GOO-1B.SAMEN5-20
PRAKTISCHE
VAARDIGHEDEN
Daan van Kouteren
Opleiding: Orthoptie
, Inhoudsopgave:
Binoculair enkelzien testen: Blz. 2-5
- TNO Blz. 2
- Lang I en Lang II Blz. 2-3
- Titmus fly Blz. 3
- Glaasjes van bagolini met prismafusie horizontaal Blz. 3-4
- Four dot test Blz. 5
Oogstand: Blz. 5-9
- Covertest Blz. 5-6
- Prismacovertest Blz. 6-7
- Maddoxglas Blz. 7-8
- Maddoxwing Blz. 8
- AC/A Gradiëntmethode Blz. 8-9
Oogbewegingen: Blz. 9-12
- Motiliteit/Oogbewegingen Blz. 9-11
- Bielschowsky Blz. 11-12
Accommodatie en convergentie: Blz. 12-13
- RAF Accommodatie Blz. 12-13
- RAF Convergentie Blz. 13
Refractie: Blz. 14-19
- Binoculair rood-groen Blz. 14-15
- Polaroidregels Blz. 15-16
- Fysiologisch septum Blz. 16-17
- Skiascopie Blz. 17-18
- Brückner Blz. 18-19
2 Stappenplan Samenwerking en ontwikkeling.
Praktische vaardigheden.
, Type test: Binoculair enkelzien
TNO - Kwantitatieve tweedimensionale test.
- Disparatie gaat tot 15’’.
- Het principe is gebaseerd op random dots, het
gebeurt zelden dat strabenten met een
abnormale correspondentie deze test zien.
- Hoewel het alsnog mogelijk kan zijn dat de test
gedeeltelijk positief ziet.
Doel - Subjectief dieptezien bepalen.
Benodigdheden - Boekje TNO.
- Rood-groen bril.
Afstand - 30cm-40cm.
Uitvoering - Zorg voor goede verlichting.
- Indien nodig zorg voor een passende nabij
correctie.
- Houdt het boekje iets schuin op de gepaste
afstand.
- Voer de test uit (zie vraagstelling)
Vraagstelling - Plaat 1:
- - Hoeveel vlinders zie je?
- Plaat: 2
- - Welke figuren zie je en waar zitten ze?
- Plaat 5-7:
- - Waar is een stukje uit de cirkel?
Notatie - Naam van de test.
- Mec./Mc./Zc.
- Indien torticollis: Mtt./ztt.
- Pos./Neg.
- Indien Positief: aantal boogseconden (bgsec of ‘’)
Lang I en Lang II - Grove kwantitatieve tweedimensionale test.
- Lang I en Lang II is ontworpen als screeningstest
om in de grove lijnen te bepalen of er
stereoscopisch aanwezig is.
- Makkelijk uit te voeren bij jonge kinderen.
Benodigdheden - Lang I en Lang II.
Afstand - 40cm
Uitvoering - Zorg voor goede verlichting.
- Houdt de kaart op de gepaste afstand schuin.
- Beweeg het kaartje niet.
- Zorg ervoor dat de patiënt het hoofd stilhoudt.
- Als nabij correctie nodig pas deze toe.
- Vraag welke plaatjes gezien worden.
Lang I - Kat 1200’’
- Ster 600’’
- Auto 550’’
2 Stappenplan Samenwerking en ontwikkeling.
Praktische vaardigheden.
PRAKTISCHE
VAARDIGHEDEN
Daan van Kouteren
Opleiding: Orthoptie
, Inhoudsopgave:
Binoculair enkelzien testen: Blz. 2-5
- TNO Blz. 2
- Lang I en Lang II Blz. 2-3
- Titmus fly Blz. 3
- Glaasjes van bagolini met prismafusie horizontaal Blz. 3-4
- Four dot test Blz. 5
Oogstand: Blz. 5-9
- Covertest Blz. 5-6
- Prismacovertest Blz. 6-7
- Maddoxglas Blz. 7-8
- Maddoxwing Blz. 8
- AC/A Gradiëntmethode Blz. 8-9
Oogbewegingen: Blz. 9-12
- Motiliteit/Oogbewegingen Blz. 9-11
- Bielschowsky Blz. 11-12
Accommodatie en convergentie: Blz. 12-13
- RAF Accommodatie Blz. 12-13
- RAF Convergentie Blz. 13
Refractie: Blz. 14-19
- Binoculair rood-groen Blz. 14-15
- Polaroidregels Blz. 15-16
- Fysiologisch septum Blz. 16-17
- Skiascopie Blz. 17-18
- Brückner Blz. 18-19
2 Stappenplan Samenwerking en ontwikkeling.
Praktische vaardigheden.
, Type test: Binoculair enkelzien
TNO - Kwantitatieve tweedimensionale test.
- Disparatie gaat tot 15’’.
- Het principe is gebaseerd op random dots, het
gebeurt zelden dat strabenten met een
abnormale correspondentie deze test zien.
- Hoewel het alsnog mogelijk kan zijn dat de test
gedeeltelijk positief ziet.
Doel - Subjectief dieptezien bepalen.
Benodigdheden - Boekje TNO.
- Rood-groen bril.
Afstand - 30cm-40cm.
Uitvoering - Zorg voor goede verlichting.
- Indien nodig zorg voor een passende nabij
correctie.
- Houdt het boekje iets schuin op de gepaste
afstand.
- Voer de test uit (zie vraagstelling)
Vraagstelling - Plaat 1:
- - Hoeveel vlinders zie je?
- Plaat: 2
- - Welke figuren zie je en waar zitten ze?
- Plaat 5-7:
- - Waar is een stukje uit de cirkel?
Notatie - Naam van de test.
- Mec./Mc./Zc.
- Indien torticollis: Mtt./ztt.
- Pos./Neg.
- Indien Positief: aantal boogseconden (bgsec of ‘’)
Lang I en Lang II - Grove kwantitatieve tweedimensionale test.
- Lang I en Lang II is ontworpen als screeningstest
om in de grove lijnen te bepalen of er
stereoscopisch aanwezig is.
- Makkelijk uit te voeren bij jonge kinderen.
Benodigdheden - Lang I en Lang II.
Afstand - 40cm
Uitvoering - Zorg voor goede verlichting.
- Houdt de kaart op de gepaste afstand schuin.
- Beweeg het kaartje niet.
- Zorg ervoor dat de patiënt het hoofd stilhoudt.
- Als nabij correctie nodig pas deze toe.
- Vraag welke plaatjes gezien worden.
Lang I - Kat 1200’’
- Ster 600’’
- Auto 550’’
2 Stappenplan Samenwerking en ontwikkeling.
Praktische vaardigheden.