13: BIOLOGISCHE BENADERING:
PSYCHOPATHOLOGISCHE STOORNISSEN
DE WERKING VAN NEUROTRANSMITTERS
De informatieoverdracht in de zenuwcellen gebeurt op 2 manieren :
§de informatieoverdracht binnen de neuronen gebeurt op basis van een elektrische geleiding → via
actiepotentialen
§de informatieoverdracht tussen neuronen gebeurt op basis van een chemische geleiding → via
neurotransmitters
Het signaal wordt binnen de neuronen onder de vorm van zenuwimpulsen = korte stroomstootjes =
actiepotentialen door gegeven.
Het gaat om een stroomstootje van ongeveer 100 millivolt met een duurtijd van ongeveer 1
milliseconde.
Als een actiepotentiaal door het neuron flitst, zeggen we ook wel dat deze cel ‘vuurt’.
Het ACTIEPOTENTIAAL
binnen van de neuronen
Het signaal komt via de receptoren die verspreid zitten over de dendrieten de zenuwcel binnen.
Het signaal wordt dan in het cellichaam verwerkt en gecombineerd met andere binnen komende
informatie.
Het signaal verlaat de cel via het eindknoppen op het einde van het axon.
De NEUROTRANSMITTERS
tussen van de neuronen
Het signaal wordt tussen de neuronen onder de vorm van chemische impulsen of neurotransmitters
door gegeven.
,De rol van de NEUROTRANSMITTERS
tussen de neuronen
Een elektrische impuls eindigt bij de eindknoppen van het neuron.
De elektrische impuls wordt omgezet in een chemische impuls. Het eindknopje het presynaptisch
neuron geeft neurotransmitters vrij.
De neurotransmitter bindt zich aan deze specifieke receptor
Er ontstaat een chemische verandering in die cel
Er ontstaat een chemische verandering in die cel wanneer een bepaalde drempelwaarde wordt bereikt
Er wordt een elektrische impuls opgewekt in het cellichaam van het postsynaptisch neuron
Er ontstaat een chemische verandering in die cel wanneer een bepaalde drempelwaarde wordt bereikt
Er wordt een elektrische impuls opgewekt in het cellichaam van het postsynaptisch neuron
De rol van de NEUROTRANSMITTERS
tussen de neuronen
Op het oppervlak van de volgende zenuw bevinden zich de receptoren. De verschillende
neurotransmitters passen elk op één specifiek type receptor
Een zenuwcel kan verschillende types receptoren hebben, zo kan een neuron reageren op een groot
aantal verschillende neurotransmitters.
Er zijn verschillende receptoren voor dezelfde neuro-transmitter. Daardoor kan één type
neurotransmitter verschillende reacties uitlokken, afhankelijk van de receptor waaraan hij zich bindt.
Als een bepaalde neurotransmitter past op één bepaalde receptorontstaat een chemisch proces dat
uiteindelijk leidt tot een actiepotentiaal in het neuron
Het signaal wordt tussen de neuronen
-soms versterkt, sommige synapsen zijn exciterend, dat wil zeggen dat de neurotransmitter ervoor zorgt
het neuron aan de overkant van de spleet dichter bij de drempelwaarde komt voor het opwekken
van een zenuwimpuls
De neurotransmitter prikkelt in dit geval dus de volgende zenuwcel.
-soms verzwakt, andere synapsen zijn inhiberende, dat wil zeggen dat de neurotransmitter ervoor zorgt
dat het neuron aan de overkant van de spleet dichter bij zijn rustwaarde komt en er dus geen
zenuwimpuls wordt doorgegeven
De neurotransmitter zorgt er in dit geval voor dat de volgende zenuwvel moeilijker te prikkelen is.
, De som van alle exciterende en inhiberende boodschap-pen bepaalt of de drempelwaarde voor het
opwekken van een zenuwimpuls bereikt wordt en
- of het volgend neuron een boodschap zal doorgeven
-in welk tempo het dit zal doen
Elk neuron integreert zo continu tot 1000 synaptische inputs. Elk neuron functioneert dan ook als een
soort gesofisticeerde computer, die voortdurend informatie verwerkt
De NEUROTRANSMITTERS
Er bestaan meer dan 50 verschillende neurotransmitters, elk met een specifiek effect in bepaalde delen
van de hersenen
§Eenzelfde neurotransmitter kan een verschillend effect hebben naargelang de plaats in de hersenen.
§
§Niet alle neurotransmitters willekeurig over de hersenen actief zijn,
maar bepaalde neurotransmitters zich concentreren in bepaalde hersengebieden.
§
Neurotransmitters vormen geen statisch geheel maar worden voortdurend opgebouwd en afgebroken.
Er kan dan ook op een bepaald moment een tekort of overschot optreden aan bepaalde
neurotransmitters
PSYCHOPATHOLOGIE EN NEUROTRANSMITTERS
De mechanismen is veel ingewikkelder dan een simpel te veel of te weinig van één bepaalde
neurotransmitter.
Het gaat niet alleen om:
·de concentratie van bepaalde neurotransmitters
Een teveel of een tekort aan bepaalde neurotransmitters ligt aan de basis van allerlei symptomen.
Extreem hoge concentraties aan dopamine psychotische symptomen bij mensen met
schizofrenie.
Een te lage concentratie van serotonine en noradrenaline depressoeve symptomen.
§de hoeveelheid presynaptische neuronen die de neurotransmitters herabsorberen.
Via bepaalde antidepressiva probeert men bijvoorbeeld de heropname van de neurotransmitter
serotonine te verhinderen de concentratie van serotonine wordt verhoogd
serotonine prikkelt de volgende zenuw langer een vermindering van bepaalde depressieve
symptomen.
