Biochemie deel 2
Zuur-base – stoornissen
Belangrijke chemische reactie
H2O + CO2 H2CO3 H+ + HCO3-
Buffer = een zwak zuur en een zout van dat zuur
NaHCO3 is de leverancier van HCO3-
Respiratoire acidose: verzuring van het bloed
slechte ademhaling (gasuitwisseling) en daardoor CO2 stijging:
CO2 + H2O H2CO3 H+ + HCO3-
Evenwicht verschuift naar rechts
Compensatie:
- H+ stijging wordt gedeeltelijk opgevangen door HCO 3-
- Overmaat aan H+ wordt geëlimineerd via de nieren (gebonden aan NH3 dat NH4+ wordt)
Hyperventilatie teveel zuurstof in bloed en te weinig CO 2
Normale stofwisseling:
Gebeurt in de cel
Glucose + O2 CO2 + H2O + energie
Mogelijke problemen:
- Te weinig glucose in cel
- Te weinig zuurstof in cel
Metabole acidosis
Oorzaken:
- Metabolisme:
o Anaëroob metabolisme (tekort aan zuurstof) maakt melkzuur/ lactaat aan
o Verbranding van vetten en eiwitten bij gebrek aan glucose in cel maakt keto-acidosis aan
CO2 + H2O H2CO3 H+ + HCO3-
Evenwicht verschuift naar links
Compensatie:
CO2 stijging prikkelt het ademhalingscentrum: snelle en diepe ademhaling
64
, Metabolisme va de koolhydraten:
- Glycogenese
o Glucose insuline glycogeen
- Glyconolyse
o Glycogeen glucagon glucose
- Gluconeogenese: nieuwvorming van glucose uit andere moleculen
Wat gebeurt er met glucose?
- Glucose vanuit het bloed naar het cytoplasma van de cellen
o Ofwel gebruikt voor biosynthesereacties
o Ofwel afgebroken voor energie via cellulaire respiratie = celademhaling
o 44% van vrijgemaakte energie = ATP
o Overige energie = warmte
- Glucose + O2 CO2 + H2O + energie
o Energie: ATP + warmte
Gebeurt in verschillende stappen:
Verbranding van koolhydraten, wat doet cel met glucose?
3 stappen:
- Glycolyse
- Krebscyclus = citroenzuurcyclus
- Oxidatieve fosforilering of terminale oxidatieketen
BELANGRIJK: proces tot en met stap 3 doorlopen om maximale energiewinst te hebben.
1) Glycolyse
- 2ATP opofferen, speelt rol in verrekenen van aantal ATP winst
- Glucose (6 C-atomen) wordt in 2 stukken van 3C-atomen gesplitst, zal dus normaal gezien per 3C-
atomen de verdere glycolyse en de Krebscyclus doorlopen.
- Aanvankelijk is er NAD+ nodig om 2H te kunnen opnemen dat dus omgezet wordt in NADH + H +
- 2 mogelijkheden:
o NADH + H+ kon zijn 2H kwijt aan ½ O2 in terminale oxidatieketen: dan is er geen enkel
probleem en kan pyrodruivenzuur door afplitsing van CO 2 omgezet worden in acetyl
coënzyme A dat Krebscyclys in gaat
o NADH + H+ kon bij gebrek aan O2 (anaëroob metabolisme) zijn 2H niet kwijt aan ½ O2 in
terminale oxidatieketen: 2H worden op pyrodruivenzuur “gekapt” dat aldus wordt omgezet in
melkzuur = metabole acidosis
Anaëroob metabolisme:
1.Vorming van melkzuur = metabole acidosis
2.Weinig ATP winst: immers de meeste energiewinst gebeurt in Krebscyclus en in terminale oxidatieketen
2) Krebscyclus
- Op verschillende plaatsen afsplitsen van CO2 en omzetting van NAD+ naar NADH + H+
- 1 glucose 2 acetyl coënzyme A in krabscyclus
- Stap 2, in mitochondriën
- Producten: ATP, CO2
3) Oxidatieve fosfolering
- Bij elke omzetting van NADH + H+ naar NAD+ door binding van 2H aan ½ O2: winst van 3 ATP:
de meeste energie komt dus vrij in de terminale oxidatieketen = oxidatieve fosfolering
Eindresultaat van de glucoseverbranding:
Verbrandingsproducten: H2O en CO2
Altijd warmte als bijproduct
Glucose + O2 CO2 + H2O + energie
