Samenvatting 1.2 RT
ICRU
ICRU= international commission on radiaton units and measurements.
ICRU:
Arts CT-scan plan maken behandeling laatste afspraak
• GTV ( gross tumor volume)
• CTV ( clinical target volume)
• PTV planning target volume)
• TV (treated volume)
• IV (irradiated volume)
• OAR (organs at risk)
• NP
GTV:
De tumor zelf. Aan de rand van de GTV komt een marge omdat daar nog tumorcellen liggen die je
niet kunt aantonen.
CTV:
Clinical target volume
Hoeveel mm stralingsgebied je erbij wil, bepaald niet de MBB’er zelf.
De GTV/CTV-marge zal anders zijn.
We houden wereldwijd dezelfde marge aan.
CTV/PTV-marge = planning target volume
Met een klein stukje marge voor de zekerheid. Dat doen ze voor onnauwkeurigheden tijdens de
behandeling door bijvoorbeeld beweging, positionering, gebruik van andere stralingsapparatuur.
Een te grootte PTV zorgt ervoor dat de gezonde stralen ook worden bestraald.
TV = Threated volume:
Het rode gebied, het gebied wat behandeld wordt.
IV= Irriadiated volume:
Waar de straling komt.
Rood= meeste straling
Blauw= minste straling
OAR = organs at risk
De kritieke organen. De organen die gevaar lopen tijdens de behandeling.
De patiënt wordt drink advies meegegeven, waardoor je ongeveer elke dag een even volle blaas
hebt. Daardoor kun je zo nauwkeurig mogelijk de bestralen.
Bij een lage dosis smeer je uit over de hele patiënt en dan wordt het TV kleiner en het IV groter, door
meerdere bundels. Daarmee bespaar je het rectum (bij prostaatkanker) en dat is belangrijk want
anders kunnen patiënten op lange termijn bloedingen in de darmwand krijgen.
, Beweging heeft invloed op:
• PTV (want dit is voor nauwkeurigheden en beweging is een onnauwkeurigheid)
• TV (want door de beweging moet het stralingsgebied groter worden)
• IR (groter stralingsgebied)
Het kan zijn dat er op meerdere plekken in de prostaat (bijvoorbeeld) tumorcellen zitten, daardoor
wordt er soms gekozen om de hele prostaat te bestralen. De plek waar de hoogste dosis komt, wordt
zo nauwkeurig mogelijk om de prostaat heen gedaan. Zo bespaar je het rectum.
De PDD verloopt hetzelfde, maar halverwege de patiënt zal bij een grotere A
doorsnede minder dosis overblijven. In B wordt de dosis
voorgeschreven en zal bij beide patiënten een ander beeld in A+C laten B
zien.
Dus punt B wordt genormaliseerd.
B = 100%. C
Naast punt B is de dosis 95% (binnen de gele lijn).
Op de grens van het bestralingsgebied is de dosis 50%
Normeren:
Je wilt bij punt B een dosis van 100% hebben. Om die te krijgen zul je iets langer moeten stralen en
het normeringspunt moeten verleggen.
Eisen normeringspunt:
• Moet in het PTV liggen
• Mag niet op de rand liggen (penumbra), want daar is de dosis 50%
• Mag niet in lucht liggen
• De isodose lijn moet door het punt heen liggen.
absolute dosis
relatieve dosis= ×100 %
dosis∈ NP
(2 × a ×b)
equivalente vierkant =
(a+ b)
PDD
PDD = procentuele diepte dosis.
Invloeden op de PDD:
Energie
Veldgrootte
FHA absoluut en relatieve invloed
Veldvorm (rond, vierkant, rechthoek)
Afblokking
Filter
Dikte en densiteit van de onderliggende laag
Bij een kunstheup is de PDD heel anders dan bij een normale heup.
Bij een lage energie is de build-up (stukje in de patiënt waar de dosis wordt opgebouwd tot Dmax)
kleiner dan bij een hogere energie.
