Inhoudsopgave
Intro ............................................................................................................................................................... 3
HC-1: Intro E&T Technologieën .......................................................................................................................... 3
Artikel: Negro et al,. 2012 – A review of innovation system problems .............................................................. 3
Artikel: Geels 2012: transities in mobiliteit vanuit MLP ..................................................................................... 5
Aanbod .......................................................................................................................................................... 7
HC2: aanbod van innovaties in de mobiliteitsfactor .......................................................................................... 7
Artikel: First-mover advantages ......................................................................................................................... 9
HC3: Aanbod Energie-innovaties ...................................................................................................................... 10
Infrastructuur ............................................................................................................................................... 14
HC4: Infrastructuur & energietechnologie ....................................................................................................... 14
Artikel: Tassey (2000). Standaarden en innovatie ............................................................................................ 14
Artikel: Shoamli & Pinkse (2016). The consequences of smart grids for the business model of electricity firms.
......................................................................................................................................................................... 15
HC5: Infrastructuur in de mobiliteitssector ...................................................................................................... 17
Beleid ........................................................................................................................................................... 19
HC6: Beleid – energie innovatie ....................................................................................................................... 19
Artikel: Borrás & Edquist (2013). The choice of innovation policy instruments................................................ 20
Artikel: Verbong, Geels & Raven (2008). Multi-niche analysis of dynamics and policies in Dutch renewable
innovation journeys. ......................................................................................................................................... 21
HC7: Innovatiebeleid in de mobiliteitssector .................................................................................................... 22
Vraag & draagvlak ........................................................................................................................................ 25
HC8: Vraag innovaties mobiliteit ..................................................................................................................... 25
Artikel: Lane & Potter (2007). The adoption of cleaner vehicles in the UK....................................................... 26
,Artikel: Heffner et al (2007). Symbolism in California’s early market for hybrid electric vehicles. ................... 27
HC9: Vraag en draagvlak energie technologieën ............................................................................................. 28
Artikel: Wüstenhagen et al. (2007). Social acceptance of renewable energy innovation ................................ 30
,Intro
Kenmerken van de energiesector:
- Energie is een primaire economische grondstof
- Grote spelers op een wereldwijd toneel
- Infrastructuren spelen een grote rol
- Grote ecologische impact
- Bemoeienis overheden
Waarom hernieuwbare energie (RET) zich zo langzaam ontwikkelt:
- Marktfalen
- Systeemfalen
- Juiste prijzen zijn niet genoeg om een radicale innovatie te stimuleren
Voor het succes van de RET moet het innovatiesysteem zich goed ontwikkelen. Alle factoren die de
ontwikkeling of het functioneren van het innovatiesysteem blokkeren worden ‘systemic problems’
genoemd.
Marktfalen paradigma: dit leidt meestal tot extra subsidies voor R&D van bepaalde technologieën, maar
het is vervolgens niet duidelijk naar welke actoren/technologieën die subsidies moeten gaan.
Innovatie-systeem paradigma: hieruit kan een beter ontworpen beleidsaanpak ontstaan, er zijn betere en
duidelijkere beleidsaanbevelingen mogelijk.
Het is belangrijk dat beleidsmakers iedere technologie apart bekijken voordat ze een stimuleringsbeleid
gaan maken, omdat het innovatiesysteem van iedere RET waarschijnlijk in een andere fase van
ontwikkeling is en het geen specifieke systemische problemen kent. Dit betekent dat ‘one model fits all’
mogelijk niet gaat werken.
Wat zijn ‘too strong interactions’? Dit gaat over een te gering onafhankelijk denken en handelen van
actoren, in veel gevallen een te grote samenhang tussen beleidsmakers en gevestigde partijen. Als er een
‘te sterke onderlinge afhankelijkheid is’, kan dat leiden tot beleid en instituties die bepaalde partijen
bevoordelen, vaak bestaande partijen, waardoor een RET geen voet aan de grond krijgt.
, Problemen met ‘aanbod’:
- Producten:
o Te weinig technologische kennis
o Onvoldoende realistische verwachtingen
o Te weinig gespecialiseerd personeel
- Marktstructuur
o Nieuwe technologie past niet in paradigma van gecentraliseerde
elektriciteitsopwekking
- Zwakke interactie problemen:
o Nieuwe bedrijven werken niet samen
- Sterke interactie problemen:
o Beleidsmakers en incumbents (= gevestigde bedrijven) sluiten bedrijven buiten.
Problemen met ‘beleid’:
- Snel wisselend beleid voor RET’s
- Vooral aandacht voor technologie die snel kan worden toegepast
- Afstemming beleid tussen niveaus is onvoldoende
- Afstemming beleid tussen sectoren is onvoldoende
- Subsidie houdt te vroeg op (Valley of Death)
Problemen met ‘infrastructuur’:
- Kennis-infrastructuur
o Onderzoek van universiteiten sluit niet aan bij vragen uit de praktijk
o Geringe interactie (kennisdeling) tussen onderzoek en bedrijven
- Fysieke infrastructuur
o Afwezigheid van specifieke infrastructuur
o Geen toegang tot bestaande infrastructuur
Problemen met ‘vraag/draagvlak’:
- Vraagarticulatie
o Nieuwe gebruikers weten niet precies wat ze nodig hebben
- Zachte institutionele problemen
o Incumbents en andere actoren delegitimiseren de nieuwe technologie
o Weerstand tegen windturbines en biomassa
Intro ............................................................................................................................................................... 3
HC-1: Intro E&T Technologieën .......................................................................................................................... 3
Artikel: Negro et al,. 2012 – A review of innovation system problems .............................................................. 3
Artikel: Geels 2012: transities in mobiliteit vanuit MLP ..................................................................................... 5
Aanbod .......................................................................................................................................................... 7
HC2: aanbod van innovaties in de mobiliteitsfactor .......................................................................................... 7
Artikel: First-mover advantages ......................................................................................................................... 9
HC3: Aanbod Energie-innovaties ...................................................................................................................... 10
Infrastructuur ............................................................................................................................................... 14
HC4: Infrastructuur & energietechnologie ....................................................................................................... 14
Artikel: Tassey (2000). Standaarden en innovatie ............................................................................................ 14
Artikel: Shoamli & Pinkse (2016). The consequences of smart grids for the business model of electricity firms.
