100% de satisfacción garantizada Inmediatamente disponible después del pago Tanto en línea como en PDF No estas atado a nada 4.2 TrustPilot
logo-home
Notas de lectura

Uitwerking bijeenkomst 1 Bewijs in Strafzaken

Puntuación
4.0
(1)
Vendido
-
Páginas
23
Subido en
02-11-2021
Escrito en
2021/2022

Een uitwerking van de eerste bijeenkomst van Bewijs in Strafzaken

Institución
Grado










Ups! No podemos cargar tu documento ahora. Inténtalo de nuevo o contacta con soporte.

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

Subido en
2 de noviembre de 2021
Archivo actualizado en
9 de diciembre de 2021
Número de páginas
23
Escrito en
2021/2022
Tipo
Notas de lectura
Profesor(es)
Dorris de vocht
Contiene
Bijeenkomst 1

Temas

Vista previa del contenido

Notities Onderwijsbijeenkomsten N. Limbourg



Bewijs in strafzaken
Bijeenkomst 1 – Waarheidsvinding in strafzaken

Strafrechtelijke waarheidsvinding
Waarheidsvinding is een doel van het strafproces. Dat uit zich in 1) het proces van bewijzen en 2) het
onderzoek dat daaraan voorafgaat.
- Het streven van het strafrechtelijk onderzoek is de werkelijkheid omtrent relevante incidenten te
achterhalen. De rechter baseert zich op deze ‘werkelijkheid’ d.m.v. zijn bewijsbeslissing. De
bewijsbeslissing is het sluitstuk van de strafrechtelijke waarheidsvinding: het einde van de zoektocht
naar de dader.
- Waarheidsvinding dient mede andere doelen van het strafproces (bijvoorbeeld rechtsbescherming
en verwezenlijking van het materiële strafrecht), waarvan de belangrijkste is dat schuldigen worden
gestraft en dat onschuldigen vrijuit gaan.
Op sommige momenten in de loop van de strafrechtelijke procedure staat waarheidsvinding niet
(uitdrukkelijk) op de voorgrond:
- Procedure in cassatie à gaat vooral om de vraag of alle procedures zijn gevolgd en het recht juist is
toegepast.
- Verkorte afdoeningen à aspect van de waarheidsvinding is naar de achtergrond verschoven. Een
snelle afdoening is niet gebaseerd op ‘de waarheid’.
‘De waarheid’ bestaat niet of kan niet door de mens worden gekend. Wat waarheid is hangt af van het
subject dat de waarheid vaststelt en hoe hij het onder woorden brengt. Het subject voegt per definitie
iets van zichzelf toe aan de vastgestelde waarheid.
Het ‘werkelijk gebeurde’ vormt echter wel de basis van het materiële waarheidsbegrip in het strafrecht:
iemand kan alleen bestraft worden voor iets dat daadwerkelijk plaats heeft gevonden.
Het debat over de waarheid zit in een spagaat: het is theoretisch onmogelijk om de waarheid te kennen,
maar de waarheid is toch de legitimering om straffen op te leggen op strafbare gedragingen. Het
strafproces streeft naar het vinden van de materiële waarheid. Het strafrecht construeert de waarheid
door op zoek te gaan naar feiten die nodig zijn voor de toepassing van het materiële recht.
Twee lijnen die het proces van waarheidsvinding karakteriseren.
Er zijn twee lijnen te herkennen in de opeenvolgende fasen van het strafproces wat betreft de
waarheidsvinding:
1) Hoe verder men komt in het strafproces, hoe hoger de kwaliteitseisen zijn waaraan de
waarheidsvinding moet voldoen (o.a. hoor en wederhoor, onafhankelijkheid en onpartijdigheid).
o Waarheidsvinding in het opsporingsonderzoek door opsporingsambtenaren en onder leiding van
de OvJ. De ovj kan op het ottz aangesproken worden op de onrechtmatigheid van het
opsporingsonderzoek. Dit, en de magistrale positie van de ovj moet zorgen voor een kwalitatief
hoogstaand onderzoek naar de waarheid, waarbij de belangen van de verdachte worden
gerespecteerd.
o Waarheidsvinding in het gerechtelijk vooronderzoek onder leiding van de rechter-commissaris.
Verdachte heeft een sterkere rechtspositie en er gelden hogere kwaliteitseisen t.o.v. het
opsporingsonderzoek.
o Waarheidsvinding tijdens het ottz onder leiding van een onafhankelijke en onpartijdige rechter
die een zelfstandige verantwoordelijkheid heeft voor de waarheidsvinding. Meer contradictoir:
verdachte is procesdeelnemer in plaats van het object van het onderzoek. Hoor en wederhoor is