ICRU
ICRU= international commission on radiaton units and measurements.
ICRU:
Arts CT-scan plan maken behandeling laatste afspraak
• GTV ( gross tumor volume)
• CTV ( clinical target volume)
• PTV planning target volume)
• TV (treated volume)
• IV (irradiated volume)
• OAR (organs at risk)
• NP
GTV:
De tumor zelf. Aan de rand van de GTV komt een marge omdat daar nog tumorcellen liggen die je
niet kunt aantonen.
CTV:
Clinical target volume
Hoeveel mm stralingsgebied je erbij wil, bepaald niet de MBB’er zelf.
De GTV/CTV-marge zal anders zijn.
We houden wereldwijd dezelfde marge aan.
CTV/PTV-marge = planning target volume
Met een klein stukje marge voor de zekerheid. Dat doen ze voor onnauwkeurigheden tijdens de
behandeling door bijvoorbeeld beweging, positionering, gebruik van andere stralingsapparatuur.
Een te grootte PTV zorgt ervoor dat de gezonde stralen ook worden bestraald.
TV = Threated volume:
Het rode gebied, het gebied wat behandeld wordt.
IV= Irriadiated volume:
Waar de straling komt.
Rood= meeste straling
Blauw= minste straling
OAR = organs at risk
De kritieke organen. De organen die gevaar lopen tijdens de behandeling.
De patiënt wordt drink advies meegegeven, waardoor je ongeveer elke dag een even volle blaas
hebt. Daardoor kun je zo nauwkeurig mogelijk de bestralen.
Bij een lage dosis smeer je uit over de hele patiënt en dan wordt het TV kleiner en het IV groter, door
meerdere bundels. Daarmee bespaar je het rectum (bij prostaatkanker) en dat is belangrijk want
anders kunnen patiënten op lange termijn bloedingen in de darmwand krijgen.
, Beweging heeft invloed op:
• PTV (want dit is voor nauwkeurigheden en beweging is een onnauwkeurigheid)
• TV (want door de beweging moet het stralingsgebied groter worden)
• IR (groter stralingsgebied)
Het kan zijn dat er op meerdere plekken in de prostaat (bijvoorbeeld) tumorcellen zitten, daardoor
wordt er soms gekozen om de hele prostaat te bestralen. De plek waar de hoogste dosis komt, wordt
zo nauwkeurig mogelijk om de prostaat heen gedaan. Zo bespaar je het rectum.
De PDD verloopt hetzelfde, maar halverwege de patiënt zal bij een grotere A
doorsnede minder dosis overblijven. In B wordt de dosis
voorgeschreven en zal bij beide patiënten een ander beeld in A+C laten B
zien.
Dus punt B wordt genormaliseerd.
B = 100%. C
Naast punt B is de dosis 95% (binnen de gele lijn).
Op de grens van het bestralingsgebied is de dosis 50%
Normeren:
Je wilt bij punt B een dosis van 100% hebben. Om die te krijgen zul je iets langer moeten stralen en
het normeringspunt moeten verleggen.
Eisen normeringspunt:
• Moet in het PTV liggen
• Mag niet op de rand liggen (penumbra), want daar is de dosis 50%
• Mag niet in lucht liggen
• De isodose lijn moet door het punt heen liggen.
absolute dosis
relatieve dosis= ×100 %
dosis∈ NP
(2 × a ×b)
equivalente vierkant =
(a+ b)
PDD
PDD = procentuele diepte dosis.
Invloeden op de PDD:
Energie
Veldgrootte
FHA absoluut en relatieve invloed
Veldvorm (rond, vierkant, rechthoek)
Afblokking
Filter
Dikte en densiteit van de onderliggende laag
Bij een kunstheup is de PDD heel anders dan bij een normale heup.
Bij een lage energie is de build-up (stukje in de patiënt waar de dosis wordt opgebouwd tot Dmax)
kleiner dan bij een hogere energie.