Externe Stage 2
,INHOUDSOPGAVE
1. Samenvatting ..................................................................................................................................... 2
2. Introductie .......................................................................................................................................... 3
3. Patiëntinformatie ............................................................................................................................... 5
4. Diagnostische gegevens .................................................................................................................. 7
4.1 Theoretisch kader .......................................................................................................................... 7
4.2 Klinische bevindingen .................................................................................................................... 7
4.3 Tijdlijn ............................................................................................................................................ 7
4.4 Diagnostisch onderzoek ................................................................................................................ 8
4.4.1 Meetinstrumenten gericht op pijn ............................................................................................ 8
4.4.2 Meetinstrumenten gericht op functionele beperkingen ........................................................... 8
4.4.3 Meetinstrumenten voor transfers ............................................................................................ 9
4.4.4 Meetinstrumenten voor de mobiliteit ....................................................................................... 9
4.4.5 Meetinstrumenten voor de spierkracht .................................................................................. 10
5. Therapeutische gegevens .............................................................................................................. 11
5.1 Therapeutische interventies ........................................................................................................ 11
5.2 Follow-up en resultaten ............................................................................................................... 11
5.2.1 Meetinstrumenten gericht op pijn .......................................................................................... 12
4.4.2 Meetinstrumenten gericht op functionele beperkingen ......................................................... 12
4.4.3 Meetinstrumenten voor transfers .......................................................................................... 13
4.4.4 Meetinstrumenten voor de mobiliteit ..................................................................................... 13
4.4.5 Meetinstrumenten voor de spierkracht .................................................................................. 13
5.3 Patiëntenperspectief .................................................................................................................... 14
7. Discussie ......................................................................................................................................... 15
Bibliografie........................................................................................................................................... 16
1
, 1. SAMENVATTING
Introductie: zowel nationaal als internationaal laat het aantal knie- en heupartroplastieken
wegens artrose een lineaire stijging zien, onder meer als gevolg van demografische verande-
ringen, een stijgende incidentie omtrent overgewicht, betere langetermijnresultaten van de
operaties, een actievere levensstijl van de (oudere) patiënt en een stijgend aantal orthopedisch
chirurgen (Otten, van Roermund, Susan, & Picavet, 2010). Jaarlijks krijgen gemiddeld rond de
45.000 patiënten een totale heup- en/of knieprothese. De eerste acht weken na een totale
knie- of heupartroplastiek zijn bepalend voor het verdere verloop van het revalidatieproces.
(Conventionele) oefentherapie in combinatie met (actieve en) passieve mobilisatietechnieken
worden veelvuldig toegepast om een optimaal resultaat te kunnen behalen. Desondanks lijkt
er een verschuiving bezig te zijn. Wat zijn de effecten van deze interventies? En zijn er wellicht
nog interventies die succesvoller worden geacht?
Casebeschrijving: in dit case report wordt er gekeken naar de effectiviteit van passieve mo-
bilisatietechnieken en oefentherapie na een totale knieartroplastiek (TKA). Dit case report be-
schrijft een 67-jarige vrouw direct postoperatief na een totale knieartroplastiek. In tegenstelling
tot zovelen heeft mevrouw een lastige start ervaren na het ontwaken van de operatie. Hierdoor
heeft mevrouw een hogere behandelindex dan gemiddeld. Er bleef langere periode een rest-
beperking aanwezig en oefentherapie is later opgestart dan gebruikelijk is.
Diagnose, interventies en resultaten: de diagnose ‘gonartrose’ (links) is reeds gesteld door
de orthopeed/orthopedisch chirurg, op basis van bevindingen uit het lichamelijk onderzoek en
röntgendiagnostiek. Postoperatieve behandeling besloeg passieve mobilisatietechnieken en
(conventionele) oefentherapie. De interventie bestond uit twee behandelingen per week in de
postoperatieve fase. Er is sprake van een gunstig effect op de bewegingsbeperkingen, spier-
kracht en de ervaren pijnintensiteit. Dit is zichtbaar middels de Numeric Pain Rating Scale
(NPRS), Knee Injury and Osteoarthritis Outcome Score (KOOS-PS), goniometrie, 6-Minuten
Wandeltest (6MWT), Handheld Dynamometrie (HHD) en Isometric Functional Squat. Een ach-
teruitgang was te meten in de Timed Up & Go test (TUG).
Conclusie: oefentherapie en passieve mobilisatietechnieken hebben een positief effect op het
beïnvloeden van stoornissen op het gebied van mobiliteit, spierkracht en pijn bij het (postope-
ratieve) herstel na een totale knieartroplastiek (links) bij een 67-jarige vrouw. Het Koninklijk
Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie (KNGF) geeft echter een negatief advies voor
het gebruik van passieve mobilisatietechnieken bij patiënten met heup- en/of knieartrose.
Sleutelwoorden: case report, totale knieartroplastiek, total knee, oefentherapie, mobilisatie-
technieken en spierkracht.
2