,Notities Onderwijsbijeenkomsten N. Limbourg


een belangrijke waarborg. Het ottz biedt de condities voor een optimaal proces van contradictoire
waarheidsvinding.
Meer losstaande fasen:
o Waarheidsvinding tijdens cassatie. HR toetst of het proces van waarheidsvinding juridisch gezien
houdbaar is.
o Waarheidsvinding in buitengerechtelijke afdoening. Proces van waarheidsvinding wordt voltooid
zonder dat de kwaliteitswaarborgen van het ottz van toepassing zijn.
2) Trechterwerking van de waarheidsvinding. De waarheidsvinding splitst zich, naarmate het proces
vordert, steeds meer toe op bepaalde aspecten van de werkelijkheid, terwijl andere aspecten van de
werkelijkheid, terwijl andere aspecten van de werkelijkheid buiten beschouwing worden gelaten. Van
de historische waarheid wordt een procedurele waarheid gemaakt, die laatste wordt in het verloop
van het proces steeds meer leidend.
o Waarheidsvinding in het opsporingsonderzoek. Zoektocht naar de waarheid is nog volkomen vrij,
zolang het maar gericht is op het onderzoek doen naar strafbare feiten.
o Waarheidsvinding in het gerechtelijk vooronderzoek. Er gelden meer formele beperkingen
wegens de feitenomschrijving (art. 181 lid 2 Sv, maar deze beperking is relatief omdat de
feitenomschrijving makkelijk kan worden aangevuld, art. 182 Sv).
o Waarheidsvinding na de vervolgbeslissing door het OM
§ Buitengerechtelijke afdoening (2 mogelijkheden)
• Sepot/transactie: waarheidsvinding eindigt in niets, wordt afgebroken als verdachte
deze wijze accepteert.
• Strafbeschikking: de feitenomschrijving van de ovj is het einde van de
waarheidsvinding.
§ Zaak aan de rechter voorleggen ter berechting. Het proces van de waarheidsvinding krijgt
een vervolg, dat sterk gebonden is aan de inhoud van de TLL. De TLL geeft aan wat de OvJ
denkt dat er voorgevallen is, en vraagt daarover een oordeel van de rechter. De rechter doet
zijn onderzoek op grondslag van de TLL. De rechter kan vervolgens besluiten:
• Bewezenverklaring: de rechter streept in de TLL zodat de situatie overblijft die volgens
hem is voorgevallen.
• Vrijspraak: de rechter beperkt zich tot de conclusie dat er onvoldoende aanwijzingen
zijn dat hetgeen in de TLL is gesteld, ook is voorgevallen.
o Waarheidsvinding in hoger beroep. HB is door de Wet Stroomlijning HB niet vanzelfsprekend
meer (in geringe zaken moet verlof worden verleend en er moeten grieven worden ingediend).
Nieuwe waarheidsvinding blijft dan soms ook achterwege.
o Waarheidsvinding in cassatie. De HR heeft in principe geen taak in waarheidsvinding, maar
controleert alleen of het recht goed is toegepast.
Meer losstaande procesfase:
o Waarheidsvinding in herziening. De voorgaande fasen zijn al doorlopen, maar lijkt toch ergens
een fout te zijn gemaakt. De waarheidsvinding kan dan worden opengebroken en de zaak kan
worden herzien door een nieuwe rechter.
Materiële en formele waarheid.
Waarheid is een kwalificatie die kan worden toegekend aan beweringen en uitspraken over de
werkelijkheid die accuraat zijn. Kritiek op deze definitie van ‘waarheid’:
- Er is niet één ondubbelzinnige, kenbare waarheid;
- Onze perceptie van de werkelijkheid wordt gekleurd door onze eigen ervaringen, denkbeelden en
opvattingen;

