De student kan het concept ‘taalkrachtig onderwijs’ uitleggen en verbinden aan de zeven principes
Zeven principes die gebaseerd zijn op onderzoek over hoe mensen taal leren:
- Stimuleert een positieve talige grondhouding
Een talige grondhouding stimuleren bij leerlingen vormt de basis van taalkrachtig
onderwijs. Het is een samenspel van veilige taaloefenkansen creëren, het talige
repertoire van leerlingen omarmen en hoge verwachtingen koesteren ten opzichte van
hun taalleerpotentieel.
- Is functioneel
Taalkrachtig onderwijs wordt functioneel als leerlingen taal gebruiken om allerlei voor
hen betekenisvolle doelen te kunnen bereiken
- Is contextrijk
Contextrijk onderwijs biedt veel en rijk taalaanbod en verbindt dat met interesses en de
leefwereld van de leerlingen, en het hun eerder opgedane ervaringen en kennis. Zo kan
taal verworven worden. Context geeft betekenis aan het leerproces van leerlingen en
werkt motiverend.
- Is (inter)actief
Onderwijs wordt (inter)actief als leerlingen veel van elkaar kunnen leren, kwaliteitsvolle
input en feedback van de leraar krijgen en de kans hebben om actief te leren.
- Geeft ondersteuning
Een krachtige ondersteuning is een combinatie van feedback, feed-up, feedforward en
differentiërende keuzes die je maakt, om ervoor te zorgen dat leerlingen de kloof kunnen
overbruggen tussen wat ze wel kennen en kunnen, en wat nog niet. Ondersteuning kan
zowel individueel als klassikaal gegeven worden.
- Heeft aandacht voor impliciet en expliciet leren
Impliciet leren betekent dat leerlingen in contextrijke situaties functionele en
(inter)actieve opdrachten krijgen, waardoor ze onbewust taal oppikken. Expliciet leren is
bewust inzoomen op talige aspecten, zoals schooltaalwoorden. Taalkrachtig onderwijs
bestaat uit samenspel van impliciet en expliciet leren.
- Biedt kansen tot reflectie
Als onderwijs kansen tot reflectie biedt, is er een goede afwisseling tussen nieuwe zaken
leren en nadenken over wat er geleerd wordt. Die reflectie stimuleert het leerproces.
Een rijke taalcontext kan worden toegepast in de niet-taallessen omdat dit is bijzonder geschikt om
de taalontwikkeling van leerlingen te stimuleren. Dat uitzoomen biedt een breder perspectief dat
leerlingen toelaat om hun talige competentie in te zetten en te versterken, te verbreden en te
verdiepen.
De student past de principes van ‘taalkrachtig onderwijs’ actief toe bij het uitwerken van
lesvoorbereidingen en tijdens oefen- en stagelessen
De student stimuleert de taalontwikkeling van leerlingen in en buiten de taalles
De student kan het begrip taalbeleid verklaren, het doel en de werking ervan uitleggen.
Begrip: de structurele en strategische poging van een schoolteam om de onderwijspraktijk aan te
passen aan de taalleerbehoeften van de leerlingen met het oog op het bevorderen van hun algehele
ontwikkeling en het verbeteren van hun onderwijsresultaten.
Zeven principes die gebaseerd zijn op onderzoek over hoe mensen taal leren:
- Stimuleert een positieve talige grondhouding
Een talige grondhouding stimuleren bij leerlingen vormt de basis van taalkrachtig
onderwijs. Het is een samenspel van veilige taaloefenkansen creëren, het talige
repertoire van leerlingen omarmen en hoge verwachtingen koesteren ten opzichte van
hun taalleerpotentieel.
- Is functioneel
Taalkrachtig onderwijs wordt functioneel als leerlingen taal gebruiken om allerlei voor
hen betekenisvolle doelen te kunnen bereiken
- Is contextrijk
Contextrijk onderwijs biedt veel en rijk taalaanbod en verbindt dat met interesses en de
leefwereld van de leerlingen, en het hun eerder opgedane ervaringen en kennis. Zo kan
taal verworven worden. Context geeft betekenis aan het leerproces van leerlingen en
werkt motiverend.
- Is (inter)actief
Onderwijs wordt (inter)actief als leerlingen veel van elkaar kunnen leren, kwaliteitsvolle
input en feedback van de leraar krijgen en de kans hebben om actief te leren.
- Geeft ondersteuning
Een krachtige ondersteuning is een combinatie van feedback, feed-up, feedforward en
differentiërende keuzes die je maakt, om ervoor te zorgen dat leerlingen de kloof kunnen
overbruggen tussen wat ze wel kennen en kunnen, en wat nog niet. Ondersteuning kan
zowel individueel als klassikaal gegeven worden.
- Heeft aandacht voor impliciet en expliciet leren
Impliciet leren betekent dat leerlingen in contextrijke situaties functionele en
(inter)actieve opdrachten krijgen, waardoor ze onbewust taal oppikken. Expliciet leren is
bewust inzoomen op talige aspecten, zoals schooltaalwoorden. Taalkrachtig onderwijs
bestaat uit samenspel van impliciet en expliciet leren.
- Biedt kansen tot reflectie
Als onderwijs kansen tot reflectie biedt, is er een goede afwisseling tussen nieuwe zaken
leren en nadenken over wat er geleerd wordt. Die reflectie stimuleert het leerproces.
Een rijke taalcontext kan worden toegepast in de niet-taallessen omdat dit is bijzonder geschikt om
de taalontwikkeling van leerlingen te stimuleren. Dat uitzoomen biedt een breder perspectief dat
leerlingen toelaat om hun talige competentie in te zetten en te versterken, te verbreden en te
verdiepen.
De student past de principes van ‘taalkrachtig onderwijs’ actief toe bij het uitwerken van
lesvoorbereidingen en tijdens oefen- en stagelessen
De student stimuleert de taalontwikkeling van leerlingen in en buiten de taalles
De student kan het begrip taalbeleid verklaren, het doel en de werking ervan uitleggen.
Begrip: de structurele en strategische poging van een schoolteam om de onderwijspraktijk aan te
passen aan de taalleerbehoeften van de leerlingen met het oog op het bevorderen van hun algehele
ontwikkeling en het verbeteren van hun onderwijsresultaten.