Datum
Duoboekverslag
Boek 1: Een nieuwer testament Boek 2: De wegen der verbeelding
,Een nieuwer testament
Hella S. Haase
, Romananalyse
Kop: Hella S. Haasse, Een nieuwer testament. Uitgeverij Querido, Amsterdam, achtste
druk 2004. Oorspronkelijke uitgave: 1966.
Motto:
Qui fuerant genitor natus nunc prosilit idem
Succeditque novus: geminae confinia vitae
Exiguo medius discrimine separat ignis.
- Claudius Claudianus
Uit eigen as wiekt hij omhoog, de zoon uit de vader, opvolger weer van zichzelf; tussen
leven en leven kortstondige kwelling, slechts even: een drempel van vuur.
Dit is een bestaand gedicht van Claudius Claudianus genaamd Phoenix. “Opvolger van
zichzelf” verwijst naar dat hij gedurende zijn leven naar een identiteit zoekt en nooit
precies een zoon is geweest.
Genre: Een psychologisch ideeënroman
Samenvatting:
Aan het verhaal gaat de volgende mededeling vooraf: 'De handeling van de roman speelt
zich af op de vijfde en zesde juli AD 417 te Rome'. Op die twee dagen wordt in Rome een
proces gevoerd waarmee de roman begint en eindigt. Die heeft daardoor het karakter van
een raamvertelling. In het proces ' dat binnen een etmaal afgehandeld dient te worden '
moet de Romeinse prefect Hadrianus vonnis wijzen tegen een verlopen zwerver die zich
Niliacus (aan de Nijl geboren) noemt, maar die Hadrianus onmiddellijk herkend heeft als
de eertijds gevierde dichter Claudius Claudianus. Tien jaar geleden is Claudianus al door
Hadrianus uit Rome verbannen vanwege zijn gezagsondermijnende poëzie. Op terugkeer
staat de doodstraf. Maar Claudianus heeft die dreiging getrotseerd en is als Niliacus
heimelijk naar Rome teruggekeerd, waar hij zich schuilhoudt in een van de huurkazernes
in een armenwijk.
Niliacus is gearresteerd in de tuin van de rijke 'heiden' Marcus Anicius Rufus, die
eveneens met enkele gasten terechtstaat, omdat hij tijdens de maaltijd door twee acteurs
een mythologische liefdesdans liet uitvoeren. Onder christenkeizer Honorius zijn echter
alle heidense rituelen en vermaken (ook binnenshuis) ten strengste verboden. Ook deze
mannen wacht dus een zware straf.
Dan verspringt het verhaal, om in enkele lange flashbacks het verleden van Hadrianus en
Claudianus te schetsen. Ze zijn allebei in Egypte geboren. Hadrianus was er van jongs af
aan op gebrand volwaardig Romein te worden. Dat lukte: hij verwierf het
staatsburgerschap, werd christen en als jong bestuursambtenaar werd hij gedetacheerd
in de Romeins-Egyptische provincie Fayyum bij Alexandrië. Daar zocht hij regelmatig
contact met de schatrijke joodse grootgrondbezitter Eliezar.
Bij een van die bezoeken betrapten zij het Egyptische jongetje Klafthi op het slachten van
een haan, bestemd voor een hanenoffer. Ook zulke offers waren in het gekerstende
Duoboekverslag
Boek 1: Een nieuwer testament Boek 2: De wegen der verbeelding
,Een nieuwer testament
Hella S. Haase
, Romananalyse
Kop: Hella S. Haasse, Een nieuwer testament. Uitgeverij Querido, Amsterdam, achtste
druk 2004. Oorspronkelijke uitgave: 1966.
Motto:
Qui fuerant genitor natus nunc prosilit idem
Succeditque novus: geminae confinia vitae
Exiguo medius discrimine separat ignis.
- Claudius Claudianus
Uit eigen as wiekt hij omhoog, de zoon uit de vader, opvolger weer van zichzelf; tussen
leven en leven kortstondige kwelling, slechts even: een drempel van vuur.
Dit is een bestaand gedicht van Claudius Claudianus genaamd Phoenix. “Opvolger van
zichzelf” verwijst naar dat hij gedurende zijn leven naar een identiteit zoekt en nooit
precies een zoon is geweest.
Genre: Een psychologisch ideeënroman
Samenvatting:
Aan het verhaal gaat de volgende mededeling vooraf: 'De handeling van de roman speelt
zich af op de vijfde en zesde juli AD 417 te Rome'. Op die twee dagen wordt in Rome een
proces gevoerd waarmee de roman begint en eindigt. Die heeft daardoor het karakter van
een raamvertelling. In het proces ' dat binnen een etmaal afgehandeld dient te worden '
moet de Romeinse prefect Hadrianus vonnis wijzen tegen een verlopen zwerver die zich
Niliacus (aan de Nijl geboren) noemt, maar die Hadrianus onmiddellijk herkend heeft als
de eertijds gevierde dichter Claudius Claudianus. Tien jaar geleden is Claudianus al door
Hadrianus uit Rome verbannen vanwege zijn gezagsondermijnende poëzie. Op terugkeer
staat de doodstraf. Maar Claudianus heeft die dreiging getrotseerd en is als Niliacus
heimelijk naar Rome teruggekeerd, waar hij zich schuilhoudt in een van de huurkazernes
in een armenwijk.
Niliacus is gearresteerd in de tuin van de rijke 'heiden' Marcus Anicius Rufus, die
eveneens met enkele gasten terechtstaat, omdat hij tijdens de maaltijd door twee acteurs
een mythologische liefdesdans liet uitvoeren. Onder christenkeizer Honorius zijn echter
alle heidense rituelen en vermaken (ook binnenshuis) ten strengste verboden. Ook deze
mannen wacht dus een zware straf.
Dan verspringt het verhaal, om in enkele lange flashbacks het verleden van Hadrianus en
Claudianus te schetsen. Ze zijn allebei in Egypte geboren. Hadrianus was er van jongs af
aan op gebrand volwaardig Romein te worden. Dat lukte: hij verwierf het
staatsburgerschap, werd christen en als jong bestuursambtenaar werd hij gedetacheerd
in de Romeins-Egyptische provincie Fayyum bij Alexandrië. Daar zocht hij regelmatig
contact met de schatrijke joodse grootgrondbezitter Eliezar.
Bij een van die bezoeken betrapten zij het Egyptische jongetje Klafthi op het slachten van
een haan, bestemd voor een hanenoffer. Ook zulke offers waren in het gekerstende