·het aantal receptoren voor deze neurotransmitters
PSYCHOPATHOLOGISCHE STOORNISSEN
DE WERKING VAN NEUROTRANSMITTERS
De informatieoverdracht in de zenuwcellen gebeurt op 2 manieren :
§de informatieoverdracht binnen de neuronen gebeurt op basis van een elektrische geleiding → via
actiepotentialen
§de informatieoverdracht tussen neuronen gebeurt op basis van een chemische geleiding → via
neurotransmitters
Het signaal wordt binnen de neuronen onder de vorm van zenuwimpulsen = korte stroomstootjes =
actiepotentialen door gegeven.
Het gaat om een stroomstootje van ongeveer 100 millivolt met een duurtijd van ongeveer 1
milliseconde.
Als een actiepotentiaal door het neuron flitst, zeggen we ook wel dat deze cel ‘vuurt’.
Het ACTIEPOTENTIAAL
binnen van de neuronen
Het signaal komt via de receptoren die verspreid zitten over de dendrieten de zenuwcel binnen.
Het signaal wordt dan in het cellichaam verwerkt en gecombineerd met andere binnen komende
informatie.
Het signaal verlaat de cel via het eindknoppen op het einde van het axon.
De NEUROTRANSMITTERS
tussen van de neuronen
Het signaal wordt tussen de neuronen onder de vorm van chemische impulsen of neurotransmitters
door gegeven.
,De rol van de NEUROTRANSMITTERS
tussen de neuronen
Een elektrische impuls eindigt bij de eindknoppen van het neuron.
De elektrische impuls wordt omgezet in een chemische impuls. Het eindknopje het presynaptisch
neuron geeft neurotransmitters vrij.
De neurotransmitter bindt zich aan deze specifieke receptor
Er ontstaat een chemische verandering in die cel
Er ontstaat een chemische verandering in die cel wanneer een bepaalde drempelwaarde wordt bereikt
Er wordt een elektrische impuls opgewekt in het cellichaam van het postsynaptisch neuron
Er ontstaat een chemische verandering in die cel wanneer een bepaalde drempelwaarde wordt bereikt
Er wordt een elektrische impuls opgewekt in het cellichaam van het postsynaptisch neuron
De rol van de NEUROTRANSMITTERS
tussen de neuronen
Op het oppervlak van de volgende zenuw bevinden zich de receptoren. De verschillende
neurotransmitters passen elk op één specifiek type receptor
Een zenuwcel kan verschillende types receptoren hebben, zo kan een neuron reageren op een groot
aantal verschillende neurotransmitters.
Er zijn verschillende receptoren voor dezelfde neuro-transmitter. Daardoor kan één type
neurotransmitter verschillende reacties uitlokken, afhankelijk van de receptor waaraan hij zich bindt.
Als een bepaalde neurotransmitter past op één bepaalde receptorontstaat een chemisch proces dat
uiteindelijk leidt tot een actiepotentiaal in het neuron
Het signaal wordt tussen de neuronen
-soms versterkt, sommige synapsen zijn exciterend, dat wil zeggen dat de neurotransmitter ervoor zorgt
het neuron aan de overkant van de spleet dichter bij de drempelwaarde komt voor het opwekken
van een zenuwimpuls
De neurotransmitter prikkelt in dit geval dus de volgende zenuwcel.
-soms verzwakt, andere synapsen zijn inhiberende, dat wil zeggen dat de neurotransmitter ervoor zorgt
dat het neuron aan de overkant van de spleet dichter bij zijn rustwaarde komt en er dus geen
zenuwimpuls wordt doorgegeven
De neurotransmitter zorgt er in dit geval voor dat de volgende zenuwvel moeilijker te prikkelen is.
, De som van alle exciterende en inhiberende boodschap-pen bepaalt of de drempelwaarde voor het
opwekken van een zenuwimpuls bereikt wordt en
- of het volgend neuron een boodschap zal doorgeven
-in welk tempo het dit zal doen
Elk neuron integreert zo continu tot 1000 synaptische inputs. Elk neuron functioneert dan ook als een
soort gesofisticeerde computer, die voortdurend informatie verwerkt
De NEUROTRANSMITTERS
Er bestaan meer dan 50 verschillende neurotransmitters, elk met een specifiek effect in bepaalde delen
van de hersenen
§Eenzelfde neurotransmitter kan een verschillend effect hebben naargelang de plaats in de hersenen.
§
§Niet alle neurotransmitters willekeurig over de hersenen actief zijn,
maar bepaalde neurotransmitters zich concentreren in bepaalde hersengebieden.
§
Neurotransmitters vormen geen statisch geheel maar worden voortdurend opgebouwd en afgebroken.
Er kan dan ook op een bepaald moment een tekort of overschot optreden aan bepaalde
neurotransmitters
PSYCHOPATHOLOGIE EN NEUROTRANSMITTERS
De mechanismen is veel ingewikkelder dan een simpel te veel of te weinig van één bepaalde
neurotransmitter.
Het gaat niet alleen om:
·de concentratie van bepaalde neurotransmitters
Een teveel of een tekort aan bepaalde neurotransmitters ligt aan de basis van allerlei symptomen.
Extreem hoge concentraties aan dopamine psychotische symptomen bij mensen met
schizofrenie.
Een te lage concentratie van serotonine en noradrenaline depressoeve symptomen.
§de hoeveelheid presynaptische neuronen die de neurotransmitters herabsorberen.
Via bepaalde antidepressiva probeert men bijvoorbeeld de heropname van de neurotransmitter
serotonine te verhinderen de concentratie van serotonine wordt verhoogd
serotonine prikkelt de volgende zenuw langer een vermindering van bepaalde depressieve
symptomen.
·het aantal receptoren voor deze neurotransmitters