1
Bedrijfsadministratie met ERP blok 3
, Hoofdstuk 5 ‘Proces financiële maandafsluiting en maandrapportage’ ( Module 2 - §15)
Verbijzondering van indirecte kosten gaat over het verdelen van kosten over de verschillende
bedrijfsonderdelen zodat duidelijk wordt gemaakt welk onderdeel kosten heeft veroorzaakt.
Onderscheid constante en variabele kosten is gebaseerd op verschillen in bedrijfsdrukte.
Constante kosten = wanneer er niet een direct aanwijsbaar verband is tussen het activiteitenniveau
en de hoogte van de kosten. (vast jaarbedrag)
Constantekostentarief (Tc) = totale constante kosten / normale productieomvang
Er bestaan ook semi-constante kosten, deze kosten blijven binnen bepaalde grenzen gelijk.
Variabele kosten = deze kosten zijn wel afhankelijk van het activiteitenniveau. (kosten per product)
Kostprijs = Tc + variabele kosten
Wanneer de werkelijke productieomvang afwijkt van de normaal geachte productieomvang, ontstaat
er een verschil op de constante kosten, het bezettingsresultaat.
Bezettingsresultaat = (Werkelijke productieomvang (H w) – N) x Tc
De omvang van het bezettingsresultaat zegt iets over de juistheid van de schatting van het tarief voor
de constante kosten. Nadelig betekent overcapaciteit.
Onderscheid directe en indirecte kosten.
Directe kosten = kosten die rechtstreeks toe te rekenen zijn aan de diensten of producten.
Alle andere kosten zijn indirecte kosten, bij deze ontbreekt deze rechtstreekse relatie
overheadkosten.
Via een omrekenmethodiek zullen indirecte kosten uiteindelijk ook in de kostprijs van de producten
terecht moeten komen.
Bij kosten wordt er ook onderscheid gemaakt in werkelijke kosten en toegestane kosten.
Werkelijke kosten = bedragen die gebaseerd zijn op werkelijke verbruiken en werkelijk betaalde en
drukkende kosten.
Toegestane kosten = standaardkosten, gebudgetteerde kosten, voorcalculatorische kosten.
Wanneer de werkelijke kosten afwijken van de toegestane kosten zal de onderneming maatregelen
moeten treffen om bij te sturen.
Het doel van alle kostenboekingen is om een duidelijk inzicht te geven in de oorzaken die kosten
doen ontstaan.
Bij de boeking van de betaling van een kostenfactuur worden 2 aspecten vastgelegd:
1. Welke kostensoort is van toepassing?
2. Welke kostenplaats moet de kosten in beginsel dragen?
Kostensoort = een categorie van kosten, die verband houdt met het aanwenden van een bepaald
productiemiddel, zoals; grond- en hulpstoffen, menselijke arbeid, vaste activa, diensten van derden,
zakelijke belastingen en interestkosten.
Kostenplaats = een verzamelplaats van kosten.
Sommige afdelingen verrichten prestaties voor andere afdelingen, die prestaties worden aan de
betreffende afdeling in rekening gebracht doorbelasting van kosten.
De kosten die vanaf een factuur worden doorgeleid worden vaak aangeduid met eerstverdeelde
kosten. Hiermee wordt aangegeven dat de kosten voor het eerst zijn verdeeld door ze te boeken op
de kostenplaats die verantwoordelijk is voor deze kosten.
De kosten worden bij het boeken van de factuur nog niet op de kostenplaats geboekt, dit gebeurt pas
wanneer de periodekosten worden geboekt.
2
Bedrijfsadministratie met ERP blok 3
Bedrijfsadministratie met ERP blok 3
, Hoofdstuk 5 ‘Proces financiële maandafsluiting en maandrapportage’ ( Module 2 - §15)
Verbijzondering van indirecte kosten gaat over het verdelen van kosten over de verschillende
bedrijfsonderdelen zodat duidelijk wordt gemaakt welk onderdeel kosten heeft veroorzaakt.
Onderscheid constante en variabele kosten is gebaseerd op verschillen in bedrijfsdrukte.
Constante kosten = wanneer er niet een direct aanwijsbaar verband is tussen het activiteitenniveau
en de hoogte van de kosten. (vast jaarbedrag)
Constantekostentarief (Tc) = totale constante kosten / normale productieomvang
Er bestaan ook semi-constante kosten, deze kosten blijven binnen bepaalde grenzen gelijk.
Variabele kosten = deze kosten zijn wel afhankelijk van het activiteitenniveau. (kosten per product)
Kostprijs = Tc + variabele kosten
Wanneer de werkelijke productieomvang afwijkt van de normaal geachte productieomvang, ontstaat
er een verschil op de constante kosten, het bezettingsresultaat.
Bezettingsresultaat = (Werkelijke productieomvang (H w) – N) x Tc
De omvang van het bezettingsresultaat zegt iets over de juistheid van de schatting van het tarief voor
de constante kosten. Nadelig betekent overcapaciteit.
Onderscheid directe en indirecte kosten.
Directe kosten = kosten die rechtstreeks toe te rekenen zijn aan de diensten of producten.
Alle andere kosten zijn indirecte kosten, bij deze ontbreekt deze rechtstreekse relatie
overheadkosten.
Via een omrekenmethodiek zullen indirecte kosten uiteindelijk ook in de kostprijs van de producten
terecht moeten komen.
Bij kosten wordt er ook onderscheid gemaakt in werkelijke kosten en toegestane kosten.
Werkelijke kosten = bedragen die gebaseerd zijn op werkelijke verbruiken en werkelijk betaalde en
drukkende kosten.
Toegestane kosten = standaardkosten, gebudgetteerde kosten, voorcalculatorische kosten.
Wanneer de werkelijke kosten afwijken van de toegestane kosten zal de onderneming maatregelen
moeten treffen om bij te sturen.
Het doel van alle kostenboekingen is om een duidelijk inzicht te geven in de oorzaken die kosten
doen ontstaan.
Bij de boeking van de betaling van een kostenfactuur worden 2 aspecten vastgelegd:
1. Welke kostensoort is van toepassing?
2. Welke kostenplaats moet de kosten in beginsel dragen?
Kostensoort = een categorie van kosten, die verband houdt met het aanwenden van een bepaald
productiemiddel, zoals; grond- en hulpstoffen, menselijke arbeid, vaste activa, diensten van derden,
zakelijke belastingen en interestkosten.
Kostenplaats = een verzamelplaats van kosten.
Sommige afdelingen verrichten prestaties voor andere afdelingen, die prestaties worden aan de
betreffende afdeling in rekening gebracht doorbelasting van kosten.
De kosten die vanaf een factuur worden doorgeleid worden vaak aangeduid met eerstverdeelde
kosten. Hiermee wordt aangegeven dat de kosten voor het eerst zijn verdeeld door ze te boeken op
de kostenplaats die verantwoordelijk is voor deze kosten.
De kosten worden bij het boeken van de factuur nog niet op de kostenplaats geboekt, dit gebeurt pas
wanneer de periodekosten worden geboekt.
2
Bedrijfsadministratie met ERP blok 3