------------------------- Samenvatting Molecuulbouw --------------------------
- Molecuulbouw -
Lewisstructuren -------------------------------------------------------------------
➢ Atomen vormen bindingen met elkaar volgens de octetregel, zodat ze een
edelgasconfiguratie krijgen, elk atoom heeft acht valentie-elektronen.
➢ Hoeveel bindingen een atoom aan kan gaan, is covalentie.
○ zuurstof gaat 2 bindingen aan → covalentie van zuurstof is 2
➢ Als je in de structuurformule van een molecuul alle valentie-elektronen tekent, krijg je
de lewisstructuur.
➢ Elektronenpaar → de elektronen komen in tweetallen voor.
➢ Bindend elektronenpaar → het gemeenschappelijke elektronenpaar.
➢ Niet-bindende / vrije elektronenparen → alle overige valentie-elektronen.
➢ Uitgebreid octet → een atoom die meer dan acht elektronen kan opnemen.
➢ Bij een radicaal komen niet alle elektronen in paren voor, maar komt er ook nog een
ongepaard elektron voor.
○ voldoet vaak niet aan de octet regel.
○ reageert snel met andere atomen, moleculen of radicalen.
➢ Als er meer elektronen voorkomen dan het oorspronkelijke aantal valentie-elektronen
dam kan het atoom hierdoor een lading krijgen, dit noem je de formele lading.
VSEPR-theorie --------------------------------------------------------------------
➢ Wanneer er in een molecuul een atoom een beetje negatief geladen is (d-) en het
andere atoom een beetje positief geladen is (d+) → de atoombinding is dan een
polaire atoombinding.
○ de kleine lading die atomen met een polaire binding hebben is de partiële
lading.
➢ Er kan ook een aantrekkingskracht plaatsvinden tussen moleculen. Deze
aantrekkingskracht heet de vanderwaalskracht → er ontstaat een binding die de
vanderwaalsbinding heet.
➢ Een molecuul kan ook een aantrekkingskracht hebben op een H-atoom van het
andere molecuul. Deze binding heet de waterstofbrug.
○ stoffen waarvan de moleculen waterstofbruggen kunnen vormen, zijn
doorgaans goed in water oplosbaar.
➢ Met de VSEPR-methode voorspel je de bouw van een molecuul door het
omringingsgetal van het centrale atoom te bepalen.
➢ Moleculen die partiele ladingen bevatten en die een duidelijke positieve en negatieve
kant hebben zijn dipoolmoleculen (dipolen).
➢ Dipolen kunnen een dipool-dipoolbinding aangaan met watermoleculen, die ook
dipolen zijn.
○ verhoogt de oplosbaarheid.
----------------------------------------------------------------------------------
- Molecuulbouw -
Lewisstructuren -------------------------------------------------------------------
➢ Atomen vormen bindingen met elkaar volgens de octetregel, zodat ze een
edelgasconfiguratie krijgen, elk atoom heeft acht valentie-elektronen.
➢ Hoeveel bindingen een atoom aan kan gaan, is covalentie.
○ zuurstof gaat 2 bindingen aan → covalentie van zuurstof is 2
➢ Als je in de structuurformule van een molecuul alle valentie-elektronen tekent, krijg je
de lewisstructuur.
➢ Elektronenpaar → de elektronen komen in tweetallen voor.
➢ Bindend elektronenpaar → het gemeenschappelijke elektronenpaar.
➢ Niet-bindende / vrije elektronenparen → alle overige valentie-elektronen.
➢ Uitgebreid octet → een atoom die meer dan acht elektronen kan opnemen.
➢ Bij een radicaal komen niet alle elektronen in paren voor, maar komt er ook nog een
ongepaard elektron voor.
○ voldoet vaak niet aan de octet regel.
○ reageert snel met andere atomen, moleculen of radicalen.
➢ Als er meer elektronen voorkomen dan het oorspronkelijke aantal valentie-elektronen
dam kan het atoom hierdoor een lading krijgen, dit noem je de formele lading.
VSEPR-theorie --------------------------------------------------------------------
➢ Wanneer er in een molecuul een atoom een beetje negatief geladen is (d-) en het
andere atoom een beetje positief geladen is (d+) → de atoombinding is dan een
polaire atoombinding.
○ de kleine lading die atomen met een polaire binding hebben is de partiële
lading.
➢ Er kan ook een aantrekkingskracht plaatsvinden tussen moleculen. Deze
aantrekkingskracht heet de vanderwaalskracht → er ontstaat een binding die de
vanderwaalsbinding heet.
➢ Een molecuul kan ook een aantrekkingskracht hebben op een H-atoom van het
andere molecuul. Deze binding heet de waterstofbrug.
○ stoffen waarvan de moleculen waterstofbruggen kunnen vormen, zijn
doorgaans goed in water oplosbaar.
➢ Met de VSEPR-methode voorspel je de bouw van een molecuul door het
omringingsgetal van het centrale atoom te bepalen.
➢ Moleculen die partiele ladingen bevatten en die een duidelijke positieve en negatieve
kant hebben zijn dipoolmoleculen (dipolen).
➢ Dipolen kunnen een dipool-dipoolbinding aangaan met watermoleculen, die ook
dipolen zijn.
○ verhoogt de oplosbaarheid.
----------------------------------------------------------------------------------