsnavel zonder tanden
staartspieren Bovenkaak: meerdere beenderen
Bevat ruggenmerg
Ventrale hemaalboog met ribben Wervelkolom
Vinnen, opgebouwd uit vinstralen Notarium
Synsacrum
Osteologie
Zwemblaas Pygostylus = coccyx = stuitbeen
Zilverachtig vlies
Vis op gewenste diepte houden Thorax
zonder energie te verbruiken door Rugdeel
verandering massadichtheid o Processus uncinatus
Borstdeel
Orgaan van Weber o Sternum met carina
Complex van eerste 4/5 wervels
Trillingen overbrengen naar Bekken
binnenoor Schaambeen = legbeen
Vleugel
Schoudergordel
Coracoideum = ravensbekbeen
Hand = autopodium
Voet
Tarsometatarsus = loopbeen
Benig uitsteeksel = spoor
Digitus 1 = hallux = grote teen
Dwarsgestreept, glad en hartspierweefsel Zeer bleke borstspieren
Myologie
Kan langs alle kanten voortbewegen Grote oppervlakkige borstspier
myomeren Diepe borstspier
Epaxiale en hypaxiale spieren
Dorsaal en horizontaal myoseptum