65
Zuur-base – stoornissen
Belangrijke chemische reactie
H2O + CO2 H2CO3 H+ + HCO3-
Buffer = een zwak zuur en een zout van dat zuur
NaHCO3 is de leverancier van HCO3-
Respiratoire acidose: verzuring van het bloed
slechte ademhaling (gasuitwisseling) en daardoor CO2 stijging:
CO2 + H2O H2CO3 H+ + HCO3-
Evenwicht verschuift naar rechts
Compensatie:
- H+ stijging wordt gedeeltelijk opgevangen door HCO 3-
- Overmaat aan H+ wordt geëlimineerd via de nieren (gebonden aan NH3 dat NH4+ wordt)
Hyperventilatie teveel zuurstof in bloed en te weinig CO 2
Normale stofwisseling:
Gebeurt in de cel
Glucose + O2 CO2 + H2O + energie
Mogelijke problemen:
- Te weinig glucose in cel
- Te weinig zuurstof in cel
Metabole acidosis
Oorzaken:
- Metabolisme:
o Anaëroob metabolisme (tekort aan zuurstof) maakt melkzuur/ lactaat aan
o Verbranding van vetten en eiwitten bij gebrek aan glucose in cel maakt keto-acidosis aan
CO2 + H2O H2CO3 H+ + HCO3-
Evenwicht verschuift naar links
Compensatie:
CO2 stijging prikkelt het ademhalingscentrum: snelle en diepe ademhaling
64
, Metabolisme va de koolhydraten:
- Glycogenese
o Glucose insuline glycogeen
- Glyconolyse
o Glycogeen glucagon glucose
- Gluconeogenese: nieuwvorming van glucose uit andere moleculen
Wat gebeurt er met glucose?
- Glucose vanuit het bloed naar het cytoplasma van de cellen
o Ofwel gebruikt voor biosynthesereacties
o Ofwel afgebroken voor energie via cellulaire respiratie = celademhaling
o 44% van vrijgemaakte energie = ATP
o Overige energie = warmte
- Glucose + O2 CO2 + H2O + energie
o Energie: ATP + warmte
Gebeurt in verschillende stappen:
Verbranding van koolhydraten, wat doet cel met glucose?
3 stappen:
- Glycolyse
- Krebscyclus = citroenzuurcyclus
- Oxidatieve fosforilering of terminale oxidatieketen
BELANGRIJK: proces tot en met stap 3 doorlopen om maximale energiewinst te hebben.
1) Glycolyse
- 2ATP opofferen, speelt rol in verrekenen van aantal ATP winst
- Glucose (6 C-atomen) wordt in 2 stukken van 3C-atomen gesplitst, zal dus normaal gezien per 3C-
atomen de verdere glycolyse en de Krebscyclus doorlopen.
- Aanvankelijk is er NAD+ nodig om 2H te kunnen opnemen dat dus omgezet wordt in NADH + H +
- 2 mogelijkheden:
o NADH + H+ kon zijn 2H kwijt aan ½ O2 in terminale oxidatieketen: dan is er geen enkel
probleem en kan pyrodruivenzuur door afplitsing van CO 2 omgezet worden in acetyl
coënzyme A dat Krebscyclys in gaat
o NADH + H+ kon bij gebrek aan O2 (anaëroob metabolisme) zijn 2H niet kwijt aan ½ O2 in
terminale oxidatieketen: 2H worden op pyrodruivenzuur “gekapt” dat aldus wordt omgezet in
melkzuur = metabole acidosis
Anaëroob metabolisme:
1.Vorming van melkzuur = metabole acidosis
2.Weinig ATP winst: immers de meeste energiewinst gebeurt in Krebscyclus en in terminale oxidatieketen
2) Krebscyclus
- Op verschillende plaatsen afsplitsen van CO2 en omzetting van NAD+ naar NADH + H+
- 1 glucose 2 acetyl coënzyme A in krabscyclus
- Stap 2, in mitochondriën
- Producten: ATP, CO2
3) Oxidatieve fosfolering
- Bij elke omzetting van NADH + H+ naar NAD+ door binding van 2H aan ½ O2: winst van 3 ATP:
de meeste energie komt dus vrij in de terminale oxidatieketen = oxidatieve fosfolering
Eindresultaat van de glucoseverbranding:
Verbrandingsproducten: H2O en CO2
Altijd warmte als bijproduct
Glucose + O2 CO2 + H2O + energie
65