......................................................................................................................................................................... 15
HC5: Infrastructuur in de mobiliteitssector ...................................................................................................... 17
Beleid ........................................................................................................................................................... 19
HC6: Beleid – energie innovatie ....................................................................................................................... 19
Artikel: Borrás & Edquist (2013). The choice of innovation policy instruments................................................ 20
Artikel: Verbong, Geels & Raven (2008). Multi-niche analysis of dynamics and policies in Dutch renewable
innovation journeys. ......................................................................................................................................... 21
HC7: Innovatiebeleid in de mobiliteitssector .................................................................................................... 22
Vraag & draagvlak ........................................................................................................................................ 25
HC8: Vraag innovaties mobiliteit ..................................................................................................................... 25
Artikel: Lane & Potter (2007). The adoption of cleaner vehicles in the UK....................................................... 26
,Artikel: Heffner et al (2007). Symbolism in California’s early market for hybrid electric vehicles. ................... 27
HC9: Vraag en draagvlak energie technologieën ............................................................................................. 28
Artikel: Wüstenhagen et al. (2007). Social acceptance of renewable energy innovation ................................ 30
,Intro
Kenmerken van de energiesector:
- Energie is een primaire economische grondstof
- Grote spelers op een wereldwijd toneel
- Infrastructuren spelen een grote rol
- Grote ecologische impact
- Bemoeienis overheden
Waarom hernieuwbare energie (RET) zich zo langzaam ontwikkelt:
- Marktfalen
- Systeemfalen
- Juiste prijzen zijn niet genoeg om een radicale innovatie te stimuleren
Voor het succes van de RET moet het innovatiesysteem zich goed ontwikkelen. Alle factoren die de
ontwikkeling of het functioneren van het innovatiesysteem blokkeren worden ‘systemic problems’
genoemd.
Marktfalen paradigma: dit leidt meestal tot extra subsidies voor R&D van bepaalde technologieën, maar
het is vervolgens niet duidelijk naar welke actoren/technologieën die subsidies moeten gaan.
Innovatie-systeem paradigma: hieruit kan een beter ontworpen beleidsaanpak ontstaan, er zijn betere en
duidelijkere beleidsaanbevelingen mogelijk.
Het is belangrijk dat beleidsmakers iedere technologie apart bekijken voordat ze een stimuleringsbeleid
gaan maken, omdat het innovatiesysteem van iedere RET waarschijnlijk in een andere fase van
ontwikkeling is en het geen specifieke systemische problemen kent. Dit betekent dat ‘one model fits all’
mogelijk niet gaat werken.
Wat zijn ‘too strong interactions’? Dit gaat over een te gering onafhankelijk denken en handelen van
actoren, in veel gevallen een te grote samenhang tussen beleidsmakers en gevestigde partijen. Als er een
‘te sterke onderlinge afhankelijkheid is’, kan dat leiden tot beleid en instituties die bepaalde partijen
bevoordelen, vaak bestaande partijen, waardoor een RET geen voet aan de grond krijgt.
, Problemen met ‘aanbod’:
- Producten:
o Te weinig technologische kennis
o Onvoldoende realistische verwachtingen
o Te weinig gespecialiseerd personeel
- Marktstructuur
o Nieuwe technologie past niet in paradigma van gecentraliseerde
elektriciteitsopwekking
- Zwakke interactie problemen:
o Nieuwe bedrijven werken niet samen
- Sterke interactie problemen:
o Beleidsmakers en incumbents (= gevestigde bedrijven) sluiten bedrijven buiten.
Problemen met ‘beleid’:
- Snel wisselend beleid voor RET’s
- Vooral aandacht voor technologie die snel kan worden toegepast
- Afstemming beleid tussen niveaus is onvoldoende
- Afstemming beleid tussen sectoren is onvoldoende
- Subsidie houdt te vroeg op (Valley of Death)
Problemen met ‘infrastructuur’:
- Kennis-infrastructuur
o Onderzoek van universiteiten sluit niet aan bij vragen uit de praktijk
o Geringe interactie (kennisdeling) tussen onderzoek en bedrijven
- Fysieke infrastructuur
o Afwezigheid van specifieke infrastructuur
o Geen toegang tot bestaande infrastructuur
Problemen met ‘vraag/draagvlak’:
- Vraagarticulatie
o Nieuwe gebruikers weten niet precies wat ze nodig hebben
- Zachte institutionele problemen
o Incumbents en andere actoren delegitimiseren de nieuwe technologie
o Weerstand tegen windturbines en biomassa