, Notities Onderwijsbijeenkomsten N. Limbourg


In het strafrecht streeft men naar het vinden van de werkelijkheid, maar beseft men ook dat dit (tot op
zekere hoogte) onhaalbaar is à uitkomst van het strafrechtelijke beslisproces is in grote mate een
(re)constructie van de waarheid.
Materiële waarheid is datgene dat ‘werkelijk zo is’. Het is een weergave van de werkelijkheid of een
bewerking van de feiten die correspondeert met de werkelijkheid (corresponderend waarheidsbegrip).
Formele waarheid is datgene waarvan in rechte is gesteld dat het waar is (evaluerend waarheidsbegrip).
Hoewel in het strafrecht gestreefd wordt naar de materiële waarheid, is het eindproduct in belangrijke
mate een constructie. Daarom is de ‘waarheid’ die de rechter vaststelt altijd formeel/processueel van
aard.
Waarheidsvinding in het strafrecht vs. andere rechtsgebieden.
Vaak wordt een onderscheid gemaakt tussen het waarheidsbegrip in het strafrecht en civiel recht: civiel
recht gaat uit van een formeel waarheidsbegrip, het strafrecht van een materieel waarheidsbegrip.
Nuance: ook in het civiele recht wordt zo veel mogelijk het feitencomplex als grondslag genomen.
Asymmetrisch beslissingsprincipe (prodefendant bias) is kenmerkend voor het strafproces t.o.v. andere
rechtsgebieden. Het onderliggende idee daarvan is dat het beter is om 10 schuldigen te laten lopen dan
1 onschuldige op te sluiten.
In het strafproces wordt een hogere mate van zekerheid gevergd dan in civiele procedures. In civiele
procedures worden standpunten en bewijzen tegen elkaar afgewogen, zodat een preponderance of
evidence (overwicht van bewijs) de doorslag geeft. In het strafrecht moet met meer zekerheid wordt
vastgesteld dat het TLL is voorgevallen. Een subtiel overwicht van bewijs is vaak onvoldoende voor de
rechter om de verdachte te veroordelen.
In het strafrecht wordt de bewijslast niet verdeeld (in civiele zaken wel): de verdachte hoeft zich niet
per se te verweren. Hij mag zwijgen en erop vertrouwen dat de rechter een volledig onderzoek uitvoert,
waardoor zijn onschuld wordt vastgesteld.
Verschillende soorten bewijsstelsels.
Het wettelijk bewijsstelsel bevat de regels die betrekking hebben op het proces van bewijzen voor en
door de rechter. De wettelijke bewijsregeling is rechtstreeks van invloed op eerdere fasen van het
strafproces; dan wordt al geanticipeerd op hoe de TLL moet worden bewezen. In eerdere
onderzoeksfasen wordt rekening gehouden met de kwaliteitseisen waaraan bepaald bewijs moet
voldoen. Ook kan de rechter op het ottz controle uitoefenen op het opsporingsonderzoek en eventueel
rekening met vormverzuimen houden bij de selectie en waardering van het bewijs.
Er zij 3 typen bewijsstelsels. De drie verschillen in de mate van vrijheid/gebondenheid die de rechter
heeft bij het proces van de bewijzen met betrekking 1) welk bewijsmateriaal van het bewijs mag
gebruiken en 2) het gewicht die hij aan het bewijs mag toekennen.
Vrij bewijsstelsel.
De rechter is niet gebonden aan specifieke, bij wet genoemde bewijsmiddelen. Hij mag zelf weten wat
hij gebruikt als bewijs en welk gewicht hij daaraan toekent, en is daarbij slechts gebonden aan zijn eigen
rationele maatstaven.
Negatief-wettelijk bewijsstelsel.
De rechter is gebonden aan specifieke, bij wet genoemde bewijsmiddelen. Hij mag niet veroordelen als
er niet is voldaan aan een bepaald minimum van bewijsmiddelen. Bovendien is hij niet verplicht om te
veroordelen als hij niet overtuigd is van de schuld van de verdachte.
Nederland heeft een negatief-wettelijk bewijsstelsel. Dat is te zien in:
- Het feit dat de rechter bij zijn besluit alleen gebruik mag maken van wettelijke bewijsmiddelen (art.
339 Sv);

Preguntas de práctica disponibles

$8.39
Accede al documento completo:

100% de satisfacción garantizada
Inmediatamente disponible después del pago
Tanto en línea como en PDF
No estas atado a nada

Reseñas de compradores verificados

Se muestran los comentarios
4 año hace

Very good recap!! The only thing I don't give five stars is that the teaching material is slightly different from this year's teaching material.

4 año hace

Hi! It might seem that the teaching material is different, but some articels aren’t mentioned by name! All the mandatory literature and case-law is in the summaries!☺️

4.0

1 reseñas

5
0
4
1
3
0
2
0
1
0
Reseñas confiables sobre Stuvia

Todas las reseñas las realizan usuarios reales de Stuvia después de compras verificadas.

Conoce al vendedor

Seller avatar
Los indicadores de reputación están sujetos a la cantidad de artículos vendidos por una tarifa y las reseñas que ha recibido por esos documentos. Hay tres niveles: Bronce, Plata y Oro. Cuanto mayor reputación, más podrás confiar en la calidad del trabajo del vendedor.
nickylimbourg Maastricht University
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
27
Miembro desde
9 año
Número de seguidores
23
Documentos
33
Última venta
2 año hace

4.6

7 reseñas

5
4
4
3
3
0
2
0
1
0

Recientemente visto por ti

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes