Anatomie en fysiologie
Spijsverteringstelsel
Functies van het spijsverteringsstelsel
Ingestie = inname van voedsel en vocht
Mechanische bewerking van voedsel door tong, gebit en nadien door
knedende en mengende bewegingen van maag en darmen (peristaltiek =
mechanische bewegingen waardoor voedsel wordt vooruit gestuwd)
Vertering = chemische afbraak van voedsel tot kleine organische stoffen
die daardoor door wanden van spijsverteringsstelsel kunnen worden
opgenomen
Opname = verplaatsing van kleine stoffen door wand van
spijsverteringsstelsel naar interstitiële vloeistof en naar bloedvaten
Secretie van water, zuren en enzymen in functie van de vertering
Uitscheiding van afvalstoffen onder de vorm van ontlasting (faeces) via
defaecatie
Structuur en functie van onderdelen van maagdarmkanaal: mond,
pharynx, oesophagus, maag, dunne darm en dikke darm
Mond en pharynx: structuur
Functies:
Smaak en tasten door tong (tast-, temperatuur- en smaakzintuigen)
Kauwen = mechanische verwerking van voedsel door gebit, tong en
oppervlakken van gehemelte
Bevochtigen van voedsel met slijm en speeksel (speekselklieren)
Vertering start (koolhydraten)
Slikken
SPEEKSELKLIEREN
, 1 tot 1,5 liter speeksel per dag
Bestaat uit: water (99,4%), slijmstoffen en verschillende ionen, enzymen,
antistoffen...
Speekselproductie geregeld door autonoom zenuwstelsel (stimulatie
parasympathisch deel 'rest and digest': verhoogde speekselproductie)
Functies: bevochtigen voedsel, schoonmaken mond, smaak (door
chemische stoffen die smaakknopjes stimuleren), afweer door antistoffen,
vertering van koolhydraten (enzym amylase: breekt zetmeel af tot
kleinere moleculen)
Histologische organisatie maagdarmkanaal
4 lagen:
▪Mucosa: binnenbekleding: slijmvlies
▪Submucosa: los bindweefsel; hier lopen bloedvaten en lymfevaten en
zenuwen
▪Muscularis externa: 2 lagen: lengtespieren en circulaire spieren
▪Serosa (buitenlaag)
Peristaltiek en segmentatiebewegingen in maagdarmkanaal
Muscularis externa
o Lengte spieren
o Circulaire spieren
Spijsverteringstelsel
Functies van het spijsverteringsstelsel
Ingestie = inname van voedsel en vocht
Mechanische bewerking van voedsel door tong, gebit en nadien door
knedende en mengende bewegingen van maag en darmen (peristaltiek =
mechanische bewegingen waardoor voedsel wordt vooruit gestuwd)
Vertering = chemische afbraak van voedsel tot kleine organische stoffen
die daardoor door wanden van spijsverteringsstelsel kunnen worden
opgenomen
Opname = verplaatsing van kleine stoffen door wand van
spijsverteringsstelsel naar interstitiële vloeistof en naar bloedvaten
Secretie van water, zuren en enzymen in functie van de vertering
Uitscheiding van afvalstoffen onder de vorm van ontlasting (faeces) via
defaecatie
Structuur en functie van onderdelen van maagdarmkanaal: mond,
pharynx, oesophagus, maag, dunne darm en dikke darm
Mond en pharynx: structuur
Functies:
Smaak en tasten door tong (tast-, temperatuur- en smaakzintuigen)
Kauwen = mechanische verwerking van voedsel door gebit, tong en
oppervlakken van gehemelte
Bevochtigen van voedsel met slijm en speeksel (speekselklieren)
Vertering start (koolhydraten)
Slikken
SPEEKSELKLIEREN
, 1 tot 1,5 liter speeksel per dag
Bestaat uit: water (99,4%), slijmstoffen en verschillende ionen, enzymen,
antistoffen...
Speekselproductie geregeld door autonoom zenuwstelsel (stimulatie
parasympathisch deel 'rest and digest': verhoogde speekselproductie)
Functies: bevochtigen voedsel, schoonmaken mond, smaak (door
chemische stoffen die smaakknopjes stimuleren), afweer door antistoffen,
vertering van koolhydraten (enzym amylase: breekt zetmeel af tot
kleinere moleculen)
Histologische organisatie maagdarmkanaal
4 lagen:
▪Mucosa: binnenbekleding: slijmvlies
▪Submucosa: los bindweefsel; hier lopen bloedvaten en lymfevaten en
zenuwen
▪Muscularis externa: 2 lagen: lengtespieren en circulaire spieren
▪Serosa (buitenlaag)
Peristaltiek en segmentatiebewegingen in maagdarmkanaal
Muscularis externa
o Lengte spieren
o Circulaire spieren