ANATOMIE:
samenvatting cursus: vrije onderste lidmaat I
1. beenderen
femur (dijbeen)
oriëntatie
➔ langste been van organisme
➔ twee typische epiphysen
◆ kam is naar dorsaal gericht
◆ bolvormige epiphyse is proximaal gelegen (collum wijst naar mediaal)
beschrijving
➔ corpus femoris = schacht van dijbeen
◆ driehoekig op doorsnede
◆ drie gladde facies
◆ drie margines
● twee ventrale margines (afgerond)
➔ linea aspera = ruwe kam met drie lijnen (dorsale tweelippige verdikking): twee labium’s
◆ linea intermedia
● loopt proximaal door in linea pectinea (dorsaal, onder trochanter minor)
◆ labium mediale
● loopt proximaal door in linea intertrochanterica (ventraal)
◆ = ventrale overgang van collum femoris op corpus femoris
○ crista intertrochanterica (dorsaal)
◆ = dorsale overgang van collum femoris op corpus femoris
● loopt rond trochanter minor langs mediaal
◆ labium laterale
● loopt proximaal door in tuberositas glutea (dorsaal)
○ soms zeer sterk ontwikkeld: trochanter tertius
➔ labia mediale + linea laterale gaan facies poplitea begrenzen (distaal)
collum femoris + corpus femoris + extremitas proximalis + extremitas distalis
➔ proximale epiphyse
◆ caput femoris
● bolvormig, articulair oppervlak dat ⅔ van sfeer inneemt
● grens = twee curven met concaviteit naar buiten
● fovea capitis femoris
○ onderbreking van gladde boloppervlak
○ via ligament wordt heupkop gevoed door bloedvat
◆ collum femoris
● dorsoventrale, afgeplatte verbinding tussen caput en corpus
● vormt hoek van 130° met corpus
○ verschilt van leeftijd tot leeftijd!!
○ driejarige = 145° - volwassen = 126° - ouderen = 120°
, ● begrenzing
○ vooraan = linea intertrochanterica
○ achteraan = crista intertrochanterica
○ verbindt trochanteren op overgang van collum naar diaphyse
◆ trochanter maior
● grootste
● naar proximaal gericht
● fossa trochanterica
● facetten en indeukingen voor spieraanhechtingen
◆ trochanter minor
● kleinste
● mediaalwaartse voortzetting van van linea pectinea en van crista
intertrochanterica
➔ distale epiphyse
◆ condylus medialis en lateralis (verbonden door linea intercondylaris)
● = gewrichtsoppervlakken
● bekleed met kraakbeen
● zet zich voort naar ventraal toe als facies patellaris
● articulaire oppervlakkig is spiraalvormig gewonden
◆ dorsaal tussen beide condylussen: fossa intercondylaris
● basis van facies poplitea (driehoek proximaal van lintea intercondylaris)
◆ epicondylus medialis en lateralis
● = bot waarop bekleding ligt
➔ er is een asymmetrie!
◆ facies patellaris wordt in twee gedeeld door verticale groeve
● groot fibulair vlak → condylus fibularis is klein (lateraal)
○ lang en breed
● klein tibiaal vlak → condylus tibialis is groot
○ kort en smal
◆ epicondylus lateralis en medialis = palpabel
● lateralis heeft sulcus popliteus
● medialis heeft tuberculum adductorium (plaats voor spieraanhechting)
◆ fossa intercondylaris op achterzijde
● proximaal begrensd door linea intercondylaris
2. beenverbindingen
art. coxae (heupgewricht)
gewrichtsvlakken: klassieke pan en kop
➔ pan = acetabulum (facies lunata)
◆ fragment van sfeer (minder dan halve sfeeroppervlakte)
◆ onderbroken door fossa acetabulum
◆ facies lunata is bedekt met kraakbeen (niets anders)
◆ labrum acetabulum
● vezelkraakbeen
samenvatting cursus: vrije onderste lidmaat I
1. beenderen
femur (dijbeen)
oriëntatie
➔ langste been van organisme
➔ twee typische epiphysen
◆ kam is naar dorsaal gericht
◆ bolvormige epiphyse is proximaal gelegen (collum wijst naar mediaal)
beschrijving
➔ corpus femoris = schacht van dijbeen
◆ driehoekig op doorsnede
◆ drie gladde facies
◆ drie margines
● twee ventrale margines (afgerond)
➔ linea aspera = ruwe kam met drie lijnen (dorsale tweelippige verdikking): twee labium’s
◆ linea intermedia
● loopt proximaal door in linea pectinea (dorsaal, onder trochanter minor)
◆ labium mediale
● loopt proximaal door in linea intertrochanterica (ventraal)
◆ = ventrale overgang van collum femoris op corpus femoris
○ crista intertrochanterica (dorsaal)
◆ = dorsale overgang van collum femoris op corpus femoris
● loopt rond trochanter minor langs mediaal
◆ labium laterale
● loopt proximaal door in tuberositas glutea (dorsaal)
○ soms zeer sterk ontwikkeld: trochanter tertius
➔ labia mediale + linea laterale gaan facies poplitea begrenzen (distaal)
collum femoris + corpus femoris + extremitas proximalis + extremitas distalis
➔ proximale epiphyse
◆ caput femoris
● bolvormig, articulair oppervlak dat ⅔ van sfeer inneemt
● grens = twee curven met concaviteit naar buiten
● fovea capitis femoris
○ onderbreking van gladde boloppervlak
○ via ligament wordt heupkop gevoed door bloedvat
◆ collum femoris
● dorsoventrale, afgeplatte verbinding tussen caput en corpus
● vormt hoek van 130° met corpus
○ verschilt van leeftijd tot leeftijd!!
○ driejarige = 145° - volwassen = 126° - ouderen = 120°
, ● begrenzing
○ vooraan = linea intertrochanterica
○ achteraan = crista intertrochanterica
○ verbindt trochanteren op overgang van collum naar diaphyse
◆ trochanter maior
● grootste
● naar proximaal gericht
● fossa trochanterica
● facetten en indeukingen voor spieraanhechtingen
◆ trochanter minor
● kleinste
● mediaalwaartse voortzetting van van linea pectinea en van crista
intertrochanterica
➔ distale epiphyse
◆ condylus medialis en lateralis (verbonden door linea intercondylaris)
● = gewrichtsoppervlakken
● bekleed met kraakbeen
● zet zich voort naar ventraal toe als facies patellaris
● articulaire oppervlakkig is spiraalvormig gewonden
◆ dorsaal tussen beide condylussen: fossa intercondylaris
● basis van facies poplitea (driehoek proximaal van lintea intercondylaris)
◆ epicondylus medialis en lateralis
● = bot waarop bekleding ligt
➔ er is een asymmetrie!
◆ facies patellaris wordt in twee gedeeld door verticale groeve
● groot fibulair vlak → condylus fibularis is klein (lateraal)
○ lang en breed
● klein tibiaal vlak → condylus tibialis is groot
○ kort en smal
◆ epicondylus lateralis en medialis = palpabel
● lateralis heeft sulcus popliteus
● medialis heeft tuberculum adductorium (plaats voor spieraanhechting)
◆ fossa intercondylaris op achterzijde
● proximaal begrensd door linea intercondylaris
2. beenverbindingen
art. coxae (heupgewricht)
gewrichtsvlakken: klassieke pan en kop
➔ pan = acetabulum (facies lunata)
◆ fragment van sfeer (minder dan halve sfeeroppervlakte)
◆ onderbroken door fossa acetabulum
◆ facies lunata is bedekt met kraakbeen (niets anders)
◆ labrum acetabulum
● vezelkraakbeen